Archiefdocument
Origineel
23 juli 1940 De Directeur van het Marktwezen Amsterdam [Briefhoofd met logo van Amsterdam en drie kruizen]
MARKTWEZEN AMSTERDAM HG.
[Handgeschreven aantekening rechtsboven:]
Verzonden 23/7
TELEFOONNUMMER 85151 | VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 25/142/4 M.
BIJLAGE _
ONDERWERP : _
AMSTERDAM (W.) 23 Juli 1940.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN den Heer J.Gosler,
Valkenburgerstraat 83 I,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.
[Getypte tekst met handmatige toevoegingen:]
Albert
Op grond van het feit, dat U geen geregeld gebruik
Cuypstraat
van de U verleende voorkeurskaart voor de markt
heeft gemaakt, behoort de inschrij-
ving op de sollicitantenlijst voor bovengenoemde markt,
ingevolge artikel 10 van het Reglement op de Markten, te
worden geschrapt.
24 Juli a.s. om 9 uur v.m.
Alvorens hiertoe te besluiten roep ik U op om op
te komen bij den In-
specteur van mijn dienst, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-
West.
De Directeur,
[Linksonder:] A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-9-'39-526. Dit document is een officiële ambtelijke oproep van het Marktwezen in Amsterdam. De heer J. Gosler wordt op de hoogte gesteld van het voornemen om zijn inschrijving op de sollicitantenlijst voor de Albert Cuypmarkt te schrappen. De reden hiervoor is een vermeende schending van Artikel 10 van het Reglement op de Markten: hij zou onvoldoende gebruik hebben gemaakt van zijn 'voorkeurskaart'. De brief dient als een sommatie om de volgende ochtend (24 juli) persoonlijk te verschijnen bij de inspecteur om de zaak te bespreken voordat een definitief besluit wordt genomen. Het is een standaard formulier waarbij de specifieke details zoals naam, markt en datum met een typemachine zijn ingevuld. De datum van de brief, 23 juli 1940, is cruciaal. Nederland was op dat moment ruim twee maanden bezet door nazi-Duitsland. De geadresseerde woonde in de Valkenburgerstraat, een straat in de Amsterdamse Jodenbuurt. Gezien de achternaam en het adres is het zeer waarschijnlijk dat de heer Gosler Joods was.
Hoewel de brief een beroep doet op reguliere marktvoorschriften, past dit document in de context van de beginnende uitsluiting van Joden uit het economische leven. De Duitse bezetter en het meewerkende Amsterdamse stadsbestuur begonnen al vroeg met het streng handhaven of aanpassen van regels om Joodse marktkooplieden van hun standplaatsen en vergunningen te beroven. Het wegzuiveren van Joodse kooplieden van populaire markten zoals de Albert Cuypmarkt was een systematisch proces. De uiterst korte termijn van de oproep (minder dan 24 uur na verzending) onderstreept de dwingende aard van deze bureaucratische maatregel.