Archief 745
Inventaris 745-337
Pagina 119
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Administratieve kaart/bijblad van de gemeente Amsterdam (Marktwezen).

Dossier: 14, 72/83/1

Origineel

Administratieve kaart/bijblad van de gemeente Amsterdam (Marktwezen). [Linksboven in kader]
BIJBLAD VAN:
M. No. 72/83/1 1940
DOORGEZONDEN: 20/8-’40

[Rechtsboven]
Th. Müller [handtekening] 627
(M) [stempel]

[Midden boven, handgeschreven]
Gerrit Hoepelman
geb. 12-11-’98
ventverg. E.Z. nr 30.
huishoudelijke artikelen
geh. stad.
betaald: ’38-’39
’39-’40.

[Midden rechts, in rode inkt]
6.
72/83/2 M
23/8/40
[Paraaf, mogelijk AB]

[Onderzijde, handgeschreven paragraaf]
Indien van de ventvergunning geen
gebruikt wordt gemaakt, behoeft deze
ook niet te worden vernieuwd.
Zoodra Hoepelman het beroep van venter
weer kan opnemen, dient hij zich ten
kantore van het Marktwezen te vervoegen
om zijn ventvergunning tegen betaling

[Linksonder voorgedrukte tekst]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een officieel bijblad betreffende de ventvergunning van de heer Gerrit Hoepelman. Uit de gegevens blijkt dat hij een vergunning (nr. 30) had voor het uitventen van huishoudelijke artikelen in de gehele stad (Amsterdam). De administratie vermeldt dat de leges voor de jaren 1938 tot en met 1940 zijn voldaan.

De handgeschreven aantekening onderaan is een instructie: zolang de vergunning niet wordt gebruikt, hoeft deze niet verlengd te worden. Echter, zodra de betrokkene zijn werkzaamheden als venter wil hervatten, moet hij zich melden bij het kantoor van het Marktwezen om de vergunning tegen betaling opnieuw te activeren of te vernieuwen. Dit wijst op een tijdelijke staking van de werkzaamheden in de zomer van 1940. Het document dateert van augustus 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam "Hoepelman" komt in Amsterdam veelal voor binnen de Joodse gemeenschap. In deze periode begonnen de eerste beperkende maatregelen voor Joodse burgers en ondernemers van kracht te worden, hoewel de grote uitsluiting van het economisch leven (zoals het verbod op straathandel voor Joden) pas later in de bezettingstijd (september 1941) definitief werd vastgelegd.

De opmerking dat de vergunning niet vernieuwd hoeft te worden zolang deze niet gebruikt wordt, kan duiden op een persoonlijke omstandigheid (zoals ziekte of het niet kunnen verkrijgen van handelwaar), maar in de context van 1940 kan het ook een voorbode zijn van de toenemende druk op Joodse neringdoenden. Het formulier is afkomstig uit de administratie van het Marktwezen, de gemeentelijke instantie die toezicht hield op markten en straathandel in Amsterdam. M. No Gemeente Amsterdam Marktwezen

Samenvatting

Dit document is een officieel bijblad betreffende de ventvergunning van de heer Gerrit Hoepelman. Uit de gegevens blijkt dat hij een vergunning (nr. 30) had voor het uitventen van huishoudelijke artikelen in de gehele stad (Amsterdam). De administratie vermeldt dat de leges voor de jaren 1938 tot en met 1940 zijn voldaan.

De handgeschreven aantekening onderaan is een instructie: zolang de vergunning niet wordt gebruikt, hoeft deze niet verlengd te worden. Echter, zodra de betrokkene zijn werkzaamheden als venter wil hervatten, moet hij zich melden bij het kantoor van het Marktwezen om de vergunning tegen betaling opnieuw te activeren of te vernieuwen. Dit wijst op een tijdelijke staking van de werkzaamheden in de zomer van 1940.

Historische Context

Het document dateert van augustus 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam "Hoepelman" komt in Amsterdam veelal voor binnen de Joodse gemeenschap. In deze periode begonnen de eerste beperkende maatregelen voor Joodse burgers en ondernemers van kracht te worden, hoewel de grote uitsluiting van het economisch leven (zoals het verbod op straathandel voor Joden) pas later in de bezettingstijd (september 1941) definitief werd vastgelegd.

De opmerking dat de vergunning niet vernieuwd hoeft te worden zolang deze niet gebruikt wordt, kan duiden op een persoonlijke omstandigheid (zoals ziekte of het niet kunnen verkrijgen van handelwaar), maar in de context van 1940 kan het ook een voorbode zijn van de toenemende druk op Joodse neringdoenden. Het formulier is afkomstig uit de administratie van het Marktwezen, de gemeentelijke instantie die toezicht hield op markten en straathandel in Amsterdam.

Genoemde Personen 1

M. No

Producten

Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 2

Bur.v.Maatsch.Steun Waterlooplein 751
P. Werken Waterlooplein 697

Gerelateerde Documenten 4