Getypte brief/circulaire (pagina 4).
Origineel
Getypte brief/circulaire (pagina 4). -4-
Zonder thans verder op de plannen vooruit te loopen, verzoeken wy U, na deze uiteenzetting gelezen en overwogen te hebben, ons te willen berichten of U in beginsel bereid is tot samenwerking in den bovenomschreven zin. Uw bereidverklaring verbindt U voorloopig tot niets.
Het ligt in de bedoeling binnenkort met degenen, die ons op deze wyze hun instemming hebben betuigd een vergadering te beleggen, waarin nadere mededeelingen zullen worden gedaan en waar gelegenheid zal worden gegeven tot het stellen van vragen en het maken van opmerkingen.
Zoo mogelyk zal in die vergadering worden overgegaan tot het instellen van een commissie van voorbereiding.
Uw bericht zien wy gaarne tegemoet vóór den ........................................ aan het hieronder vermelde adres.
De voorloopige commissie, Dit document vormt de afsluiting van een langer schrijven (gezien de paginanummering "-4-"). De tekst is formeel en voorzichtig van toon; de ontvanger wordt uitgenodigd om een intentieverklaring tot samenwerking af te geven, waarbij expliciet wordt vermeld dat dit nog geen definitieve verplichtingen schept ("verbindt U voorloopig tot niets").
Opvallend is de voorbereidende fase van de organisatie: er is sprake van een "voorloopige commissie" die streeft naar het vormen van een "commissie van voorbereiding" na een nog te beleggen vergadering. De stippellijn onderaan suggereert dat er een deadline ingevuld moest worden, wat duidt op een circulaire die naar meerdere personen is verzonden. Hoewel een exacte datum ontbreekt, wijst het taalgebruik (zoals "wy", "den", "zoo mogelyk" en "vóór") op de periode voor de spellinghervorming van 1947, vermoedelijk de jaren '30 of de oorlogsjaren. Het document heeft het karakter van een initiatief tot het oprichten van een nieuwe vereniging, politieke groepering of belangenorganisatie. De discretie en het stapsgewijze proces van "instemming" naar "vergadering" naar "commissie" is kenmerkend voor formele organisatievorming in de vroege tot het midden van de 20e eeuw in Nederland.