Officieel rapport/ambtelijke correspondentie.
Origineel
Officieel rapport/ambtelijke correspondentie. 22 november 1940. [Stempel bovenin:]
Nº 2/B/160/1 M. 1940 23/11
R A P P O R T
A. Wijnschenk, oud 49 jaar en wonende IJselstraat 8 alhier, verzoekt om een erkenning als groothandelaar in groenten en fruit. Hij verklaart reeds 32 jaar in de betrokken groothandel werkzaam te zijn. Het is bij Marktwezen bekend, dat hij op de oude markt als groothandelaar zaken heeft gedaan in genoemde artikelen. Sedert de opening van de Centrale Markt is hij ook daar als grossier gevestigd. Als zoodanig heeft hij dan ook toegang tot de Centr: Markt. Voor zoover door mij kan worden beoordeeld heeft hij de vragen van zijn invulformulier naar waarheid beantwoord.
Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.
[Handgeschreven paraaf/handtekening linksonder, mogelijk "J. de Vos"]
Amsterdam 22 November 1940
Controleur,
[Handgeschreven aantekeningen over de tekst heen en onderaan:]
* Schuin omhoog geschreven: Verklaring doorzenden 27/11-'40 [gevolgd door paraaf]
* Onderaan: Verklaring stempelen en doorzenden naar de Verp. [Verpakking/Verpakkingsafdeling?]
* Onderaan rechts: [Paraaf/Handtekening met streep]
* Rechtsonder bij de paraaf: 26/11 '40 * Administratieve context: Het document is een zakelijk rapport opgesteld door een controleur van de Dienst van het Marktwezen. Het doel is het verifiëren van de beroepsstatus van Abraham Wijnschenk. De controleur bevestigt dat de aanvrager een ervaren handelaar is (32 jaar ervaring) die al sinds de opening op de Centrale Markt in Amsterdam (geopend in 1934) gevestigd is.
* Tijdsbeeld: Het rapport is opgesteld in november 1940, zes maanden na de Duitse inval. Op dit moment functioneren de Nederlandse gemeentelijke diensten nog grotendeels volgens de oude structuren, maar wel onder toezicht van de bezetter.
* Persoonsgegevens: De genoemde A. Wijnschenk woonde in de IJselstraat 8 in de Rivierenbuurt. Dit was een wijk waar veel Joodse Amsterdammers woonden. Uit archiefonderzoek blijkt dat Abraham Wijnschenk inderdaad een Joodse koopman was. Dit maakt het document historisch significant; het toont een ondernemer die probeert zijn bedrijfsvoering te legitimeren in een periode waarin de eerste anti-Joodse maatregelen (zoals de ariërverklaring voor ambtenaren in oktober 1940) reeds waren ingevoerd.
* Procesgang: De handgeschreven noten tonen de interne afhandeling: de controleur rapporteert op 22 november, een superieur geeft op 26 november opdracht tot stempelen en doorzenden, wat op 27 november wordt uitgevoerd. Dit document maakt deel uit van de administratieve geschiedenis van de Amsterdamse markthandel tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1940 en 1941 werden de regels voor handelaren aangescherpt, deels door schaarste en distributiebehoeften, maar ook als voorbereiding op de uitsluiting van Joodse ondernemers uit het economisch verkeer.
Hoewel dit specifieke rapport nog puur neutraal en vakinhoudelijk lijkt, zou de status van Wijnschenk als Joodse ondernemer kort na deze datum leiden tot grote beperkingen. Joodse handelaren werden vanaf 1941 stapsgewijs de toegang tot de Centrale Markthallen ontzegd en hun bedrijven werden vaak onder 'Verwalter' (bewindvoerder) gesteld of geliquideerd. Dit document is een 'stil' getuigenis van een ondernemer die op dat moment nog op basis van zijn 32-jarige staat van dienst werd beoordeeld.