Dossieromslag of doorzendblad (routing slip).
Origineel
Dossieromslag of doorzendblad (routing slip). [Linksboven - voorgedrukt kader]
BIJBLAD VAN:
M. No. 26/1/1
193~~9~~ 40
DOORGEZONDEN: 3/1 - '40
[Rechtsboven - handgeschreven]
W. de Wolf 987
Hr Remy
ter kennisneming
8-1-40
deHaan [handtekening]
[Middenrechts - handgeschreven]
Niet bestemd voor dagpers:
wel Westersche:
J.R. [initialen]
[Rechtsonder - handgeschreven]
vorm neemt plaats
Dagperskaart in
[Onleesbare paraaf]
19-1-1940
Opbergen
22-1-40
deHaan [handtekening]
[Linksonder - voorgedrukt]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016
--- * Administratieve proces: Het document toont de circulatie van een dossier binnen een overheidsinstelling (Algemene Zaken). Het begon eind 1939 en werd op 3 januari 1940 doorgezonden. Na verschillende behandelingen (ter kennisneming door dhr. Remy op 8 januari) werd het dossier op 22 januari 1940 definitief opgeborgen door een ambtenaar met de naam "deHaan".
* Persinstructie: De notitie "Niet bestemd voor dagpers: wel Westersche:" is cruciaal. Het duidt op een selectieve vrijgave van informatie. De informatie mocht niet naar de algemene dagbladen, maar blijkbaar wel naar "Westersche" (mogelijk verwijzend naar het tijdschrift De Westersche, of een specifieke regionale publicatie).
* Perskaart: De vermelding "Dagperskaart in" suggereert dat er een fysieke perskaart bij het dossier was gevoegd of dat er een administratieve handeling met betrekking tot een persaccreditatie heeft plaatsgevonden.
* Modelnummer: "Model No. 14" van "Alg. Zaken" (Algemene Zaken) duidt op een gestandaardiseerd formulier voor dossierbeheer uit 1937 (gezien de code 10-1937). Dit document stamt uit de periode van de Mobilisatie in Nederland (vlak voor de Duitse inval in mei 1940). Het Ministerie van Algemene Zaken hield zich in die tijd intensief bezig met regeringsvoorlichting en de relatie met de pers. De instructies over wat wel en niet in de dagpers mocht verschijnen, wijzen op de actieve informatiebeheersing of lichte censuur die in die gespannen vooroorlogse maanden gebruikelijk was. De namen (zoals W. de Wolf en deHaan) verwijzen waarschijnlijk naar specifieke ambtenaren of referenten binnen het departement. M. No W. de Wolf