Archief 745
Inventaris 745-318
Pagina 114
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag of officieel afschrift).

25 november 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam).

Origineel

Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag of officieel afschrift). 25 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). 25/232/2 M.

[handgeschreven:] extra

HG.

25 November 1940.

Mw. B. ten Hoeve,
Albert Cuypstraat 167 II,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 14.

Naar aanleiding van Uw brief xxxingekomen op 15 dezer verleen ik U hierbij tot wederopzegging toestemming zich op Uw plaats op de markt(en) Albert Cuypstraat te laten bijstaan - niet vervangen - door Uw moeder J. Putting-Cornelisse.

De Directeur, * Inhoud: Het document is een officiële toestemming van de Directeur (van de Markten) aan mevrouw B. ten Hoeve. Naar aanleiding van een verzoek van 15 november 1940 mag zij zich op haar marktplaats aan de Albert Cuypstraat laten bijstaan door haar moeder, J. Putting-Cornelisse.
* Juridische/Administratieve aard: De toestemming is strikt geformuleerd: het gaat om bijstand, expliciet niet om vervanging. Dit wijst op een strenge controle op wie er feitelijk achter een marktkraam stond. De toestemming is "tot wederopzegging", wat betekent dat de directie het recht behield de toestemming op elk moment in te trekken.
* Vorm: De brief vertoont de typische kenmerken van administratieve correspondentie uit die tijd, inclusief het wijknummer (Wijk 14) en de onderstreping van de stad. De typefout bij "ingekomen" (hersteld door eroverheen te typen) is kenmerkend voor handmatig typewerk. * Tijdsbeeld: De datum, 25 november 1940, plaatst dit document in de eerste maanden van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Locatie: De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. In 1940 was dit een plek met veel Joodse kooplieden en een sterke sociale cohesie.
* Historische relevantie: Hoewel dit op het eerste gezicht een triviale administratieve handeling lijkt, is de context van de bezetting van groot belang. De administratie van marktkraamhouders en hun personeel werd door de bezetter en de meewerkende Nederlandse bureaucratie nauwgezet bijgehouden. In de loop van 1941 werden de regels voor de markten aangescherpt, specifiek gericht op het weren van Joodse kooplieden. Dergelijke dossiers vormden de basis voor de latere uitsluiting en vervolging van specifieke groepen in de Amsterdamse economie. Dit document toont aan hoe de normale bureaucratie bleef functioneren terwijl de maatschappelijke situatie onder druk van de bezetting drastisch veranderde. J. Putting

Samenvatting

  • Inhoud: Het document is een officiële toestemming van de Directeur (van de Markten) aan mevrouw B. ten Hoeve. Naar aanleiding van een verzoek van 15 november 1940 mag zij zich op haar marktplaats aan de Albert Cuypstraat laten bijstaan door haar moeder, J. Putting-Cornelisse.
  • Juridische/Administratieve aard: De toestemming is strikt geformuleerd: het gaat om bijstand, expliciet niet om vervanging. Dit wijst op een strenge controle op wie er feitelijk achter een marktkraam stond. De toestemming is "tot wederopzegging", wat betekent dat de directie het recht behield de toestemming op elk moment in te trekken.
  • Vorm: De brief vertoont de typische kenmerken van administratieve correspondentie uit die tijd, inclusief het wijknummer (Wijk 14) en de onderstreping van de stad. De typefout bij "ingekomen" (hersteld door eroverheen te typen) is kenmerkend voor handmatig typewerk.

Historische Context

  • Tijdsbeeld: De datum, 25 november 1940, plaatst dit document in de eerste maanden van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
  • Locatie: De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. In 1940 was dit een plek met veel Joodse kooplieden en een sterke sociale cohesie.
  • Historische relevantie: Hoewel dit op het eerste gezicht een triviale administratieve handeling lijkt, is de context van de bezetting van groot belang. De administratie van marktkraamhouders en hun personeel werd door de bezetter en de meewerkende Nederlandse bureaucratie nauwgezet bijgehouden. In de loop van 1941 werden de regels voor de markten aangescherpt, specifiek gericht op het weren van Joodse kooplieden. Dergelijke dossiers vormden de basis voor de latere uitsluiting en vervolging van specifieke groepen in de Amsterdamse economie. Dit document toont aan hoe de normale bureaucratie bleef functioneren terwijl de maatschappelijke situatie onder druk van de bezetting drastisch veranderde.

Genoemde Personen 1

Locaties

Albert Cuypmarkt

Producten

A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Oorlogssurrogaten: Vervanging Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 3