Archief 745
Inventaris 745-316
Pagina 239
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijk advies / Brief

16 juli 1940

Origineel

Ambtelijk advies / Brief 16 juli 1940 om de Rooij preferentie te verleenen voor het begeerde
staan, wel op moreele gronden:
1. Vanaf voorjaar 1936 tot Maart 1940 stond de
Rooij dagelijks op de losse plaats voor perceel
Albert Cuypstraat 199;
2. Op het onder sub 1. genoemde punt is door hem
een zaak opgebouwd, die hij tegen zijn wil,
doch in ’s lands belang, heeft moeten verlaten;
3. Als genoemde de Rooij in Maart ll. niet in
werkelijke dienst was geroepen, zou hij mo-
menteel nog dagelijks de losse plaats bezetten;
4. De vruchten van een bestaansopbouw
worden thans door een derden geplukt;
5. De tegenwoordige losseplaatsbezetter is
de plaats voor perceel Albert Cuypstraat 199
tijdelijk toegewezen.

Gelet op bovengenoemde motieven stel
ik U voor den Directeur v/h Marktwezen te advi-
seeren, dat door hem in toepassing wordt
gebracht artikel 35 van het Reglement op de
markten en in afwijking van het anciënni-
teitsrecht van anderen, de losse plaats tijde-
lijk wordt toegewezen aan M. de Rooij.

Amsterdam, 16 Juli ’40
(w.g.) [Onleesbare handtekening, mogelijk C. Sommerhalder] Het document is een pleidooi voor een marktkoopman, M. de Rooij, die door de mobilisatie (maart 1940) zijn vaste standplaats aan de Albert Cuypstraat 199 in Amsterdam is kwijtgeraakt. De auteur voert "morele gronden" aan om de regels van het anciënniteitsrecht (wie het langst wacht, heeft het meeste recht) tijdelijk opzij te schuiven ten gunste van De Rooij.

De kernpunten van het argument zijn:
* Continuïteit: De Rooij stond er al vier jaar (1936-1940).
* Overmacht: Hij vertrok niet vrijwillig, maar vanwege militaire dienst ("'s lands belang").
* Onrechtvaardigheid: Een ander profiteert nu van de klantenkring/naam die De Rooij daar heeft opgebouwd.
* Juridische grondslag: Er wordt geadviseerd artikel 35 van het marktreglement te gebruiken om een uitzondering te maken. Dit document is geschreven op 16 juli 1940, exact twee maanden na de Nederlandse capitulatie in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode keerden veel gemobiliseerde soldaten terug naar het burgerleven en ontdekten dat hun banen of standplaatsen vergeven waren aan anderen.

De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De strijd om een goede "losse plaats" (een plek die niet vast toegewezen is aan een vergunninghouder, maar per dag wordt uitgegeven) was groot. De verwijzing naar "'s lands belang" en "werkelijke dienst" duidt op de Nederlandse mobilisatie tegen de Duitse inval. Het document toont de bureaucratische afhandeling van de sociale gevolgen van de oorlog op lokaal niveau in het begin van de bezettingstijd.

Samenvatting

Het document is een pleidooi voor een marktkoopman, M. de Rooij, die door de mobilisatie (maart 1940) zijn vaste standplaats aan de Albert Cuypstraat 199 in Amsterdam is kwijtgeraakt. De auteur voert "morele gronden" aan om de regels van het anciënniteitsrecht (wie het langst wacht, heeft het meeste recht) tijdelijk opzij te schuiven ten gunste van De Rooij.

De kernpunten van het argument zijn:
* Continuïteit: De Rooij stond er al vier jaar (1936-1940).
* Overmacht: Hij vertrok niet vrijwillig, maar vanwege militaire dienst ("'s lands belang").
* Onrechtvaardigheid: Een ander profiteert nu van de klantenkring/naam die De Rooij daar heeft opgebouwd.
* Juridische grondslag: Er wordt geadviseerd artikel 35 van het marktreglement te gebruiken om een uitzondering te maken.

Historische Context

Dit document is geschreven op 16 juli 1940, exact twee maanden na de Nederlandse capitulatie in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode keerden veel gemobiliseerde soldaten terug naar het burgerleven en ontdekten dat hun banen of standplaatsen vergeven waren aan anderen.

De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De strijd om een goede "losse plaats" (een plek die niet vast toegewezen is aan een vergunninghouder, maar per dag wordt uitgegeven) was groot. De verwijzing naar "'s lands belang" en "werkelijke dienst" duidt op de Nederlandse mobilisatie tegen de Duitse inval. Het document toont de bureaucratische afhandeling van de sociale gevolgen van de oorlog op lokaal niveau in het begin van de bezettingstijd.

Locaties

Amsterdam

Gerelateerde Documenten 6