Getypte brief (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie). 29 juni 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen). VB/DV.
Extra
3/7/2 M.
29 Juni 1940.
het Hoofd van de Afdeeling
Assurantiezaken,
Raadhuis, kamer 34,
A l h i e r.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 29 Mei jl. no.
VI.A.1. heb ik de eer U te berichten, dat bij het Marktwezen geen
motorvoertuigen buiten gebruik zijn gesteld.
De Directeur, De brief is een korte, formele ambtelijke mededeling. De kernboodschap is een reactie op een eerdere informatieaanvraag van 29 mei 1940. De afdeling Assurantiezaken (verzekeringen) van de gemeente wilde blijkbaar weten of er voertuigen buiten gebruik waren gesteld. De Directeur van het Marktwezen rapporteert hierop dat dit binnen zijn dienst niet het geval is.
De toon is uiterst hoffelijk en zakelijk, kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie van die tijd ("heb ik de eer U te berichten"). Het gebruik van de term "Alhier" duidt erop dat beide diensten zich in dezelfde stad bevonden, zeer waarschijnlijk Amsterdam, gezien de structuur van de genoemde diensten en de archiefcontext. Het document is gedateerd op 29 juni 1940, ruim een maand na het begin van de Duitse bezetting van Nederland (mei 1940). In deze vroege fase van de bezetting was de administratie van de stad volop bezig met het inventariseren van middelen en materieel.
De vraag naar motorvoertuigen die "buiten gebruik zijn gesteld" kan wijzen op verschillende zaken:
1. Vordering: De Duitse bezetter vorderde op grote schaal motorvoertuigen voor het leger.
2. Brandstofschaarste: Door de oorlogstoestand werd brandstof direct gerantsoeneerd, waardoor voertuigen mogelijk noodgedwongen stilstonden.
3. Verzekering: De afdeling Assurantiezaken moest op de hoogte zijn van de status van het wagenpark om verzekeringspremies aan te passen of claims af te handelen.
Dat er bij het Marktwezen (verantwoordelijk voor de bevoorrading en marktlogistiek) nog geen voertuigen buiten gebruik waren gesteld, suggereert dat de essentiële stedelijke diensten op dat moment nog probeerden de normale gang van zaken te handhaven. De handgeschreven aantekening "extra" suggereert dat dit document of de informatie erin een speciale status had binnen de administratieve verwerking. Marktwezen
Samenvatting
De brief is een korte, formele ambtelijke mededeling. De kernboodschap is een reactie op een eerdere informatieaanvraag van 29 mei 1940. De afdeling Assurantiezaken (verzekeringen) van de gemeente wilde blijkbaar weten of er voertuigen buiten gebruik waren gesteld. De Directeur van het Marktwezen rapporteert hierop dat dit binnen zijn dienst niet het geval is.
De toon is uiterst hoffelijk en zakelijk, kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie van die tijd ("heb ik de eer U te berichten"). Het gebruik van de term "Alhier" duidt erop dat beide diensten zich in dezelfde stad bevonden, zeer waarschijnlijk Amsterdam, gezien de structuur van de genoemde diensten en de archiefcontext.
Historische Context
Het document is gedateerd op 29 juni 1940, ruim een maand na het begin van de Duitse bezetting van Nederland (mei 1940). In deze vroege fase van de bezetting was de administratie van de stad volop bezig met het inventariseren van middelen en materieel.
De vraag naar motorvoertuigen die "buiten gebruik zijn gesteld" kan wijzen op verschillende zaken:
1. Vordering: De Duitse bezetter vorderde op grote schaal motorvoertuigen voor het leger.
2. Brandstofschaarste: Door de oorlogstoestand werd brandstof direct gerantsoeneerd, waardoor voertuigen mogelijk noodgedwongen stilstonden.
3. Verzekering: De afdeling Assurantiezaken moest op de hoogte zijn van de status van het wagenpark om verzekeringspremies aan te passen of claims af te handelen.
Dat er bij het Marktwezen (verantwoordelijk voor de bevoorrading en marktlogistiek) nog geen voertuigen buiten gebruik waren gesteld, suggereert dat de essentiële stedelijke diensten op dat moment nog probeerden de normale gang van zaken te handhaven. De handgeschreven aantekening "extra" suggereert dat dit document of de informatie erin een speciale status had binnen de administratieve verwerking.