Officieel rapport / ambtelijke correspondentie.
Origineel
Officieel rapport / ambtelijke correspondentie. 7 november 1938 (met aantekeningen tot 18 november 1938). [Linksboven]
Nº 25/211 / M. 1938 18/11
Onderwerp:
Bijstand van plaats-
houder zonder toestemming
v/h Directeur v/h Marktwezen.
[Rechtsboven]
8a [in rood potlood]
Den Weled Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier
[Midden]
Rapport
[Margenotities rechts]
Oproepen op 11-11-’38
dellan [?]
P 16/11 ’38
[Hoofdtekst]
De vruchtenkoopman P. van Houten, pl. 230 Al. Cuyp laat zich des Zaterdags als regel en op andere dagen bij uitzondering assisteeren of vervangen door Jantje Koontje, een scholier van ± 12 jaar.
Waar waarschuwingen m.z. om zulks te laten niet het gewenschte effect sorteeren komt het mij noodzakelijk voor den heer Houten op grond van art. 19 van het Reglement op de Markten te straffen.
Amsterdam, 7 Nov ’38
[Handtekening, mogelijk P. Timmerman]
[Links onder handtekening]
C. Boshart 12 II
[Onderaan het document]
In verband met het bovenstaande stel ik u voor P. van Houten voorwaardelijk het recht te ontnemen een plaats op een der markten in te nemen en wel voor den duur van 2 dagen 22/11/’38.
[In rood:] Zelfde brief als 18-11-38
[In blauw/zwart:] "dat U niet des Zaterdags 26/11/38 naar Van Cleef." [?]
[Rechtsonder in potlood]
deze man is toch al meermalen gestraft! Dit document is een disciplinair rapport van de Amsterdamse marktinsectie uit 1938. De kern van de zaak is dat de vruchtenkoopman P. van Houten, die een vaste standplaats (nummer 230) op de Albert Cuypmarkt had, de regels overtrad door zich te laten helpen of vervangen door een 12-jarige scholier, Jantje Koontje.
Volgens het toenmalige Marktreglement (artikel 19) was het niet toegestaan om zonder uitdrukkelijke toestemming van de Directeur van het Marktwezen hulp te hebben van onbevoegden, zeker niet wanneer het minderjarigen betrof. De rapporteur merkt op dat eerdere waarschuwingen geen effect hebben gehad ("niet het gewenschte effect sorteeren").
Als strafmaatregel wordt voorgesteld om Van Houten voorwaardelijk zijn recht op een marktplaats te ontnemen voor de duur van twee dagen. De handgeschreven notitie onderaan ("deze man is toch al meermalen gestraft!") suggereert dat Van Houten een bekende was van de inspectie en vaker de regels aan zijn laars lapte. De Albert Cuypmarkt was in 1938 al een van de belangrijkste markten van Amsterdam. Het Marktwezen hield streng toezicht op de naleving van de verordeningen om de orde te handhaven en eerlijke concurrentie te waarborgen.
Dit document biedt een inkijkje in de sociale geschiedenis van vooroorlogs Amsterdam:
1. Kinderarbeid: Hoewel de leerplichtwet al bestond, was het in de jaren '30 niet ongebruikelijk dat kinderen uit volksbuurten na schooltijd of op zaterdag bijverdienden op de markt. De overheid trad hier echter tegen op via de marktreglementen.
2. Handhaving: Het systeem van waarschuwingen, rapportages en tijdelijke ontzegging van de standplaats toont de bureaucratische nauwkeurigheid waarmee de gemeente de openbare handel reguleerde.
3. Tijdsgeest: De crisisjaren '30 zorgden ervoor dat marktkooplieden creatieve (en soms illegale) manieren zochten om kosten te drukken of hun handel draaiende te houden, wat vaak leidde tot conflicten met de inspecteurs van het Marktwezen.