Inspectierapport / Rapport van bevindingen.
Origineel
Inspectierapport / Rapport van bevindingen. 7 december 1940. Waarschijnlijk een inspecteur of rechercheur van de marktpolitie (ondertekening lijkt "Dijkhema"). Rapport
Op Buiksloterdijk 132 is gevestigd een rijwielzaak. Tevens oefent men hier het bedrijf uit van op- en verkoop van gebruikte en gedragen artikelen, als fietsen, meubelen, kleeding, huisraad e.d.
Het bedrijf staat op naam van Jan H Luit geb.: 29.1.1903 woonadres Beijerlandstraat 9hs.
H. Luit is in het bezit van een register als bedoeld in artikel 437 van het W. v. Strafr.
Jan H Luit zelf zit in de gevangenis, hij was betrokken bij de distributie-diefstal gepleegd a/d Baanweg.
De zaakwaarnemer S. G. Eijlers woonende Korenbloemstraat 57 II handelt nu voor rekening en verantwoording voor H Luit.
Dit is geoorloofd wegens art 437 W. v. S. punt C mits behoorlijk toezicht en controle door H Luit wordt uitgeoefend laat uitoefenen.
Voor het bedrijf van op- en verkooper aan huis wordt geen vergunning van B & W vereischt.
Wel bleek mij bij inzage van bedoeld register, dat de adreswijziging niet bij is gehouden. Tevens zijn er nogal lange perioden geen op- of verkoopingen genoteerd.
Na de inbeslagneming van de partij distributiebonnen schijnt dit geregeld plaats te hebben gevonden.
In de Gerwersstraat 72 hebben vader en zoon Mourits een lompen-sorteerderij en koopen hier tevens op.
Voor het bedrijf als opkooper aan huis hebben zij geen vergunning van B & W van Amsterdam noodig.
Als op- en verkooper langs de weg hebben vader en zoon beiden de vereischte vergunning van B & W van Amsterdam.
N.S. Het adres van bijgaande briefschrijver aan WelEd Gestrengen Heer Burgemeester van Amsterdam is:
G. Barbieri Packerusstraat 40 II Amsterdam (W).
Aan den
Inspecteur
v/h Marktwezen.
Amsterdam
7 December 1940
[Handtekening: Dijkhema]
Zie bijgaande advertentie van Jan H Luit uit de Noord-Amsterdammer. Het document is een verslag van een controle op de naleving van de regels voor de handel in tweedehands goederen (het opkopersregister). De kernpunten zijn:
- Strafrechtelijke context: De eigenaar van de rijwielzaak, Jan H. Luit, zit vast voor "distributie-diefstal" (het stelen van rantsoenbonnen). Dit was een ernstig vergrijp in oorlogstijd, aangezien het hele voedselvoorzieningssysteem op deze bonnen rustte.
- Juridische constructie: Omdat Luit vastzit, neemt S.G. Eijlers de zaak waar. De rapporteur toetst dit aan Artikel 437 van het Wetboek van Strafrecht, dat handelaren verplicht een register bij te houden om heling tegen te gaan.
- Administratieve tekortkomingen: De rapporteur merkt op dat het register van Luit onvolledig is: adreswijzigingen ontbreken en er zijn periodes waarin niets is genoteerd. Opvallend is de opmerking dat de registratie pas weer "geregeld" lijkt sinds de inbeslagname van gestolen distributiebonnen, wat duidt op verscherpt toezicht na een misdrijf.
- Vergunningsstelsel: Er wordt een onderscheid gemaakt tussen opkoop aan huis (geen vergunning van B&W nodig) en verkoop op de openbare weg (wel vergunning nodig). Dit rapport is geschreven in december 1940, zeven maanden na het begin van de Duitse bezetting. In deze periode nam de schaarste in Nederland toe en werden steeds meer goederen "op de bon" gezet. Dit leidde tot een enorme toename van criminaliteit rondom distributiebonnen en een bloeiende zwarte handel.
De overheidscontrole op tweedehands handelaren (opkopers) werd verscherpt omdat via deze weg vaak gestolen goederen of bonnen werden witgewassen. De "Inspecteur van het Marktwezen" speelde een cruciale rol in het handhaven van de economische orde in de stad. De genoemde locaties in Amsterdam-Noord (Buiksloterdijk) en de verwijzing naar de krant "De Noord-Amsterdammer" plaatsen dit document midden in de lokale Amsterdamse geschiedenis tijdens de Tweede Wereldoorlog. G. Barbieri G. Eijlers H. Luit N.S. Het S.G. Eijlers Marktwezen