Dienstbrief / Administratieve correspondentie
Origineel
Dienstbrief / Administratieve correspondentie 18 april 1940 De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam-West (Jan van Galenstraat 14) fa. H. Piller & Zn., Centrale Markt A 1, Amsterdam-West [Stempel/Briefhoofd:]
DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN .
No.37/2/24 M.
Amsterdam-West, 18 April 1940.
Jan van Galenstraat 14.
[Handgeschreven aantekening in de linker kantlijn:]
Verzonden 18/4-'40.
Aan
fa.H.Piller & Zn.,
Centrale Markt A 1,
Amsterdam-West.
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcon-
tract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centra-
le Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat,
ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek re-
paratiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz., voor Uw reke-
ning zijn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat ar-
tikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondi-
gingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of op het ge-
huurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelie-
ve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord
of andere aanduiding wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.
De Directeur, De brief is een formeel schrijven van de Directie van het Marktwezen aan de firma H. Piller & Zn. De kern van de brief is de officiële overdracht van een geregistreerd huurcontract voor een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam.
De directeur benadrukt twee specifieke bepalingen uit de wet en het contract:
1. Onderhoud: De huurder is verantwoordelijk voor kleine herstellingen (zoals hang- en sluitwerk en glasbewassing/vervanging), conform het toenmalige Burgerlijk Wetboek.
2. Reclame-uitingen: Er geldt een strikt verbod op het aanbrengen van borden of reclame zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de directie.
De toon is uiterst zakelijk en formeel, kenmerkend voor de vooroorlogse ambtelijke correspondentie in Nederland ("heb ik de eer", "U gelieve"). Dit document is gedateerd op 18 april 1940, exact drie weken voor de Duitse inval in Nederland op 10 mei 1940. Het weerspiegelt de normale gang van zaken in het Amsterdamse bedrijfsleven en de gemeentelijke administratie vlak voor de bezetting.
De Centrale Markt (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was op dat moment een modern knooppunt voor de voedseldistributie in Amsterdam. De firma H. Piller & Zn. was een van de groothandelsbedrijven die daar gevestigd waren. Gezien de naam Piller en de context van de Amsterdamse marktwereld in die tijd, betrof dit zeer waarschijnlijk een Joodse onderneming. Voor dergelijke bedrijven zouden de normale zakelijke omstandigheden, zoals beschreven in deze brief, na mei 1940 drastisch veranderen door de anti-Joodse maatregelen van de bezetter.