Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag/archiefkopie op dun papier).
Origineel
Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag/archiefkopie op dun papier). 18 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een vergelijkbare gemeentelijke instantie in Amsterdam). Den Heer S.D. Broer, Oostenburgergracht 59, Amsterdam-Centrum. [Handgeschreven, schuin:] extra
[Rechtsboven:] VP/HG.
den Heer S.D. Broer,
Oostenburgergracht 59,
Amsterdam-Centrum.
[Rechtsboven, onder VP/HG:] Wijk 15.
[Links:] 26/73/3 M. [Rechts:] 18 November 1940.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 4 dezer verleen ik U
hierbij, in verband met ziekte van Uw echtgenoote, gedurende ten
hoogste drie maanden na dato dezes toestemming om Uw plaats op de
markt Dapperstraat niet te bezetten, mits U zorgdraagt, dat het ook
tijdens Uw afwezigheid verschuldigde marktgeld wekelijks wordt be-
taald.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een officiële beschikking waarin de heer S.D. Broer toestemming krijgt om zijn marktplaats op de Dappermarkt in Amsterdam tijdelijk (maximaal drie maanden) niet te bezetten. De reden hiervoor is de ziekte van zijn echtgenote.
* Voorwaarde: De vergunning is niet kosteloos; de belangrijkste voorwaarde is dat het wekelijkse marktgeld doorbetaald moet worden, ook al wordt de standplaats niet gebruikt.
* Administratieve context: De codes "Wijk 15" en de referentienummers duiden op een strak georganiseerde gemeentelijke administratie die toezicht hield op de marktkooplieden. De Dapperstraat (Dappermarkt) was en is een van de belangrijkste markten van Amsterdam.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk taalgebruik uit de vroege 20e eeuw ("d.d. 4 dezer", "na dato dezes", "echtgenoote"). * Historische periode: De brief is gedateerd op 18 november 1940. Dit is zes maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Dagelijks leven in oorlogstijd: Hoewel de bezetting gaande was, draaide de lokale bureaucreatie in Amsterdam in 1940 grotendeels door zoals voorheen. Kwesties zoals vergunningen voor marktplaatsen werden nog steeds volgens de geldende procedures afgehandeld.
* Sociale context: De Dappermarkt lag in een buurt met van oudsher veel Joodse kooplieden en bewoners. In november 1940 begonnen de anti-Joodse maatregelen van de bezetter steeds nijpender te worden (zoals de ariërverklaring voor ambtenaren in oktober 1940). Hoewel deze specifieke brief een puur zakelijke, medische reden noemt (ziekte van de echtgenote), is de context van de beginnende repressie op de Amsterdamse markten in deze periode van historisch belang.
* Locatie: De Oostenburgergracht (woonadres) en de Dapperstraat (werklocatie) bevinden zich beide in Amsterdam-Oost/Centrum, een gebied dat destijds een levendige arbeiders- en handelswijk was. S.D. Broer