Getypte brief met handtekening en administratieve aantekeningen.
Origineel
Getypte brief met handtekening en administratieve aantekeningen. 9 september 1940. H. van Breda, Middenweg 97, Amsterdam-O. Den WelEd. Zeer Gel. Heer Dr. A. van der Laan, Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. Nº 27/76/M. 1940 9/9 [stempel met handgeschreven toevoeging] Amsterdam, 9 September 1940.
Den WelEd. Zeer Gel .Heer Dr. A. van der Laan,
Directeur van het Marktwezen,
A M S T E R D A M .
[handgeschreven rechtsboven: zie map]
WelEd. Zeer Gel. Heer,
Hiermede wend ik mij beleefd tot U met het volgende verzoek.
In mijn perceel Ten Katestraat 41 huis, Alhier is gevestigd een melkzaak. Voor dit perceel is door het Marktwezen een stand-plaats gegeven aan den Heer van der Gaast, een aardappelenhandelaar, die daar behalve zijn aardappelenbakken ook nog een partij kisten met aardappe-len plaatst.
Deze kisten worden door hem ter plaatse uitgeschud, waardoor de klei op straat valt en bij nat weer levensgevaar oplevert voor de voetgangers.
Behalve dit gevaar is er voor mijn perceel een zeer groot ongemak aan verbonden, daar bovengenoemde aardappelenhandelaar de kisten als een barricade voor het perceel van de melkzaak opstapelt.
De huurder van deze melkzaak heeft zich hierover al eens beklaagd aan een Marktopzichter. Deze kwam even kijken en ging dan weer weg, en de toestand bleef zooals ze was.
Mijn huurder heeft mij medegedeeld, dat hij genoodzaakt is te verhuizen, wanneer hierin geen verbetering gebracht wordt, daar de toegang tot zijn winkel belemmerd is en hij hierdoor belangrijke schade aan zijn zaak ondervindt.
Gaarne zou ik U verzoeken, om de aardappelenhandelaar een standplaats te geven voor perceel Ten Katestraat 49, aangezien daar geen neringdoenden schade van ondervinden, daar zich ter plaatse garagedeuren bevinden, eventueel de standplaats van den aardappelenhandelaar met een anderen houder van een standplaats te verwisselen.
Hopende, dat Uw onderzoek spoedig tot een gunstige oplossing moge leiden, teeken ik,
Bij voorbaat dankend,
Hoogachtend,
[handtekening: H. van Breda]
H. van Breda,
Middenweg 97,
AMSTERDAM-O. * Taalgebruik: De brief is opgesteld in een uiterst formele en hoffelijke stijl, passend bij de tijdgeest en de hiërarchische verhoudingen tussen burger en overheid ("Den WelEd. Zeer Gel. Heer"). Opvallend is het gebruik van verouderde termen zoals "perceel", "neringdoenden" en de spelling "zooals".
* Inhoudelijke kern: De verhuurder van een winkelpand klaagt over de overlast die een marktkoopman (aardappelhandelaar) veroorzaakt voor zijn huurder (melkboer). De klacht is tweeledig: fysieke onveiligheid door modder/klei op de stoep en economische schade door het letterlijk blokkeren van de winkeltoegang met kisten.
* Oplossingsgerichtheid: De briefschrijver beperkt zich niet tot klagen, maar draagt een specifiek alternatief aan: verplaatsing van de marktstand naar nummer 49, waar geen winkel is maar garagedeuren.
* Fysieke staat: De brief is getypt op een schrijfmachine met enkele correcties (zoals het streepje in "aardappe-len"). De aanwezigheid van een officieel volgnummer-stempel en de handgeschreven notitie "zie map" duiden op een actieve administratieve afhandeling bij de Gemeente Amsterdam. * Historisch kader: De brief dateert van september 1940, slechts enkele maanden nadat Nederland bezet was door nazi-Duitsland. Hoewel de wereld in brand stond, ging de dagelijkse bureaucratie en het beheer van de stad (zoals markttoezicht) gewoon door. De brief geeft een zeldzaam kijkje in de dagelijkse beslommeringen in een Amsterdamse volksbuurt tijdens het eerste oorlogsjaar.
* Locatie: De Ten Katestraat is het hart van de bekende Ten Katemarkt in Amsterdam-Oud-West. Dit was (en is) een drukke handelsplek waar belangen van winkeliers in vaste panden en ambulante handelaren op de stoep vaak met elkaar botsten.
* Het Marktwezen: De dienst "Marktwezen" was verantwoordelijk voor de indeling en ordehandhaving op de Amsterdamse markten. Dr. A. van der Laan was een bekende figuur binnen de gemeentelijke organisatie van die tijd. De klacht over een "Marktopzichter" die niets deed, suggereert een spanning tussen de theorie van de regels en de praktijk op de werkvloer van de markt.