Administratief bijblad met ambtelijke annotaties en adviezen.
Origineel
Administratief bijblad met ambtelijke annotaties en adviezen. Dossier loopt van 23 september 1940 tot 10 oktober 1940. [Linksboven in kader]
B I J B L A D V A N :
M. No. 30/55/1 1940
DOORGEZONDEN: 24/9
[Bovenaan midden]
J.A.A. Weterings
pl. 88 Waterlooplein
[Rechtsboven]
781
Mr. Uitulugt
ter kennisneming.
Mr Wolff
advies
25-9-40
de Kaey
[Linkerkolom handgeschreven]
Het verzoek van
J.A.A. Weterings, dient
m.i. te worden afge-
wezen.
Aan Weterings moet
worden bericht, dat hij
van heden af zijn
plaats op de markt
Westerstraat geregeld,
d.w.z. drie keer in de vier
weken moet innemen, daar
anders de plaats wordt in-
getrokken.
[Midden handgeschreven]
Mr Uitulugt
per 23/9 in afvoeren sup. [svp?]
[Paraaf] 25/9
pl. 63 Westerstraat
8-10-40
de Kaey
[Rechtsonder handgeschreven]
27/9-40
T. [onleesbaar]
Het verzoek om uitstel van
plaats bezetten op de markt
Westerstraat, dient m.i. niet
gegeven te worden.
1-10-1940 [Paraaf]
[Linksonder]
30/55/2 4
10/10/40 HB
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document betreft een ambtelijke afhandeling van een verzoek door marktkoopman J.A.A. Weterings. Weterings had standplaatsen op twee prominente Amsterdamse markten: het Waterlooplein (plek 88) en de Westerstraat (plek 63). Hij had een verzoek ingediend om uitstel van het bezetten van zijn standplaats in de Westerstraat.
De diverse betrokken ambtenaren (Mr. Uitulugt, Mr. Wolff en De Kaey) adviseren allen negatief over dit verzoek. De conclusie is dat Weterings zijn plek in de Westerstraat "geregeld" moet innemen, wat gespecificeerd wordt als minimaal drie van de vier weken. Indien hij hier niet aan voldoet, zal de vergunning voor die specifieke plek worden ingetrokken. De bureaucratische snelheid is zichtbaar: het verzoek wordt tussen 23 september en 1 oktober beoordeeld, waarna op 10 oktober de administratieve afhandeling (referentienummer 30/55/2) volgt. Het document dateert uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (najaar 1940). In deze periode draaide de Nederlandse gemeentelijke bureaucratie grotendeels door op de oude voet. De markten in Amsterdam, zoals die in de Westerstraat (Jordaan) en op het Waterlooplein, waren cruciaal voor de dagelijkse levensbehoeften van de bevolking.
De strikte handhaving van de aanwezigheidsplicht (de 'drie-op-vier-regel') diende om te voorkomen dat schaarse marktplaatsen onbezet bleven. In een tijd van toenemende schaarste en distributie was een efficiënte marktbezetting van groot belang. De titel "Mr." (Meester in de rechten) bij de namen Uitulugt en Wolff duidt op hooggeplaatste juridische ambtenaren binnen het Amsterdamse stadsbestuur, wat aangeeft dat zelfs relatief kleine zaken zoals marktvergunningen een formele juridische toetsing ondergingen. J.A.A. Weterings M. No Gemeente Amsterdam Marktwezen