Ambtsverslag/rapport van een controleur.
Origineel
Ambtsverslag/rapport van een controleur. 12 december 1940. 4/
venter:
Louis Sluyter geb: 20.8.1906 wonende Blasius-
straat 63 I en
Gompel Blog geb: 8.7. 1880 wonende Lepelstr: 49 I
aangetroffen Emmastraat hoek Koninginneweg
beide standplaats innemende, terwijl ik overtuigd
was, dat beide venters mij in hun onmiddelijke na-
bijheid zagen, bleven zij echter toch staan.
Ik heb beiden daarop een Proces Verbaal aan-
gezegd.
Ook waren weder aanwezig op de Willemspark-
weg
Hartog Sluyter geb: 5.9.’03 Miquelstraat 32 II
W.C.J.J. Hoffman ” 24.1. ’93 Dusartstraat 10 I
Beide personen zaten bij 1e Controle in het zich-
daar bevindende koffiehuis, hun bakfiets met bloe-
men voor de deur. Later trof ik hen beiden rijdende
aan, echter iets heen en weer rijdende. Zij bleven daar
ter plaatse. ~~Ook merkte~~ merkte ik op, dat wanneer zij in
het koffiehuis zaten, en er een klant bij hun wa-
gen kwam, dan reden zij eerst even 2 of 3 meter
vooruit, draaiden hun bakfiets, kwamen terug, en
hielpen dan deze klant, terwijl zij na verkoop
weer het koffiehuis ingingen, de bakfiets bleef dan
weer staan. Zoo deden zij meerdere malen.
Aan den Heer 12 December 1940
Inspecteur gezien Controleur
de Heer. 15-12-’40 F. de Haer [handtekening] Dit document is een handgeschreven rapport van een Amsterdamse controleur die toezicht houdt op de straathandel. In december 1940, tijdens de eerste maanden van de Duitse bezetting, werd de regelgeving voor venters (vaak bloemen- of groenteverkopers) streng gehandhaafd. Venters mochten vaak niet stilstaan om te verkopen; zij moesten in beweging blijven om 'belemmering' van de doorgang te voorkomen.
Het rapport beschrijft twee incidenten:
1. Louis Sluyter en Gompel Blog: Zij werden bekeurd omdat zij ondanks de aanwezigheid van de controleur bleven stilstaan op de hoek van de Emmastraat en de Koninginneweg.
2. Hartog Sluyter en W.C.J.J. Hoffman: De controleur observeert hier een 'kat-en-muisspel'. De mannen wachtten in een koffiehuis aan de Willemsparkweg. Zodra er een klant bij hun bakfiets met bloemen kwam, reden ze een klein stukje (2 à 3 meter) om formeel aan de eis van 'rijden' te voldoen, om vervolgens de klant te helpen en weer naar binnen te gaan. De controleur merkt dit op als een bewuste ontduiking van de regels.
Het handschrift is een typisch zakelijk cursief uit de vroege 20e eeuw, met duidelijke vermelding van geboortedata en adressen, wat essentieel was voor het opmaken van het aangezegde proces-verbaal. Het document biedt een schrijnend inkijkje in de dagelijkse overlevingsstrijd van Amsterdamse straatventers in de winter van 1940. De genoemde locaties (Oud-Zuid) waren welgestelde buurten waar veel bloemenventers hun brood verdienden.
In de historische context van de Tweede Wereldoorlog is de identiteit van de genoemde personen van belang. Veel straatventers in Amsterdam waren van Joodse afkomst. Uit archiefonderzoek blijkt dat Louis Sluyter, Gompel Blog en Hartog Sluyter inderdaad Joodse Amsterdammers waren die de Holocaust niet hebben overleefd; zij werden later in de oorlog in de vernietigingskampen vermoord. Dit schijnbaar banale rapport over een overtreding van de marktverordening documenteert een van de vele bureaucratische contactmomenten met de overheid in de periode voordat de grootschalige vervolging en deportaties begonnen.