Archief 745
Inventaris 745-316
Pagina 292
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijk advies / Interne correspondentie.

22 juli 1925. Van: Onleesbare handtekening (vermoedelijk een ambtenaar of sectiehoofd van het Marktwezen).

Origineel

Ambtelijk advies / Interne correspondentie. 22 juli 1925. Onleesbare handtekening (vermoedelijk een ambtenaar of sectiehoofd van het Marktwezen). [Linksboven:]
Advies op No 230/1 MW.

[Rechtsboven:]
Den Weled. Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.

In verband met bijgaand verzoek van Mw. de Wed. M. de Breede, zaak drijvende in het souterrain van perc. Alb. Cuypstraat 123, diene het volgende:

Bedoeling van verzoekster is een plaats te verkrijgen voor haar zaak.

Zulks is niet mogelijk, omdat de plaatsen worden toegewezen aan de hand van het Marktreglement.

De oude voorschriften in het belang der openbare orde op de markten waren destijds veel soepeler, omdat voor de straatmarkten rekening gehouden werd met den winkeliers-marktkoopman.

Het was zelfs een der voornaamste verzoeken van de Alg. winkeliersvereeniging toen in December '23 deze markt onder beheer van het Marktwezen werd geplaatst om plaatsen te reserveeren voor winkeliers, die zulks wenschten en ook inderdaad verkregen van M.W.

M.i. dient thans, gezien art. 7 v/h Reglement op de markten, het verzoek te worden afgewezen.

Amst. 22 Juli '25.
[Handtekening] Dit document is een ambtelijk negatief advies met betrekking tot de toewijzing van een standplaats op de markt. De kern van de zaak is de spanning tussen de oude informele praktijken en de nieuwe, striktere regelgeving die in 1923 werd ingevoerd.

  • De verzoekster: Mevrouw de Weduwe M. de Breede exploiteert een winkel in een souterrain aan de Albert Cuypstraat 123. Zij wenst een vaste marktplaats direct voor of bij haar zaak.
  • De juridische grondslag: De ambtenaar baseert zijn afwijzing op Artikel 7 van het Marktreglement. Sinds de markt in december 1923 onder direct beheer van het 'Marktwezen' kwam, is de willekeur of het privilege voor winkeliers (de zogenaamde "winkeliers-marktkoopman") ingeperkt.
  • Historische verandering: De tekst refereert aan een overgangsperiode. Vóór december 1923 waren de regels "soepeler". De Algemeene Winkeliersvereeniging had destijds bedongen dat winkeliers voorrang of gereserveerde plaatsen zouden krijgen, maar de nieuwe bureaucratische orde van het Marktreglement laat dit blijkbaar niet meer toe op de wijze die verzoekster wenst. De Albert Cuypmarkt in Amsterdam werd officieel ingesteld in 1905, maar de eerste decennia waren chaotisch. In de jaren '20 van de vorige eeuw probeerde de gemeente Amsterdam de straathandel te reguleren om de doorstroming en openbare orde te verbeteren.

Veel winkeliers in de straat zagen de markt als een verlengstuk van hun nering en claimden het recht om de stoep of de straat direct voor hun deur te gebruiken. In 1923 vond er een belangrijke centralisatie plaats waarbij het Marktwezen de volledige controle kreeg over de indeling. Dit document illustreert de bureaucratisering van het Amsterdamse straatbeeld: waar voorheen lokale afspraken en tradities ("de winkeliers-marktkoopman") de doorslag gaven, regeert in 1925 het uniforme reglement. De afwijzing van het verzoek van de weduwe De Breede is een direct gevolg van deze modernisering van het marktbeheer.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk negatief advies met betrekking tot de toewijzing van een standplaats op de markt. De kern van de zaak is de spanning tussen de oude informele praktijken en de nieuwe, striktere regelgeving die in 1923 werd ingevoerd.

  • De verzoekster: Mevrouw de Weduwe M. de Breede exploiteert een winkel in een souterrain aan de Albert Cuypstraat 123. Zij wenst een vaste marktplaats direct voor of bij haar zaak.
  • De juridische grondslag: De ambtenaar baseert zijn afwijzing op Artikel 7 van het Marktreglement. Sinds de markt in december 1923 onder direct beheer van het 'Marktwezen' kwam, is de willekeur of het privilege voor winkeliers (de zogenaamde "winkeliers-marktkoopman") ingeperkt.
  • Historische verandering: De tekst refereert aan een overgangsperiode. Vóór december 1923 waren de regels "soepeler". De Algemeene Winkeliersvereeniging had destijds bedongen dat winkeliers voorrang of gereserveerde plaatsen zouden krijgen, maar de nieuwe bureaucratische orde van het Marktreglement laat dit blijkbaar niet meer toe op de wijze die verzoekster wenst.

Historische Context

De Albert Cuypmarkt in Amsterdam werd officieel ingesteld in 1905, maar de eerste decennia waren chaotisch. In de jaren '20 van de vorige eeuw probeerde de gemeente Amsterdam de straathandel te reguleren om de doorstroming en openbare orde te verbeteren.

Veel winkeliers in de straat zagen de markt als een verlengstuk van hun nering en claimden het recht om de stoep of de straat direct voor hun deur te gebruiken. In 1923 vond er een belangrijke centralisatie plaats waarbij het Marktwezen de volledige controle kreeg over de indeling. Dit document illustreert de bureaucratisering van het Amsterdamse straatbeeld: waar voorheen lokale afspraken en tradities ("de winkeliers-marktkoopman") de doorslag gaven, regeert in 1925 het uniforme reglement. De afwijzing van het verzoek van de weduwe De Breede is een direct gevolg van deze modernisering van het marktbeheer.

Locaties

Amsterdam (afgekort als "Amst.").

Gerelateerde Documenten 6