Archief 745
Inventaris 745-319
Pagina 336
Dossier 25
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag of officieel afschrift van een besluit).

28 november 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen in Amsterdam).

Origineel

Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag of officieel afschrift van een besluit). 28 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen in Amsterdam). [Handgeschreven aantekening linksboven:] verzonden 28/11
[Handgeschreven aantekening rechtsboven:] 20 en. [onleesbaar] de heer
[Gestempeld/Getypt rechtsboven:] HG.

                                            den Heer H. Elting,
                                            Wagenaarstraat 99 II,
                                            Amsterdam-Oost.
                                                       Wijk 18.

26/81/2 M. 28 November 1940.

        Mij is gerapporteerd, dat U op Zaterdag 23 November jl.

de markt aan de Dapperstraat andermaal niet op het voorgeschreven
tijdstip met Uw goederen had verlaten. U heeft daarmede de voor-
waarde overtreden, die was verbonden aan de U voorwaardelijk opge-
legde straf, waarvan U met mijn brief d.d. 18 Juli jl. (No. 26/57/5
M.) mededeeling is gedaan. De bedoelde straf, zijnde ontneming van
het recht om op de markten hier ter stede een plaats in te nemen
voor den tijd van één dag, wordt thans ten uitvoer gelegd. Boven-
dien straf ik U, op grond van de overtreding van 23 November jl. met
ontneming van het recht om op de markten hier ter stede een plaats
in te nemen, eveneens voor den tijd van één dag; beide straffen
worden ten uitvoer gelegd op Dinsdag 3 en Woensdag 4 December a.s.

                                            De Directeur,

--- * Aanleiding: De heer Elting, een marktkoopman, heeft op zaterdag 23 november 1940 de Dappermarkt in Amsterdam-Oost niet op tijd verlaten met zijn goederen.
* Recidive: Het betreft een herhaalde overtreding ("andermaal"). Er liep al een voorwaardelijke straf uit juli 1940 voor een soortgelijk vergrijp.
* Sanctie: Vanwege de nieuwe overtreding wordt de eerdere voorwaardelijke straf (1 dag ontzegging) nu onherroepelijk. Daarnaast krijgt hij voor de nieuwe overtreding nog een extra dag ontzegging.
* Consequentie: In totaal mag de heer Elting op dinsdag 3 en woensdag 4 december 1940 op geen enkele markt in Amsterdam een standplaats innemen.
* Toon: De brief is formeel en directief, typerend voor de ambtelijke communicatie uit die tijd.

--- * Historische periode: De brief dateert van november 1940, een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de bezetting al een feit was, functioneerden veel gemeentelijke diensten (zoals het Marktwezen) nog volgens hun bestaande bureaucratische regels.
* De Dappermarkt: Deze markt in de Dapperbuurt was (en is) een van de drukste en belangrijkste markten van Amsterdam. Strikte regels omtrent het op- en afbouwen waren essentieel voor de doorstroming en orde in de wijk.
* Economische impact: Voor een marktkoopman betekende de ontneming van het recht om op de markt te staan voor twee dagen een direct inkomstenverlies, zeker in de drukke decembermaand.
* Bureaucracie: Het document toont de nauwkeurigheid waarmee de gemeente toezicht hield op markthandelaren. Elk vergrijp werd nauwgezet gedocumenteerd in dossiers (zie de verwijzing naar het eerdere kenmerk uit juli).

Samenvatting

  • Aanleiding: De heer Elting, een marktkoopman, heeft op zaterdag 23 november 1940 de Dappermarkt in Amsterdam-Oost niet op tijd verlaten met zijn goederen.
  • Recidive: Het betreft een herhaalde overtreding ("andermaal"). Er liep al een voorwaardelijke straf uit juli 1940 voor een soortgelijk vergrijp.
  • Sanctie: Vanwege de nieuwe overtreding wordt de eerdere voorwaardelijke straf (1 dag ontzegging) nu onherroepelijk. Daarnaast krijgt hij voor de nieuwe overtreding nog een extra dag ontzegging.
  • Consequentie: In totaal mag de heer Elting op dinsdag 3 en woensdag 4 december 1940 op geen enkele markt in Amsterdam een standplaats innemen.
  • Toon: De brief is formeel en directief, typerend voor de ambtelijke communicatie uit die tijd.

Historische Context

  • Historische periode: De brief dateert van november 1940, een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de bezetting al een feit was, functioneerden veel gemeentelijke diensten (zoals het Marktwezen) nog volgens hun bestaande bureaucratische regels.
  • De Dappermarkt: Deze markt in de Dapperbuurt was (en is) een van de drukste en belangrijkste markten van Amsterdam. Strikte regels omtrent het op- en afbouwen waren essentieel voor de doorstroming en orde in de wijk.
  • Economische impact: Voor een marktkoopman betekende de ontneming van het recht om op de markt te staan voor twee dagen een direct inkomstenverlies, zeker in de drukke decembermaand.
  • Bureaucracie: Het document toont de nauwkeurigheid waarmee de gemeente toezicht hield op markthandelaren. Elk vergrijp werd nauwgezet gedocumenteerd in dossiers (zie de verwijzing naar het eerdere kenmerk uit juli).

Gerelateerde Documenten 6