Officiële brief/correspondentie van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële brief/correspondentie van de Gemeente Amsterdam. 20 november 1940. Gemeentelijk Materialenbureau, Oudezijds Achterburgwal 213, Amsterdam (Centrum). Heeren Hoofden van Diensten en Bedrijven. [Briefhoofd met wapen van Amsterdam]
Nº 7/27/4 M.1940 21/11
Gemeentelijk Materialenbureau
Oudezijds Achterburgwal 213 Amsterdam (Centrum)
Telefoon 43321, 43130
Toestellen 483, 568, 569, 576
Aan: Heeren
Hoofden van
Diensten en Bedrijven
Verzoeke bij beantwoording datum en nummer van dezen brief te vermelden
No. 26/3 G.M.B.
Amsterdam, 20 NOV. 1940 194
Bijlagen:
[Handgeschreven aantekeningen in de marge en bovenaan de tekst:]
Hr. Styrum
Hr. Zuilenhard?
th. [onleesbaar]
[Cirkel met paraaf 'B']
Ten vervolge op mijn schrijven van 6 November j.l. bericht ik U, dat alsnog is gebleken, dat aan de afdeeling Kaden van den Dienst der Gemeente Handelsinrichtingen nog het volgende van het Lloyd's hotel afkomstige meubilair overcompleet is.
10 eikenhouten tafels, 60 x 75 c.M.
22 eikenhouten tafels, 75 x 100 c.M.
2 eikenhouten tafels, 100 x 200 c.M.
1 eikenhouten tafel, 100 x 177 c.M. beschadigd.
4 eikenhouten tafels, 70 x 180 c.M.
1 eikenhouten tafel, 100 x 175 c.M.
2 eikenhouten tafels, 100 x 175 c.M. beschadigd.
1 vurenhouten tafel, 100 x 200 c.M.
2 beukenhouten tafels, 70 x 110 c.M.
3 wit geschilderde tafels, 60 x 75 c.M.
1 wit geschilderde tafel, 60 x 65 c.M.
1 wit geschilderde tafel 50 x 50 c.M.
127 beukenhouten stoelen.
13 wit geschilderde stoelen.
16 wit geschilderde nachtkastjes, 37 x 42 c.M.
11 eikenhouten nachtkastjes, 38 x 46 c.M.
[Onderaan de pagina in kleine druk:]
1000-8-'40 Deze brief van het Gemeentelijk Materialenbureau aan de hoofden van de diverse gemeentelijke diensten en bedrijven dient als een interne kennisgeving over de beschikbaarheid van "overcompleet" (overtollig) meubilair. De lijst is zeer specifiek en bevat diverse soorten tafels (eiken, vuren, beuken, geschilderd), stoelen en nachtkastjes, inclusief hun afmetingen en conditie (sommige worden als beschadigd vermeld).
Het meubilair is afkomstig van het "Lloyd's hotel" en werd op dat moment beheerd door de afdeling Kaden van de Dienst der Gemeente Handelsinrichtingen. De brief is een vervolg op een eerdere correspondentie van 6 november 1940, wat wijst op een lopend proces van herverdeling van gemeentelijke goederen. De handgeschreven namen in de kantlijn suggereren dat de brief is gerouteerd langs specifieke functionarissen (mogelijk de heren Van Styrum en Zuilenhard) voor kennisname of verdere actie. De datum van de brief, 20 november 1940, is van historisch belang: Nederland bevond zich toen in het eerste jaar van de Duitse bezetting. Het Lloyd Hotel aan de Oostelijke Handelskade in Amsterdam heeft een bewogen geschiedenis. Het werd oorspronkelijk gebouwd door de Koninklijke Hollandsche Lloyd (KHL) als emigrantenhotel. In de jaren 1930, tijdens de crisis, raakte de KHL in financiële problemen en nam de gemeente Amsterdam het gebouw over.
Vanaf 1938 tot aan de Duitse inval in mei 1940 diende het gebouw als opvangcentrum voor Joodse vluchtelingen uit Duitsland. Direct na de capitulatie namen de Duitse bezetters het gebouw in gebruik als huis van bewaring (de "Lloyd-gevangenis"). Deze brief over de herbestemming van het meubilair valt precies in de periode dat de functie van het gebouw radicaal veranderde onder het nieuwe regime. Het feit dat het meubilair als "overcompleet" wordt aangemerkt door de gemeente, hangt waarschijnlijk samen met de ontruiming van het hotel als vluchtelingenopvang en de transformatie naar een gevangenis of een ander militair/bestuurlijk gebruik door de bezetter, waarbij de oorspronkelijke inventaris niet langer nodig was voor de nieuwe bestemming.