Archief 745
Inventaris 745-337
Pagina 48
Dossier 11
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte notulen van een vergadering (waarschijnlijk een commissie- of raadsvergadering).

Origineel

Getypte notulen van een vergadering (waarschijnlijk een commissie- of raadsvergadering). -5-

sistentie toe te staan; de Commissie heeft dan ook vol-
gens spreker terzake geen taak. Spreker bestrydt den
heer Neeter, wat betreft het plaatsen van deze venters
op de markten. Spreker is van meening, dat op de mark-
ten de kooplieden met levensmiddelen veel meer roepen
dan dit door de venters geschiedt.

De heer Presser is van meening, dat de Wethouder met zyn onderhavig
voorstel niet zoozeer bedoelt het verleenen van bystand
aan deze twee personen als wel de mogelykheid van over-
dracht der ventvergunning na een aantal jaren. Zoodra
men het principe van bystand door kinderen aanvaardt,
acht spreker het moreel een plicht er zorg voor te dra-
gen, dat het bestaan van zoo'n kind wordt gewaarborgd,
omdat het de mogelykheid wordt ontnomen om in een ander
vak werkzaam te zyn. Het geval Lymer, opgenomen in het
onderhavige voorstel, acht spreker echter niet een goed
voorbeeld. Deze man heeft reeds zyn heele leven een keel-
aandoening, zonder dat hy ooit hulp nodig heeft gehad.
In principe kan spreker zich evenwel vereenigen met het
voorstel van den Wethouder.

De heer Neeter acht het een moreele plicht, om te voorkomen, dat
dergelyke jeugdige kinderen in den straathandel worden
toegelaten, uitsluitend om met het roepen behulpzaam te
zyn.

De heer Gaaikema deelt mede, dat van de zyde der politie geen bezwaar
tegen het onderhavige voorstel bestaat.

De heer Presser deelt nog mede, dat hy, in plaats van zestien jaar,
den leeftyd op achttien jaar gesteld wil zien.

De Voorzitter acht het gewenscht deze aangelegenheid principieel te
bezien; immers door het onderhavige voorstel wordt de
mogelykheid van overdracht van een ventvergunning ge-
opend naast uitbreiding van het venterscorps door middel
van de assistentie. Spreker wyst er op, dat op het Stad-
huis nog een sollicitantenlyst bestaat, waarop tal van
personen zyn ingeschreven, die niet in het bezit van een
vergunning kunnen komen. Indien de venter, wien bystand
is verleend, binnen vyf jaar overlydt, bestaat toch de
moreele plicht om de ventvergunning aan zyn assistent * Onderwerp: De tekst verslaat een beraadslaging over het reguleren van ventvergunningen en het toestaan van assistentie (door kinderen) aan straatventers.
* Kernpunten van de discussie:
* De overdraagbaarheid van vergunningen na een bepaalde periode.
* De inzet van jonge kinderen in de straathandel, specifiek voor het 'roepen' van waren.
* De minimumleeftijd voor assistenten (voorstel om deze van 16 naar 18 jaar te verhogen).
* De morele zorgplicht voor de toekomst van kinderen die op jonge leeftijd dit vak ingaan.
* Het spanningsveld tussen het helpen van individuele gevallen (zoals de genoemde heer Lymer) en de wachtlijst van andere werkzoekenden op het stadhuis.
* Sprekers: De heer Presser, de heer Neeter, de heer Gaaikema en de Voorzitter. * Datering: Gezien de spelling (vóór de spellinghervorming van 1947) en de focus op strakke regulering van de straathandel, dateert dit document waarschijnlijk uit de eerste helft van de 20e eeuw.
* Maatschappelijke context: Het document illustreert de bureaucratische aanpak van klein ondernemerschap in Nederlandse steden en de groeiende aandacht voor kinderwelzijn versus economische noodzaak. Het 'venterscorps' was destijds een gereguleerde groep, waarbij vergunningen schaars waren.
* Locatie: De vermelding van 'het Stadhuis' en de bemoeienis van de politie duiden op een gemeentelijke context in Nederland.

Samenvatting

  • Onderwerp: De tekst verslaat een beraadslaging over het reguleren van ventvergunningen en het toestaan van assistentie (door kinderen) aan straatventers.
  • Kernpunten van de discussie:
    • De overdraagbaarheid van vergunningen na een bepaalde periode.
    • De inzet van jonge kinderen in de straathandel, specifiek voor het 'roepen' van waren.
    • De minimumleeftijd voor assistenten (voorstel om deze van 16 naar 18 jaar te verhogen).
    • De morele zorgplicht voor de toekomst van kinderen die op jonge leeftijd dit vak ingaan.
    • Het spanningsveld tussen het helpen van individuele gevallen (zoals de genoemde heer Lymer) en de wachtlijst van andere werkzoekenden op het stadhuis.
  • Sprekers: De heer Presser, de heer Neeter, de heer Gaaikema en de Voorzitter.

Historische Context

  • Datering: Gezien de spelling (vóór de spellinghervorming van 1947) en de focus op strakke regulering van de straathandel, dateert dit document waarschijnlijk uit de eerste helft van de 20e eeuw.
  • Maatschappelijke context: Het document illustreert de bureaucratische aanpak van klein ondernemerschap in Nederlandse steden en de groeiende aandacht voor kinderwelzijn versus economische noodzaak. Het 'venterscorps' was destijds een gereguleerde groep, waarbij vergunningen schaars waren.
  • Locatie: De vermelding van 'het Stadhuis' en de bemoeienis van de politie duiden op een gemeentelijke context in Nederland.

Locaties

De vermelding van 'het Stadhuis' en de bemoeienis van de politie duiden op een gemeentelijke context in Nederland.

Kooplieden in dit dossier 2

Bur.v.Maatsch.Steun Waterlooplein 751
P. Werken Waterlooplein 697

Gerelateerde Documenten 4