Officiële brief (waarschijnlijk een doorslag voor het archief).
Origineel
Officiële brief (waarschijnlijk een doorslag voor het archief). 23 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Marktdienst Amsterdam). den Heer B. Schelvis, Louis Bothastraat 16 III, Amsterdam. 2 ex. fr. de Haer [handgeschreven]
HG. [stempel]
25/221/2 M.
Verzonden 23/11-'40. [handgeschreven]
23 November 1940.
den Heer B.Schelvis,
Louis Bothastraat 16 III,
Amsterdam-Oosst
-------------------------
Wijk 20.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 5 November jl.
verleen ik U hierby tot wederopzegging toestemming zich op Uw
plaats op de markt(en) Albert Cuypstraat
te laten bystaan - niet vervangen - dooMej.H.E.Duchart-Crapels,
geboren 11 Juni 1918.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een formele toestemming aan de heer B. Schelvis om een assistente, mejuffrouw H.E. Duchart-Crapels (geboren in 1918), aan te stellen op zijn marktplaats aan de Albert Cuypstraat.
* Formulering: Er wordt expliciet vermeld dat zij hem mag "bijstaan" maar "niet vervangen". Dit duidt op strikte reglementering waarbij de vergunninghouder persoonlijk aanwezig moest zijn. De toestemming is verleend "tot wederopzegging", wat de autoriteit de macht geeft deze op elk moment in te trekken.
* Taal en spelling: Er wordt gebruikgemaakt van verouderde spelling ("hierby", "bystaan"). Er zijn enkele typefouten zichtbaar die kenmerkend zijn voor handmatig typewerk uit die tijd, zoals "Oosst" (voor Oost) en "dooMej." (waarbij 'door' en 'Mej.' in elkaar zijn gelopen).
* Identificatie: De handgeschreven notitie rechtsboven ("2 ex. fr. de Haer") verwijst mogelijk naar het aantal kopieën of een specifieke ambtenaar/afdeling. Dit document is historisch beladen vanwege de datum en de geadresseerde. Het is geschreven in november 1940, tijdens de eerste maanden van de Duitse bezetting van Nederland. De geadresseerde, Barend Schelvis (1891-1942), was een Joodse marktkoopman in Amsterdam. Hij was de vader van Jules Schelvis, de bekende overlevende van zeven concentratiekampen en geschiedschrijver van vernietigingskamp Sobibor.
De Louis Bothastraat 16 III lag in de Transvaalbuurt, een wijk waar destijds veel Joodse Amsterdammers woonden. In de periode dat deze brief werd gestuurd, werden de eerste anti-Joodse maatregelen op de Amsterdamse markten ingevoerd. Kort na deze correspondentie, in 1941, werd het Joden verboden om nog langer op de reguliere markten te staan. Barend Schelvis werd uiteindelijk in 1942 weggevoerd en vermoord in Auschwitz. Dit document vormt een tastbare herinnering aan de bureaucratische realiteit van Joodse burgers vlak voordat hun de middelen van bestaan volledig werden ontnomen. B. Schelvis H.E. Duchart