Archief 745
Inventaris 745-319
Pagina 461
Dossier 26
Jaar 1940
Stadsarchief

Officieel afschrift van een besluit van het College van Burgemeester en Wethouders (B&W) van Amsterdam.

16 februari 1940. Van: Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.

Origineel

Officieel afschrift van een besluit van het College van Burgemeester en Wethouders (B&W) van Amsterdam. 16 februari 1940. Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. [Linksboven, gedrukt:]
AFSCHRIFT.
No. 4326 Bel. Pr.

[Paars stempel, linksboven:]
№ 27/21/1 M. 1940 19/2

[Midden boven, wapen van Amsterdam met tekst:]
BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN AMSTERDAM,

[Rechtsboven, handgeschreven in inkt:]
miding
dest Insp.

[Hoofdtekst:]
Gezien een verzoekschrift van H. Weissmann, Ten Katestraat 48, alhier, W., waarin vergunning wordt verzocht tot het uitstallen van goederen zoowel aan den gevel als in de portiek van gemeld perceel;
Geven adressant te kennen:
dat zijn verzoek wordt afgewezen.

[Midden rechts:]
Amsterdam, 16 FEB. 1940
Burgemeester en Wethouders voornoemd,

[Links:]
K.

[Handtekeningstempels:]
DE VLUGT
de Secretaris,
VAN LIER

[Onderaan rechts, in spiegelbeeld/doorslag:]
Voor eensluidend afschrift,
de Secretaris,
[onleesbare handtekening]

[Onderaan, tekst in spiegelbeeld/doorslag:]
Afschrift zal worden gegeven aan den Hoofdcommissaris van Politie (2) en aan den Directeur der
Publieke Werken . en aan den Dir. Marktwezen .

[Linksonder, formuliernummer:]
7-8000-1938 Het document betreft een formele weigering van een vergunning door de gemeente Amsterdam kort voor de Duitse inval. De verzoeker, H. Weissmann, dreef vermoedelijk een winkel of handel aan de Ten Katestraat 48. Deze straat staat bekend om zijn dagmarkt (de Ten Katemarkt). Weissmann wilde zijn handelswaar uitstallen op de stoep (aan de gevel) en in de portiek, wat vaak strijdig was met de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) in verband met de doorgang en het straatbeeld.

Het college van B&W, destijds onder leiding van burgemeester Willem de Vlugt en secretaris G.P. van Lier, wijst het verzoek kort en krachtig af zonder expliciete redenen in dit afschrift te vermelden. De vermelding "K." links zou kunnen duiden op een specifieke afdeling (bijvoorbeeld Kabinet of Klerk). De doorslagtekst onderaan geeft aan dat relevante instanties zoals de politie en de Dienst Marktwezen op de hoogte werden gesteld om op de naleving toe te zien. De datum, 16 februari 1940, plaatst dit document in de maanden van de 'Schiemanoorlog' (Phoney War), vlak voor de bezetting van Nederland in mei 1940. De Ten Katestraat was een levendig handelscentrum in de Kinkerbuurt met een aanzienlijke Joodse populatie. Gezien de achternaam 'Weissmann' is het zeer aannemelijk dat de verzoeker van Joodse afkomst was.

Hoewel deze afwijzing in februari 1940 nog onder het normale Nederlandse bestuur viel, illustreert het de strikte regulering van de openbare ruimte en handel in Amsterdam. Na de inval van de Duitsers zouden dergelijke administratieve processen voor Joodse winkeliers echter een sinistere wending nemen, waarbij vergunningen stelselmatig werden ingetrokken als onderdeel van de economische uitsluiting. In dit specifieke geval lijkt het echter nog te gaan om een reguliere handhaving van de marktvoorschriften.

Samenvatting

Het document betreft een formele weigering van een vergunning door de gemeente Amsterdam kort voor de Duitse inval. De verzoeker, H. Weissmann, dreef vermoedelijk een winkel of handel aan de Ten Katestraat 48. Deze straat staat bekend om zijn dagmarkt (de Ten Katemarkt). Weissmann wilde zijn handelswaar uitstallen op de stoep (aan de gevel) en in de portiek, wat vaak strijdig was met de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) in verband met de doorgang en het straatbeeld.

Het college van B&W, destijds onder leiding van burgemeester Willem de Vlugt en secretaris G.P. van Lier, wijst het verzoek kort en krachtig af zonder expliciete redenen in dit afschrift te vermelden. De vermelding "K." links zou kunnen duiden op een specifieke afdeling (bijvoorbeeld Kabinet of Klerk). De doorslagtekst onderaan geeft aan dat relevante instanties zoals de politie en de Dienst Marktwezen op de hoogte werden gesteld om op de naleving toe te zien.

Historische Context

De datum, 16 februari 1940, plaatst dit document in de maanden van de 'Schiemanoorlog' (Phoney War), vlak voor de bezetting van Nederland in mei 1940. De Ten Katestraat was een levendig handelscentrum in de Kinkerbuurt met een aanzienlijke Joodse populatie. Gezien de achternaam 'Weissmann' is het zeer aannemelijk dat de verzoeker van Joodse afkomst was.

Hoewel deze afwijzing in februari 1940 nog onder het normale Nederlandse bestuur viel, illustreert het de strikte regulering van de openbare ruimte en handel in Amsterdam. Na de inval van de Duitsers zouden dergelijke administratieve processen voor Joodse winkeliers echter een sinistere wending nemen, waarbij vergunningen stelselmatig werden ingetrokken als onderdeel van de economische uitsluiting. In dit specifieke geval lijkt het echter nog te gaan om een reguliere handhaving van de marktvoorschriften.

Gerelateerde Documenten 6