Handgeschreven verzoekschrift.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift. 12 maart 1940. L. Nopman. Directeur van het marktwezen, Amsterdam. Amsterdam 12/3 '40
[Aantekening rechtsboven: Nopman]
Aan den WelEd. Heer
directeur van het marktwezen
WelEd. heer met deze wil onder,
geteekende te kennen geven
dat hij zeer gaarne in aanmerking
wenscht te komen om zijn
voorkeur kaart weer terug te
krijgen daar hij een heel slechte
tijd achter de rug heeft en hij
steeds niet kon uitstallen maar
hij de laatste weken steeds trouw
de markt bezoekt hopende dat
U E. hier nota van wilt nemen
hoop ik op goed resultaat
Uwer zijds dan teeken ik
Uw dienstwilligge dienaar
L. Nopman
№ 27/26/1 M. 1940 13/3 * Inhoud: De schrijver, L. Nopman, verzoekt de directeur van het marktwezen om teruggave van zijn 'voorkeurkaart'. Hij voert als reden aan dat hij een moeilijke periode heeft doorgemaakt waardoor hij zijn kraam niet kon opzetten ("uitstallen"). Hij benadrukt dat hij de laatste weken wel weer trouw op de markt aanwezig is om zijn goede wil te tonen.
* Taal en stijl: De brief is geschreven in de formele stijl die destijds gebruikelijk was voor correspondentie met overheidsinstanties (gebruik van "WelEd. heer", "U E." (Uwer Edelheid) en de slotformule "dienstwilligge dienaar"). Er is sprake van de toen geldende spelling (bijv. "geteekende").
* Status: Het document is een officieel inkomend stuk, getuige de stempel en de administratieve nummers onderaan, die aangeven dat het op 13 maart 1940 is verwerkt. * Historisch kader: De brief is geschreven in maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. De marktsector in Amsterdam was streng gereguleerd. Een 'voorkeurkaart' was essentieel voor een koopman; het gaf recht op een vaste standplaats op de markt.
* Sociaal-economisch: De brief getuigt van de precaire positie van kleine zelfstandigen. Bij ziekte of persoonlijke tegenslag liep men het risico zijn vaste plek (en daarmee zijn inkomen) te verliezen.
* Genealogische noot: De naam Nopman komt in Amsterdamse archieven veelal voor binnen de Joodse gemeenschap, wat de brief een extra lading geeft gezien de gebeurtenissen die kort na deze datum zouden volgen tijdens de bezetting. L. Nopman Marktwezen