Archief 745
Inventaris 745-334
Pagina 334
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen.

13 april 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markthallen Amsterdam). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier.

Origineel

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen. 13 april 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markthallen Amsterdam). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. [Handgeschreven linksboven:]
Genoteerd
[paraaf]

[Handgeschreven rechtsboven:]
K. Müller

VP/HG.

66/4/2 M.

13 April 1940.

Ontbinding huurcontract met
C.de Jong Jr., inzake pakhuis-
afdeeling Hal Centrale Markt.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 10 April jl. door C.de Jong Jr. aan mij gerichten brief. De Jong heeft pakhuisafdeeling no. H 10 in de hal op de Centrale Markt in huur voor de periode van 1 Januari tot en met 31 December 1940; de jaarlijksche huurprijs bedraagt ƒ 1000,-. De financieele omstandigheden van De Jong maken het mijns inziens voor hem wenschelijk, dat zijn verzoek, het met hem gesloten huurcontract te ontbinden, wordt ingewilligd. De Jong is voornemens op 1 Mei a.s. als personeel in dienst te treden bij zijn zwager, den grossier Beugel; zijn eigen zaak zal derhalve ophouden te bestaan.

Ik geef U beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat bij besluit van Burgemeester en Wethouders het met C.de Jong Jr. gesloten huurcontract inzake pakhuisafdeeling no. H 10 in de hal op de Centrale Markt ontbonden wordt verklaard, zulks met ingang van 1 Mei 1940.

De Directeur, Deze brief is een formeel ambtelijk verzoek van de directeur van de Centrale Markt aan de verantwoordelijke wethouder. De kern van het schrijven is het verzoek om een lopend huurcontract van een handelaar, C. de Jong Jr., voortijdig te beëindigen.

De directeur onderbouwt dit verzoek door te wijzen op de slechte financiële situatie van de huurder. De Jong kan de jaarlijkse huur van 1000 gulden blijkbaar niet meer opbrengen en heeft besloten zijn eigen onderneming te staken om als werknemer in dienst te treden bij zijn zwager, een grossier genaamd Beugel. De directeur adviseert de wethouder om dit verzoek voor te leggen aan het college van Burgemeester en Wethouders (B&W) voor een officieel besluit, met als beoogde einddatum 1 mei 1940. Het document dateert van 13 april 1940, minder dan een maand voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). De "Centrale Markt" verwijst naar de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam, die in 1934 werden geopend als centraal punt voor de voedselvoorziening en handel van de stad.

De brief geeft een inkijkje in de economische realiteit van kleine handelaren aan de vooravond van de oorlog; de financiële moeilijkheden van De Jong kunnen wijzen op de algemene economische malaise of de specifieke druk op de handelssector in die tijd. Administratief gezien toont het document de strikte hiërarchische procedures binnen de gemeente Amsterdam, waarbij zelfs voor de ontbinding van een individueel huurcontract een besluit van B&W nodig was. De handgeschreven naam "K. Müller" duidt waarschijnlijk op de ambtenaar of secretaris die het dossier in behandeling had.

Samenvatting

Deze brief is een formeel ambtelijk verzoek van de directeur van de Centrale Markt aan de verantwoordelijke wethouder. De kern van het schrijven is het verzoek om een lopend huurcontract van een handelaar, C. de Jong Jr., voortijdig te beëindigen.

De directeur onderbouwt dit verzoek door te wijzen op de slechte financiële situatie van de huurder. De Jong kan de jaarlijkse huur van 1000 gulden blijkbaar niet meer opbrengen en heeft besloten zijn eigen onderneming te staken om als werknemer in dienst te treden bij zijn zwager, een grossier genaamd Beugel. De directeur adviseert de wethouder om dit verzoek voor te leggen aan het college van Burgemeester en Wethouders (B&W) voor een officieel besluit, met als beoogde einddatum 1 mei 1940.

Historische Context

Het document dateert van 13 april 1940, minder dan een maand voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). De "Centrale Markt" verwijst naar de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam, die in 1934 werden geopend als centraal punt voor de voedselvoorziening en handel van de stad.

De brief geeft een inkijkje in de economische realiteit van kleine handelaren aan de vooravond van de oorlog; de financiële moeilijkheden van De Jong kunnen wijzen op de algemene economische malaise of de specifieke druk op de handelssector in die tijd. Administratief gezien toont het document de strikte hiërarchische procedures binnen de gemeente Amsterdam, waarbij zelfs voor de ontbinding van een individueel huurcontract een besluit van B&W nodig was. De handgeschreven naam "K. Müller" duidt waarschijnlijk op de ambtenaar of secretaris die het dossier in behandeling had.

Gerelateerde Documenten 6