Archief 745
Inventaris 745-319
Pagina 319
Dossier 25
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

13 november 1940 (met een aantekening van ontvangst/verwerking op 15 november) Van: M. v d Hoek Aan: M.W. (Dienst van het Marktwezen, Amsterdam)

Origineel

13 november 1940 (met een aantekening van ontvangst/verwerking op 15 november) M. v d Hoek M.W. (Dienst van het Marktwezen, Amsterdam) № 26 / 76 / 1 M. 1940 15/11 A'dam 13/11 '40

M.W. uitrap.

Hierbij bericht ik U
dat ik genoodzaakt ben
mijn vaste plaats op de
Dapperstraat op te zeggen.
Plaats № 187 van M v d Hoek,
aangezien mijn vak koek en
suikerwerken geen voldoende
voorraad meer mogelijk
maakt. om elke week
60 cent marktgeld te
betalen daar ik toch
niet uitpakken kan.
mijn kaart van de alb. laagste
voorkeurskaart № 654 stel
ik ook ter beschikking.
Ik heb nog eenige weken
te betalen voor de Dapper
102. In deze brief meldt de marktkoopman M. v d Hoek aan het Amsterdamse Marktwezen dat hij zijn vaste staanplaats (nummer 187) aan de Dapperstraat opzegt. De reden die hij hiervoor aanvoert is direct verbonden met de oorlogsomstandigheden in november 1940: door de toenemende schaarste is er voor zijn specifieke handel (koek en suikerwerken) niet langer voldoende voorraad beschikbaar. Hierdoor is het voor hem niet langer rendabel om het wekelijkse marktgeld van 60 cent te betalen, aangezien hij zijn kraam niet meer kan vullen ("niet uitpakken").

Naast de opzegging levert hij zijn voorkeurskaart (№ 654) in en erkent hij dat hij nog een achterstand heeft in het marktgeld van enkele weken voor een locatie aangeduid als "de Dapper 102" (mogelijk een verwijzing naar een specifiek deel van de markt of een administratief nummer). Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse economische realiteit aan het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de bezetting in november 1940 pas een half jaar oud was, zorgde de oorlogseconomie en de invoering van distributiemaatregelen al voor grote tekorten aan grondstoffen zoals suiker en meel. Kleine zelfstandigen op Amsterdamse dagmarkten zoals de Dappermarkt werden hierdoor hard getroffen. De brief illustreert hoe de algemene schaarste leidde tot het verdwijnen van kleinschalige handel en het opgeven van jarenlange vaste standplaatsen.

Samenvatting

In deze brief meldt de marktkoopman M. v d Hoek aan het Amsterdamse Marktwezen dat hij zijn vaste staanplaats (nummer 187) aan de Dapperstraat opzegt. De reden die hij hiervoor aanvoert is direct verbonden met de oorlogsomstandigheden in november 1940: door de toenemende schaarste is er voor zijn specifieke handel (koek en suikerwerken) niet langer voldoende voorraad beschikbaar. Hierdoor is het voor hem niet langer rendabel om het wekelijkse marktgeld van 60 cent te betalen, aangezien hij zijn kraam niet meer kan vullen ("niet uitpakken").

Naast de opzegging levert hij zijn voorkeurskaart (№ 654) in en erkent hij dat hij nog een achterstand heeft in het marktgeld van enkele weken voor een locatie aangeduid als "de Dapper 102" (mogelijk een verwijzing naar een specifiek deel van de markt of een administratief nummer).

Historische Context

Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse economische realiteit aan het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de bezetting in november 1940 pas een half jaar oud was, zorgde de oorlogseconomie en de invoering van distributiemaatregelen al voor grote tekorten aan grondstoffen zoals suiker en meel. Kleine zelfstandigen op Amsterdamse dagmarkten zoals de Dappermarkt werden hierdoor hard getroffen. De brief illustreert hoe de algemene schaarste leidde tot het verdwijnen van kleinschalige handel en het opgeven van jarenlange vaste standplaatsen.

Locaties

Amsterdam (A'dam)

Gerelateerde Documenten 6