Archief 745
Inventaris 745-308
Pagina 185
Dossier 100
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte rapportage (doorslag/carbon kopie), bladzijde 2.

Vermoedelijk eind december 1940 of begin januari 1941 (gebaseerd op de tekst "20 December jl." en de prognoseperiode beginnend op "1 Januari 1941").

Origineel

Getypte rapportage (doorslag/carbon kopie), bladzijde 2. Vermoedelijk eind december 1940 of begin januari 1941 (gebaseerd op de tekst "20 December jl." en de prognoseperiode beginnend op "1 Januari 1941"). Bladzijde 2.

De vraag rijst, gezien de cijfers betreffende de voorraden (ook die bij winkeliers aanwezig zijn) en die betreffende het geschatte verbruik, welke tijdens de laatste bespreking op 20 December jl. genoemd werden, of de aanvankelijk voorgenomen uitbreiding van den opslag met 1400 vaten nog wel noodig is. Immers het verbruik wordt getaxeerd op 10.000 vaten gedurende de periode van 1 Januari tot 30 April 1941. De voorraad, welke bij winkeliers aanwezig is, wordt voorzichtig geschat op 6500 vaten boonen en andijvie en 1000 vaten zuurkool. Totaal 7500 vaten. Hierbij komen de 1100 vaten, welke reeds voor de Gemeente zijn gereserveerd. Dit maakt tezamen uit: 8600 vaten. Bovendien kan de hoeveelheid zuurkool te leveren door de zuurkoolfabrikanten aan de grossiers in het aanstaande voorjaar, worden gesteld op 4000 vaten. De grossiers maken hierbij het voorbehoud, dat deze vaten eventueel niet voor export zouden worden gevorderd.

De grossiers hebben momenteel zelf nog een voorraad van 900 vaten groente, welke eventueel zouden worden opgenomen in de extra-reserve van 1400 vaten. De opvatting van de grossiers, dat ze deze vaten, indien ze niet krachtens overeenkomst met de Gemeente zouden worden geblokkeerd, voor een belangrijk gedeelte buiten Amsterdam zouden worden verkocht, kan ik niet deelen. De grossiers zijn immers verplicht, voor het behoud van hun normale clientèle, mede met het oog op den verkoop van andere artikelen, te zorgen dat zij deze clientèle zoo lang mogelijk kunnen bedienen. Het is niet aan te nemen, dat zij dus een belangrijk deel van deze 900 vaten naar buiten zullen verkoopen, zonder dat zij de zekerheid hebben, dat zij deze artikelen op andere wijze kunnen aanvullen ten behoeve van hun normalen afzet onder de Amsterdamsche winkeliers.

Op grond van een en ander mag mijns inziens worden aangenomen, dat de positie ten aanzien van de vatgroenten-voorziening van Amsterdam niet onrustbarend behoeft te worden geacht, zelfs als niet wordt overgegaan tot aanvulling van het loopende contract met 1400 vaten groente. Het document is een ambtelijk verslag of advies over de logistiek en distributie van houdbare groenten (in vaten geconserveerd, zoals zuurkool en peulvruchten). De kern van het betoog is een rekenkundige onderbouwing om af te zien van een extra bestelling van 1400 vaten. De schrijver concludeert dat de huidige voorraden bij winkeliers, de gemeentelijke reserve en de verwachte leveringen van fabrikanten voldoende zijn om de stad Amsterdam tot eind april 1941 te voeden.

Opvallend is de interactie tussen de 'grossiers' (groothandels) en de gemeente. De grossiers lijken te dreigen met verkoop buiten de stad als de gemeente hun voorraden niet officieel 'blokkeert' (vastlegt). De auteur van dit stuk doorziet dit echter als een strategisch argument en stelt dat grossiers hun eigen lokale klanten (de Amsterdamse winkeliers) niet in de steek zullen laten. Dit document dateert uit de eerste winter van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1941). Tijdens deze periode werd de distributie van voedsel steeds strakker gereguleerd door de overheid om tekorten te voorkomen en de export naar Duitsland te beheersen. De term "voor export worden gevorderd" in de eerste alinea verwijst direct naar de angst dat de bezetter beslag zou leggen op de voedselvoorraden voor de eigen troepen of de Duitse bevolking. Het document geeft een inkijk in de minutieuze wijze waarop het Amsterdamse stadsbestuur probeerde de voedselzekerheid te waarborgen in een tijd van toenemende schaarste en economische druk.

Samenvatting

Het document is een ambtelijk verslag of advies over de logistiek en distributie van houdbare groenten (in vaten geconserveerd, zoals zuurkool en peulvruchten). De kern van het betoog is een rekenkundige onderbouwing om af te zien van een extra bestelling van 1400 vaten. De schrijver concludeert dat de huidige voorraden bij winkeliers, de gemeentelijke reserve en de verwachte leveringen van fabrikanten voldoende zijn om de stad Amsterdam tot eind april 1941 te voeden.

Opvallend is de interactie tussen de 'grossiers' (groothandels) en de gemeente. De grossiers lijken te dreigen met verkoop buiten de stad als de gemeente hun voorraden niet officieel 'blokkeert' (vastlegt). De auteur van dit stuk doorziet dit echter als een strategisch argument en stelt dat grossiers hun eigen lokale klanten (de Amsterdamse winkeliers) niet in de steek zullen laten.

Historische Context

Dit document dateert uit de eerste winter van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1941). Tijdens deze periode werd de distributie van voedsel steeds strakker gereguleerd door de overheid om tekorten te voorkomen en de export naar Duitsland te beheersen. De term "voor export worden gevorderd" in de eerste alinea verwijst direct naar de angst dat de bezetter beslag zou leggen op de voedselvoorraden voor de eigen troepen of de Duitse bevolking. Het document geeft een inkijk in de minutieuze wijze waarop het Amsterdamse stadsbestuur probeerde de voedselzekerheid te waarborgen in een tijd van toenemende schaarste en economische druk.

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling Uilenburg 159.300
Aal en paling Waterlooplein 159.300
Aal en paling Waterlooplein 159.900
Aal en paling Waterlooplein **19.336**
Aal en paling Uilenburg 159.300
Aal en paling Uilenburg 19.336
Aal en paling Uilenburg 19.336
Aal en paling Waterlooplein 19.336
Aal en paling ........................ Uilenburg 218.275
Aal en paling ........................................ Uilenburg 19.336
Aal en paling ........................................ Uilenburg 159.300
Aal en paling ............................................................ Uilenburg 1.942
Aandeel huur hoofdkantoor Uilenburg
Aandeel huur hoofdkantoor Uilenburg 185,66 (a)
Aankoop kisten Uilenburg
Aankoop kisten Uilenburg
Aantal vaartuigen Uilenburg 73
Aantal vaartuigen Uilenburg 73
Aantal vaartuigen Waterlooplein 73
Aantal vaartuigen Waterlooplein 73
Aantal vaartuigen .................... Uilenburg 103
Afschrijving dubieuze debiteuren Uilenburg
Afschrijving dubieuze debiteuren ............... Uilenburg
Afschrijving dubieuze debiteuren .......................................... Uilenburg
Afschrijving Dubieuze Debiteuren Uilenburg
Afschrijving overeenkomende met de verplichte aflossing op leeningen Uilenburg
Afschrijving, overeenkomende met de verplichte aflossing op leeningen Uilenburg
Afschrijving, overeenkomende met de verplichte aflossing op leeningen Uilenburg
A. Geboorte Uilenburg
A. Geboorte Uilenburg 88
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3