Archiefdocument
Origineel
5 september 1940 tot 18 september 1940. [Kader linksboven]
B I J B L A D V A N :
M. No. 27/71/6 1940
DOORGEZONDEN: 5/9
[Rechtsboven]
Th. Vrij 707
advies
6-9-40
de Haes
[Hoofdtekst]
Uit het rapport van de marktop-
zichter blijkt dat Hoogenboom, ~~[vrijaf had?]~~ nimmer op
zijn plaats op de markt verscheen.
Aan Hoogenboom ~~[mag bericht]~~ m.i. worden
bericht dat hij den brief d.d. 2 September
jl. no 27/71/3 ^meent^ niet te hebben ontvangen.
[Rechtsonder, midden]
11-9-40
de Haes
[Rechtsonder]
Accoord
16-9-40 Wh[...]
[Midden onder]
18/9/40 [Paraaf]
27/71/3 3.
[Linksonder]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een interne ambtelijke correspondentie over een marktkoopman genaamd Hoogenboom. De kern van de zaak is dat Hoogenboom, blijkens een rapport van de marktopzichter, niet op zijn toegewezen standplaats op de markt is verschenen. Er was blijkbaar geen sprake van officieel verlof.
De ambtenaar (mogelijk 'de Haes') stelt voor om Hoogenboom te berichten dat men aanneemt dat hij een eerdere brief van 2 september (kenmerk 27/71/3) niet heeft ontvangen, wat zijn afwezigheid zou kunnen verklaren of als formeel excuus kan dienen voor verdere stappen. De notitie is door verschillende hiërarchische lagen goedgekeurd, zoals blijkt uit de opeenvolgende data en de finale aantekening "Accoord" op 16 september 1940. Dit document stamt uit de beginperiode van de Duitse bezetting van Nederland (september 1940). In deze tijd bleef het Nederlandse civiele bestuursapparaat grotendeels intact en functioneerde de bureaucratie volgens de bestaande regels. De strikte controle op marktkooplieden en hun aanwezigheid was essentieel voor de lokale economische orde en de inning van marktgelden. Het dossiernummer 27/71 suggereert dat er een lopende zaak was tegen deze specifieke koopman, waarbij de afwezigheid zonder verlof een serieus vergrijp was binnen de marktverordening. M. No