Archief 745
Inventaris 745-329
Pagina 372
Dossier 2A
Jaar 1940
Stadsarchief

Officieel proces-verbaal / Rapport van de gemeente Amsterdam.

21 oktober 1940.

Origineel

Officieel proces-verbaal / Rapport van de gemeente Amsterdam. 21 oktober 1940. Nº 37/150/M. 1940 22/10
R A P P O R T.

Op Donderdag 10 October 1940 hebben controleur v.d.Hoek en ondergetekende zich begeven naar H.v.Groningen, oud 27 jaar, winkelier met aardappelen, groenten en fruit, wonende Sluisstraat 14 huis en zyn winkel dryvende in perceel Amstelveenscheweg 153. Volgens verklaringen van den groentenhandelaar C.Feyen, oud 43 jaar, wonende Vaartstraat 4 zouden by van Groningen sterappelen bezorgd zyn door den grossier Beugel. Aangezien deze appelen volgens de bepalingen van de Nederl. Groenten-en Fruitcentrale op dat oogenblik niet afgeleverd mochten worden, stelden wy een onderzoek in. Na aanvankelyk door v.Groningen misleid te zyn, troffen wy in een loodsje op een binnenplaatsje, dat geheel aan het oog onttrokken was door er kisten aardappelen voor te plaatsen, tenslotte aan:

10 groote kisten sterappelen, inh. ongeveer 50 pond,
12 bakken " " " " 25 pond, alsmede
3 bakken z.g. Boskoopsche appelen.

Van Groningen bekende vervolgens deze appelen van Beugel gekocht en ontvangen te hebben. Op 10 October 1940 te ongeveer 11 uur v.m. werden ze aan hem afgeleverd. Wy hebben deze appelen voorloopig in beslaggenomen, waarna Mr. v.Praag de zaak in handen heeft gegeven van de Nederl. Groenten-en Fruitcentrale. De appelen mochten opgeslagen blyven ~~in de winkel van~~ op de plaats waar ze werden aangetroffen. Op Maandag 14 October 1940 werden ze aldaar door rapporteur nog aangetroffen, op Maandag 21 October 1940 waren er nog slechts 2 kisten van 50 pond aanwezig. Volgens de verklaringen van v.Groningen heeft Beugel hem medegedeeld dat hy blykens een door hem (Beugel) ontvangen verklaring van de Nederl. Groenten-en Fruitcentrale tot verkoop van de appelen kon overgaan. Beugel zou dit schryven op Dinsdag 15 October ontvangen hebben, doch heeft het Marktwezen hiervan niet verwittigd.

Den Heer Directeur
v/h Marktwezen.

Amsterdam, 21 October 1940
[Handtekening]
Marktopzichter. Dit rapport beschrijft een economisch delict in de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland. De kern van de zaak is de illegale handel in en opslag van "sterappelen" en "Boskoopsche appelen".

De belangrijkste observaties zijn:
1. Verhulling: De verdachte, H.v. Groningen, probeerde de voorraad actief te verbergen achter kisten aardappelen in een afgesloten loodsje. Dit wijst op het bewust overtreden van de regels.
2. Regulering: De "Nederl. Groenten-en Fruitcentrale" (NGF) bepaalde wanneer oogsten op de markt mochten komen. Dit was bedoeld om de distributie te beheersen en prijsopdrijving/zwarte handel te voorkomen.
3. Verdwijning van bewijslast: Hoewel de appelen officieel in beslag waren genomen, mochten ze ter plaatse blijven staan. Tussen 14 en 21 oktober is het overgrote deel van de partij (van 22 kisten/bakken naar slechts 2 kisten) verdwenen, vermoedelijk illegaal verkocht.
4. Verdediging: De winkelier schuift de verantwoordelijkheid naar de grossier (Beugel), die beweerd zou hebben dat er inmiddels toestemming was voor de verkoop. In oktober 1940 bevond Nederland zich in de eerste maanden van de Duitse bezetting. De economie werd in hoog tempo omgevormd tot een geleide economie om de Duitse oorlogsmachine te voeden en de binnenlandse voedselvoorziening stabiel te houden via het distributiestelsel.

De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) speelde hierin een centrale rol. Zij stelden veilingdata en leveringsvoorwaarden vast. Handelaren die buiten deze centrale om werkten, maakten zich schuldig aan 'sluikhandel'. Het Marktwezen in Amsterdam was verantwoordelijk voor de lokale controle op deze regels.

Dit document illustreert de dagelijkse praktijk van de "economische opsporing" en de spanning tussen kleine ondernemers, groothandelaren en de toezichthoudende instanties in een tijd van toenemende schaarste en strikte regelgeving.

Samenvatting

Dit rapport beschrijft een economisch delict in de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland. De kern van de zaak is de illegale handel in en opslag van "sterappelen" en "Boskoopsche appelen".

De belangrijkste observaties zijn:
1. Verhulling: De verdachte, H.v. Groningen, probeerde de voorraad actief te verbergen achter kisten aardappelen in een afgesloten loodsje. Dit wijst op het bewust overtreden van de regels.
2. Regulering: De "Nederl. Groenten-en Fruitcentrale" (NGF) bepaalde wanneer oogsten op de markt mochten komen. Dit was bedoeld om de distributie te beheersen en prijsopdrijving/zwarte handel te voorkomen.
3. Verdwijning van bewijslast: Hoewel de appelen officieel in beslag waren genomen, mochten ze ter plaatse blijven staan. Tussen 14 en 21 oktober is het overgrote deel van de partij (van 22 kisten/bakken naar slechts 2 kisten) verdwenen, vermoedelijk illegaal verkocht.
4. Verdediging: De winkelier schuift de verantwoordelijkheid naar de grossier (Beugel), die beweerd zou hebben dat er inmiddels toestemming was voor de verkoop.

Historische Context

In oktober 1940 bevond Nederland zich in de eerste maanden van de Duitse bezetting. De economie werd in hoog tempo omgevormd tot een geleide economie om de Duitse oorlogsmachine te voeden en de binnenlandse voedselvoorziening stabiel te houden via het distributiestelsel.

De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) speelde hierin een centrale rol. Zij stelden veilingdata en leveringsvoorwaarden vast. Handelaren die buiten deze centrale om werkten, maakten zich schuldig aan 'sluikhandel'. Het Marktwezen in Amsterdam was verantwoordelijk voor de lokale controle op deze regels.

Dit document illustreert de dagelijkse praktijk van de "economische opsporing" en de spanning tussen kleine ondernemers, groothandelaren en de toezichthoudende instanties in een tijd van toenemende schaarste en strikte regelgeving.

Gerelateerde Documenten 6