Archief 745
Inventaris 745-320
Pagina 369
Dossier 11
Jaar 1940
Stadsarchief

Dienstbrief van de Gemeente Amsterdam, Afdeling Marktwezen.

21 oktober 1940. Van: De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. Aan: Den Heer M. Sijes, Ruyschstraat 59 III, Amsterdam-Oost (Wijk 11).

Origineel

Dienstbrief van de Gemeente Amsterdam, Afdeling Marktwezen. 21 oktober 1940. De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. Den Heer M. Sijes, Ruyschstraat 59 III, Amsterdam-Oost (Wijk 11). [Briefhoofd met wapen van Amsterdam]
MARKTWEZEN AMSTERDAM HG.

[Handgeschreven tekst bovenaan:] Verzonden 21/10

TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 27/97/2 M.
BIJLAGE _
ONDERWERP: _

AMSTERDAM (W.) 21 October 1940.
JAN VAN GALENSTRAAT 14

AAN den Heer M.Sijes,
Ruyschstraat 59 III,
Amsterdam-Oost.
Wijk 11

Op grond van het feit, dat U geen gevolg hebt gegeven aan de aan U gerichte schriftelyke Ten Katestraat waarschuwing om geregeld van de U verleende voorkeurskaart voor de markt gebruik te maken, behoort de inschryving op de sollicitantenlyst voor bovengenoemde markt, ingevolge artikel 10 van het Reglement op de Markten; 23 Oct. a.s. tusschen 9 1/2-12 uur te worden geschrapt.

Alvorens hiertoe te besluiten roep ik U op om op te komen by den Inspecteur van myn dienst, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West.

De Directeur,

[Onderaan links:] A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1633. * Administratieve procedure: De brief is een formele kennisgeving van een voorgenomen administratieve sanctie. De ontvanger, de heer Sijes, heeft een "voorkeurskaart" voor een marktplaats (specifiek de Ten Katestraat, zoals later ingetypt), maar maakt hier onvoldoende gebruik van.
* Regelgeving: Er wordt expliciet verwezen naar artikel 10 van het Reglement op de Markten. Dit artikel stelde waarschijnlijk dat men een standplaats of voorkeursrecht verloor als men niet daadwerkelijk en regelmatig handel dreef.
* Hoor en wederhoor: Hoewel de schrapping al is aangekondigd voor 23 oktober tussen 09:30 en 12:00 uur, krijgt de betrokkene de kans om zich te verantwoorden bij de Inspecteur aan de Jan van Galenstraat (de Centrale Markthallen).
* Taalgebruik: Het document hanteert de toen gebruikelijke ambtelijke spelling (bijv. "schriftelyke", "inschryving", "myn") en een dwingende, formele toon. * Tijdsperiode: De brief is gedateerd op 21 oktober 1940, vijf maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel het hier een reguliere gemeentelijke handhaving lijkt te betreffen, vond dit plaats in een periode waarin de bewegingsvrijheid en economische positie van Joodse Amsterdammers steeds meer onder druk kwam te staan.
* Persoon: De geadresseerde is zeer waarschijnlijk Mozes Sijes (geboren in 1902), die inderdaad op de Ruyschstraat 59-III woonde. Hij stond geregistreerd als marktkoopman/venter.
* Historische betekenis: Documenten als deze tonen de voortgang van het dagelijks leven en de bureaucratie tijdens de vroege bezettingsjaren. Voor Joodse marktkooplieden werd het werk steeds moeilijker door opkomende anti-Joodse maatregelen. In 1941 zouden Joodse kooplieden volledig van de reguliere markten verbonden worden en verbannen worden naar specifieke "Joodse markten". Mozes Sijes en zijn gezin zijn later in de oorlog gedeporteerd en vermoord in Sobibor (1943). Dit document vormt een papieren spoor van zijn professionele leven vlak voordat de grootschalige vervolging de Joodse markttraditie in Amsterdam zou vernietigen.

Samenvatting

  • Administratieve procedure: De brief is een formele kennisgeving van een voorgenomen administratieve sanctie. De ontvanger, de heer Sijes, heeft een "voorkeurskaart" voor een marktplaats (specifiek de Ten Katestraat, zoals later ingetypt), maar maakt hier onvoldoende gebruik van.
  • Regelgeving: Er wordt expliciet verwezen naar artikel 10 van het Reglement op de Markten. Dit artikel stelde waarschijnlijk dat men een standplaats of voorkeursrecht verloor als men niet daadwerkelijk en regelmatig handel dreef.
  • Hoor en wederhoor: Hoewel de schrapping al is aangekondigd voor 23 oktober tussen 09:30 en 12:00 uur, krijgt de betrokkene de kans om zich te verantwoorden bij de Inspecteur aan de Jan van Galenstraat (de Centrale Markthallen).
  • Taalgebruik: Het document hanteert de toen gebruikelijke ambtelijke spelling (bijv. "schriftelyke", "inschryving", "myn") en een dwingende, formele toon.

Historische Context

  • Tijdsperiode: De brief is gedateerd op 21 oktober 1940, vijf maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel het hier een reguliere gemeentelijke handhaving lijkt te betreffen, vond dit plaats in een periode waarin de bewegingsvrijheid en economische positie van Joodse Amsterdammers steeds meer onder druk kwam te staan.
  • Persoon: De geadresseerde is zeer waarschijnlijk Mozes Sijes (geboren in 1902), die inderdaad op de Ruyschstraat 59-III woonde. Hij stond geregistreerd als marktkoopman/venter.
  • Historische betekenis: Documenten als deze tonen de voortgang van het dagelijks leven en de bureaucratie tijdens de vroege bezettingsjaren. Voor Joodse marktkooplieden werd het werk steeds moeilijker door opkomende anti-Joodse maatregelen. In 1941 zouden Joodse kooplieden volledig van de reguliere markten verbonden worden en verbannen worden naar specifieke "Joodse markten". Mozes Sijes en zijn gezin zijn later in de oorlog gedeporteerd en vermoord in Sobibor (1943). Dit document vormt een papieren spoor van zijn professionele leven vlak voordat de grootschalige vervolging de Joodse markttraditie in Amsterdam zou vernietigen.

Gerelateerde Documenten 6