Getypte notulen of financieel overzicht van een bestuursvergadering.
Origineel
Getypte notulen of financieel overzicht van een bestuursvergadering. Niet vermeld op dit blad (vermoedelijk midden 20e eeuw, gezien de spelling en genoemde bedragen). 1. 500 Ramen platglas met toebehooren f 2.100.-
2. 400 Ramen warenhuis 2.800.-
3. Proefkasje met tusschenwanden 1.500.-
4. Smalspoor 500.-
5. Lorries 50.-
6. Betonnen goot 500.-
7. Electrische pomp 350.-
8. Bloempotten 200.-
9. Gereedschap 400.-
10. Laboratoriumbenoodigdheden 600.-
*f* 9.000.-
Tenslotte komt de exploitatierekening ter sprake. Nogmaals legt Ir. van der Helm er den nadruk op, dat het hier slechts een grove schatting betreft. Uitgegaan wordt van het standpunt, dat voor de oprichting in geen enkelen vorm ondersteuning kan worden verwacht. Voor de exploitatie worden dan de volgende cijfers geschat.
I. Uitgaven.
Rente f 67.000.- à 4 % f 2.680.-
Arbeidsloon tuin 4.000.-
Administratie tuin 1.500.-
Administratiekosten 1.000.-
Afschrijving inventaris kantoor en laboratorium 500.-
Schoonhouden 300.-
Gas, enz. 300.-
Verwarming 500.-
Meststoffen 300.-
Broeimateriaal 200.-
Verzekeringen 200.-
Bestuursonkosten 300.-
Afschrijving tuininventaris 720.-
*f* 12.500.-
II. Inkomsten.
1500 leden à f 2.- f 3.000.-
Provinciale subsidies van Noord-holland, Zuidholland en Utrecht 1.500.-
Subsidie Rijk 4.500.-
Opbrengst tuin 3.000.-
Huur kantoorruimte 500.-
*f* 12.500.-
De heer Gortzak waarschuwt, dat men voorzichtig moet zijn met het taxeeren van de opbrengst van een proeftuin. Men moet er voor waken, dat de proeftuin geen werktuin wordt. De opbrengst komt eerst in de tweede plaats.
De heer Ir. van der Helm antwoordt, dat aan geen van de genoemde cijfers te groote waarde mag worden gehecht, dus ook niet aan de geraamde opbrengst.
De heer van den Boogert merkt op, dat op de begrooting geen rekening werd gehouden met de afschrijving van de gebouwen. Deze zal toch minstens 2 % moeten bedragen.
De heer Ir. van der Helm geeft toe, dat dit inderdaad niet is gebeurd. Daartegenover staat echter, dat gedaan is alsof alles uit eigen middelen bestreden zou moeten worden. Indien dit inderdaad het geval zou zijn, zouden mogelijk de bezwaren onoverkomelijk worden. Bij de inkomsten werd daarentegen geen rekening gehouden met de huuropbrengst van de woning voor den chef, en met de mogelijkheid, dat de school verhuurd zal kunnen worden. Deze begrooting is slechts een poging om een algemeenen indruk te krijgen. Hieraan zal geschaafd moeten worden, totdat een kloppend en sluitend geheel verkregen zal zijn.
De voorzitter---- * Financiële structuur: Het document toont een overzicht van de initiële investeringen (f 9.000) en een sluitende exploitatiebegroting van f 12.500. De balans tussen inkomsten en uitgaven lijkt echter vooralsnog theoretisch.
* Kritische kanttekeningen: Er is een duidelijke spanning tussen de wetenschappelijke/educatieve doelstelling (de "proeftuin") en de financiële noodzaak. De heer Gortzak waarschuwt voor commercialisering ("werktuin").
* Methodiek: Ir. van der Helm hanteert een voorzichtige, defensieve houding door te benadrukken dat het slechts om een "grove schatting" en een "poging" gaat. Er wordt gediscussieerd over boekhoudkundige details zoals afschrijvingspercentages op vastgoed. Dit document is representatief voor de organisatie van collectieve land- of tuinbouwprojecten in Nederland tijdens de wederopbouw of de periode daar vlak voor. De betrokkenheid van drie provincies (Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht) en het Rijk wijst op een regionaal overstijgend belang, waarschijnlijk gericht op innovatie in de glastuinbouw (gezien de posten voor "ramen platglas" en "warenhuis"). Het noemt ook de mogelijkheid van verhuur aan een "school", wat duidt op een educatieve component van het project. Gortzak waarschuwt (De heer) I. Uitgaven