Archiefdocument
Origineel
22 juli 1910 Waarschijnlijk een (assistent-)inspecteur van het Marktwezen (ondertekening lijkt G.J. Moelhuysen) Advies op No 20/103 f/1 Afd.
Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.
Naar aanleiding van bijgaand verzoek van
A. Agteribbe, pl. v. d. Al., diene het volgende:
De heer Agteribbe is compagnon met den
heer J. de Waal, pl. v. d. Al., en den heer de Vries, den
officieelen assistent van de Waal.
Dit driemanschap beschikt al jaren over twee
vaste plaatsen (pl. de Waal en pl. Agteribbe).
De tijden hebben Agteribbe niet onberoerd gelaten,
zoodat hij de hand aan zijn leven heeft trachten
te slaan, doch thans zoover hersteld is, dat hij, alhoe-
wel overspannen, de markt is gaan bezoeken.
Voor volledig herstel is hij thans in een rusthuis
opgenomen.
Bedoeling is thans, dat zijne vrouw gedurende
de zaak waarneemt, daarbij bijgestaan, hetzij als
hulp of vervanger, door A. Butriek, geb. 25 Juli 70.
M.i. bestaat voor een omlijnd tijdvak tegen inwilliging
van het verzoek geen bezwaar, mits een doktersverkla-
ring wordt overgelegd.
Amst. 22 Juli 10.
[w.g.] G.J. Moelhuysen Het document is een verslag over de precaire situatie van een Amsterdamse marktkoopman, A. Agteribbe. Hij vormt een zakelijk samenwerkingsverband met de heren De Waal en De Vries voor de exploitatie van twee vaste marktplaatsen. De tekst onthult dat Agteribbe door zware persoonlijke of financiële omstandigheden ("de tijden") tot een suïcidepoging is gedreven. Hoewel hij fysiek voldoende hersteld is om de markt weer te bezoeken, wordt hij als "overspannen" omschreven en is hij ter verdere genezing opgenomen in een rusthuis.
Het advies aan de inspecteur is om akkoord te gaan met een tijdelijke vervanging: de echtgenote van Agteribbe zal de zaken waarnemen, ondersteund door A. Butriek. De ambtenaar stelt een positief advies op voor een beperkte periode ("omlijnd tijdvak"), op voorwaarde dat er een medische verklaring van een arts wordt overlegd. In het begin van de 20e eeuw was het beheer van de Amsterdamse markten (zoals de Albert Cuypmarkt, waarnaar de afkorting "pl. v. d. Al." vermoedelijk verwijst) streng gereguleerd. Een vaste standplaats was een waardevol bezit. Bij ziekte of afwezigheid was expliciete toestemming van het Marktwezen nodig om de plek door derden te laten bezetten, om misbruik of illegale onderverhuur te voorkomen.
De brief geeft een zeldzaam en indringend inkijkje in de menselijke tragedies achter de marktvergunningen. Psychische problemen werden in die tijd vaak geschaard onder de noemer "overspannenheid" of "zenuwziekte". De bureaucratie toont zich hier enerzijds formeel (eis van doktersverklaring), maar anderzijds ook pragmatisch en meedenkend met de sociale situatie van de koopman.