Handgeschreven conceptbrief op officieel briefpapier.
Origineel
Handgeschreven conceptbrief op officieel briefpapier. 14 november 1940 (gebaseerd op de tekst). [Briefhoofd]
CONCEPT
CENTRALE DIENST VOOR DE LEVENSMIDDELENVOORZIENING
Amsterdam, .............................................. 194.......
Aan ..........................................................................
te .............................................................................
[In de marge]
L. waarschijnlijk
[Hoofdtekst]
H
Ten aanzien van het opslaan van
vetgehalten voor de distributie,
zal de ~~tweede~~ eerste ondergetekende zich
veroorloven binnen enkele dagen u
nader te rapporteren, daar hem
sedert de opstelling van het rapport
d.d. 29-10-40 ter zijner kennis
is gekomen, dat het Dep. v. Sociale
Zaken die vetgehalten in het komende
seizoen niet zal doen overschrijven.
Hierover zijn schriftelijk
inlichtingen aan dat Dep. gevraagd
en op 14-11-40 is op spoedige
beantwoording van die gevraagde
inlichtingen aangedrongen. Het document is een ambtelijk concept voor een brief of intern memo binnen de Centrale Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening (CDL). De schrijver (de 'eerste ondergetekende') kondigt een nader rapport aan over de opslag van vetgehalten (vetvoorraden) voor de distributie.
De kern van de boodschap is dat er nieuwe informatie is binnengekomen na een rapport van 29 oktober 1940. Het Departement van Sociale Zaken heeft blijkbaar besloten om de vetgehalten voor het komende seizoen niet te 'overschrijven' (over te dragen of administratief te verplaatsen). Er is op de dag van schrijven (14 november 1940) aangedrongen op een spoedige opheldering van dit besluit door het betreffende departement.
Een interessante correctie is te zien in de vierde regel, waar 'tweede' is doorgehaald en vervangen door 'eerste', wat duidt op een precisering van wie de verantwoordelijkheid neemt voor de rapportage. Dit document stamt uit november 1940, de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening speelde een cruciale rol in het beheersen van de voedselvoorraden en het uitvoeren van het distributiestelsel (de bonnenkaart).
Vetten en oliën waren schaarse goederen die strikt gerantsoeneerd werden. De communicatie tussen verschillende departementen (in dit geval CDL en Sociale Zaken) laat de bureaucratische complexiteit zien van het beheer van schaarse middelen in oorlogstijd. De term 'overschrijven' kan hier duiden op een boekhoudkundige handeling waarbij voorraden van het ene naar het andere budget of beheerselement worden overgedragen, wat blijkbaar essentieel was voor de planning van de distributie voor het komende winterseizoen.