Doorslag van een uitgaande ambtelijke brief.
Origineel
Doorslag van een uitgaande ambtelijke brief. 9 oktober 1940. Een onbekende directeur van een overheidsinstantie (mogelijk binnen het Ministerie van Landbouw en Visserij). Bevat paraaf "M. Müller" en kenmerk "M/HG". [Rechtsboven, handgeschreven:] M. Müller
[Midden boven, handgeschreven schuin:] verzonden 10/10
[Rechtsboven, getypt:] M/HG.
de Directie van de Nederlandsche
Akkerbouw-Centrale,
Bezuidenhout 15,
’s-Gravenhage.
2A/5/20 M. 34 9 October 1940.
Gevolg gevende aan het verzoek vervat in Uw brief van 1 October jl. No.11390/B, heb ik de eer U als bijlagen te doen toekomen een specificatie van het bedrag groot f 7.809,26, dat op de betaling Uwer facturen in mindering werd gebracht, zoomede 33 bescheiden, welke daarop betrekking hebben.
Aangezien deze stukken kasbijlagen zijn, verzoek ik U beleefd ze na inzage aan mijn dienst te doen retourneeren.
De Directeur,
[Paars stempel rechtsonder:]
Accoord met door Directeur
geparafeerde minute.
De Secretaris * Inhoud: De brief dient als begeleidend schrijven bij een set van 33 bewijsstukken ("bescheiden"). Deze stukken moeten een inhouding van ƒ 7.809,26 op de betaling van facturen van de Nederlandsche Akkerbouw-Centrale rechtvaardigen. Vanwege de administratieve waarde als "kasbijlagen" wordt expliciet gevraagd de originele stukken na inzage terug te sturen.
* Administratieve controle: Het paarse stempel onderaan ("Accoord met door Directeur geparafeerde minute") duidt op een standaardprocedure waarbij de uiteindelijke brief door de secretaris is gecontroleerd tegen de door de directeur goedgekeurde kladversie (de 'minute').
* Terminologie: Het gebruik van "jl." (jongstleden), "heb ik de eer" en "beleefd" is kenmerkend voor de formele, ietwat archaïsche correspondentiestijl van de Nederlandse overheid in de eerste helft van de 20e eeuw. * Historische periode: De brief is gedateerd op 9 oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de toon strikt administratief is, vond deze correspondentie plaats in een tijd waarin de voedselvoorziening en landbouw onder strikte regie van de bezetter kwamen te staan.
* De Nederlandsche Akkerbouw-Centrale (NAC): Dit was een van de crisisinstellingen die in de jaren '30 waren opgericht om de landbouwmarkt te reguleren. Tijdens de bezetting bleven deze 'Centrales' bestaan, maar ze werden door de Duitsers ingezet om de Nederlandse landbouwproductie te controleren en te kanaliseren ten behoeve van de oorlogseconomie.
* Locatie: Het adres Bezuidenhout 15 in Den Haag lag in een wijk waar veel overheidsinstellingen waren gevestigd. Een groot deel van deze wijk, inclusief veel archieven en kantoren, zou later in de oorlog (maart 1945) worden verwoest door het geallieerde bombardement op het Bezuidenhout. Dit maakt bewaard gebleven documentatie uit deze periode extra relevant voor de reconstructie van de toenmalige bureaucratie.