Bijblad (dossieromslag of begeleidingsvel) voor administratieve correspondentie.
Origineel
Bijblad (dossieromslag of begeleidingsvel) voor administratieve correspondentie. [Gedrukt kader linksboven:]
B I J B L A D V A N :
M. No. 53/83/1 1940 [handgeschreven toevoeging '40']
DOORGEZONDEN: 30/11 [handgeschreven]
[Rechtsboven in potlood/inkt:]
opvragen e brief
terug 2/12 '40
[Midden rechts in grote rode inkt:]
53 / 83 / 2M
1940
[Midden links en onder, handgeschreven in potlood:]
voortuinenkaart
verstrekt 2/1/41 [paraaf]
4 Januari 1941.
Stedenb. opbouw
opbergn 7/1 41
[paraaf] 11/1 -41
[Onderkant, gedrukte voettekst:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document fungeert als een 'begeleidingsstrook' of 'bijblad' voor een administratief dossier. Het dient om de voortgang, het uitlenen en het opbergen van stukken binnen een bureaucratisch proces te registreren.
- Dossieridentificatie: Het dossier is geregistreerd onder nummer 53/83. De rode markering "2M" duidt mogelijk op een specifieke onderverdeling of een fysieke opberglocatie.
- Procesverloop:
- Eind november 1940 is er een brief opgevraagd.
- In januari 1941 is er een "voortuinenkaart" verstrekt, waarschijnlijk aan de afdeling Stedenbouw of "Stedenb. opbouw" (Stedenbouwkundige opbouw).
- De laatste aantekeningen betreffen het proces van archivering ("opbergen"), voltooid op 11 januari 1941.
- Vormkenmerken: De mix van gedrukte formuliertekst, rode archiefinkt en snelle potloodaantekeningen is typerend voor de Nederlandse administratieve praktijk in de eerste helft van de 20e eeuw. Het document dateert uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (winter 1940-1941). Desondanks vertoont het document de voortzetting van de reguliere Nederlandse bureaucratie. Het gebruik van "Model No. 14" van de afdeling Algemene Zaken wijst op een gestandaardiseerde werkwijze die al voor de oorlog (zoals de voettekst uit 1937 aangeeft) was vastgelegd.
De referentie naar een "voortuinenkaart" en "Stedenb. opbouw" suggereert dat het dossier betrekking heeft op ruimtelijke ordening, stadsplanning of de handhaving van bouwverordeningen. In deze periode bleven gemeentelijke diensten voor openbare werken en stadsontwikkeling grotendeels functioneren volgens de bestaande regels, tenzij de bezetter direct ingreep. M. No