Getypte doorslag van een officiële brief.
Origineel
Getypte doorslag van een officiële brief. 8 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van een lokale distributiedienst of crisis-organisatie in de regio Castricum). Den Heer Rijksinspecteur voor het Verkeer, Hazepaterslaan 34, Haarlem. [Handgeschreven, bovenaan midden:] Verzonden 8/11
[Bovenaan rechts:] HG.
den Heer Rijksinspecteur voor het
Verkeer,
Hazepaterslaan 34,
H a a r l e m .
37/28/30 M. [links] 8 November 1940. [rechts]
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat bij dezerzijds
gehouden contrôle is gebleken, dat N.Scheerman, wonende Dorp-
straat 35, Castricum, autonummer GZ 17811, hier ter stede, in
strijd met de desbetreffende voorschriften, aardappelen en groen-
ten aflevert aan particulieren. In overeenstemming met een met U
gemaakte afspraak heb ik de eer U beleefd te verzoeken wel te
willen bevorderen, dat de aan Scheerman voornoemd verleende ben-
zinevergunning wordt ingetrokken.
De Directeur, De brief is een formeel verzoek van een lokale autoriteit aan de Rijksinspecteur voor het Verkeer. De kern van de zaak is een geconstateerde overtreding door een zekere N. Scheerman uit Castricum. Deze persoon gebruikte zijn voertuig (kenteken GZ 17811) om aardappelen en groenten direct aan particulieren te leveren, wat op dat moment verboden was volgens de geldende distributievoorschriften.
De toon is uiterst ambtelijk en beleefd ("heb ik de eer U te berichten", "beleefd te verzoeken"). Als sanctie voor de overtreding wordt niet direct een boete voorgesteld, maar het intrekken van de benzinevergunning. Dit was in die tijd een zware straf, omdat brandstof schaars was en alleen werd toegekend voor noodzakelijk economisch verkeer. Zonder vergunning kwam de bedrijfsvoering van de betrokkene feitelijk stil te liggen. Dit document stamt uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (november 1940). Kort na de invasie in mei 1940 werden strikte distributiemaatregelen ingevoerd om de voedselvoorziening te controleren en schaarste te beheersen (en om goederen naar Duitsland te kunnen sluizen).
Het direct leveren van aardappelen en groenten aan particulieren, buiten de officiële distributiekanalen om, werd gezien als "sluikhandel" of illegale handel. De bezetter en de Nederlandse overheidsapparaten die onder hun toezicht stonden, probeerden dit streng te bestrijden. Het intrekken van benzinevergunningen was een effectief repressiemiddel om transport voor niet-geautoriseerde doeleinden onmogelijk te maken. De brief illustreert hoe nauwgezet de controle op de naleving van deze crisismaatregelen op lokaal niveau werd uitgevoerd. N. Scheerman