Archief 745
Inventaris 745-322
Pagina 4
Dossier 27
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag van een officiële brief/kennisgeving.

7 november 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam).

Origineel

Doorslag van een officiële brief/kennisgeving. 7 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). [Handgeschreven rechtsboven:] m. de Veer
[Handgeschreven middenboven:] Verzonden 8/11
[Typed rechtsboven:] vP/HG.

Mw.E.Matteman-Polak,
Nwe.Uilenburgerstraat 48 II,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.

28/81/2 M. 7 November 1940.

Naar aanleiding van Uw brief ingekomen op 26 October jl.
bericht ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor inwilliging
in aanmerking kan komen. Indien U voortaan niet ten minste twee
maal per week een plaats op de markt Lindengracht bezet, zal de U
verleende voorkeurskaart worden ingetrokken, overeenkomstig de des-
betreffende bepalingen van het Reglement op de Markten.

De Directeur, Dit document is een formele afwijzing van een verzoek dat door mevrouw Matteman-Polak op 26 oktober 1940 was ingediend. De exacte aard van haar verzoek wordt niet vermeld, maar de reactie van de directeur van de marktdienst is streng en bureaucratisch.

De kern van de brief is een waarschuwing: mevrouw Matteman-Polak dreigt haar "voorkeurskaart" (een vergunning die voorrang geeft bij het toewijzen van marktplaatsen) te verliezen als zij niet minimaal twee keer per week haar plaats op de Lindengrachtmarkt inneemt. De directeur beroept zich hierbij strikt op het geldende 'Reglement op de Markten'. De handgeschreven aantekening "Verzonden 8/11" duidt op de administratieve verwerking van de doorslag. De brief dateert van november 1940, exact zes maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context van dit document is beladen:

  1. Locatie en Identiteit: De geadresseerde, mevrouw Matteman-Polak, draagt een Joodse achternaam en woont in de Nieuwe Uilenburgerstraat, het hart van de toenmalige Amsterdamse Jodenbuurt.
  2. Periode: In het najaar van 1940 begonnen de Duitse bezetters met de eerste systematische uitsluiting van Joden uit het openbare leven. Hoewel de specifieke "Joodse markten" (zoals op het Waterlooplein) pas later in 1941 verplicht werden gesteld, stonden Joodse marktkooplieden in deze periode al onder grote druk.
  3. Betekenis: Wat op het eerste gezicht een routineuze administratieve waarschuwing lijkt over marktverzuim, moet gezien worden tegen de achtergrond van een regime dat de bewegingsvrijheid en economische zelfstandigheid van de Joodse bevolking steeds verder aan banden legde. Voor een Joodse vrouw in 1940 was het behoud van een marktvergunning van cruciaal belang voor haar levensonderhoud in een steeds vijandiger wordende omgeving. De formele, bijna kille toon van de brief is kenmerkend voor de manier waarop de bureaucratie bleef functioneren tijdens de bezetting. E. Matteman

Samenvatting

Dit document is een formele afwijzing van een verzoek dat door mevrouw Matteman-Polak op 26 oktober 1940 was ingediend. De exacte aard van haar verzoek wordt niet vermeld, maar de reactie van de directeur van de marktdienst is streng en bureaucratisch.

De kern van de brief is een waarschuwing: mevrouw Matteman-Polak dreigt haar "voorkeurskaart" (een vergunning die voorrang geeft bij het toewijzen van marktplaatsen) te verliezen als zij niet minimaal twee keer per week haar plaats op de Lindengrachtmarkt inneemt. De directeur beroept zich hierbij strikt op het geldende 'Reglement op de Markten'. De handgeschreven aantekening "Verzonden 8/11" duidt op de administratieve verwerking van de doorslag.

Historische Context

De brief dateert van november 1940, exact zes maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context van dit document is beladen:

  1. Locatie en Identiteit: De geadresseerde, mevrouw Matteman-Polak, draagt een Joodse achternaam en woont in de Nieuwe Uilenburgerstraat, het hart van de toenmalige Amsterdamse Jodenbuurt.
  2. Periode: In het najaar van 1940 begonnen de Duitse bezetters met de eerste systematische uitsluiting van Joden uit het openbare leven. Hoewel de specifieke "Joodse markten" (zoals op het Waterlooplein) pas later in 1941 verplicht werden gesteld, stonden Joodse marktkooplieden in deze periode al onder grote druk.
  3. Betekenis: Wat op het eerste gezicht een routineuze administratieve waarschuwing lijkt over marktverzuim, moet gezien worden tegen de achtergrond van een regime dat de bewegingsvrijheid en economische zelfstandigheid van de Joodse bevolking steeds verder aan banden legde. Voor een Joodse vrouw in 1940 was het behoud van een marktvergunning van cruciaal belang voor haar levensonderhoud in een steeds vijandiger wordende omgeving. De formele, bijna kille toon van de brief is kenmerkend voor de manier waarop de bureaucratie bleef functioneren tijdens de bezetting.

Genoemde Personen 1

Locaties

Lindengracht Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 3