Archief 745
Inventaris 745-338
Pagina 38
Dossier 39
Jaar 1940
Stadsarchief

Proces-verbaal (officieel rapport van een opsporingsambtenaar).

Origineel

Proces-verbaal (officieel rapport van een opsporingsambtenaar). [Linksboven handgeschreven:]
M. K.
77/40 h M. 1940

PRO-JUSTITIA
MARKTWEZEN TE AMSTERDAM
Artikel 461 Wetboek van Strafrecht.

No. Politie [leeg]

Proces-verbaal

Ik, ondergetekende, Petrus Cornelis Postema
Ambtenaar bij het Marktwezen te Amsterdam, tevens onbezoldigd veldwachter, verklaar het navolgende :
Op Dinsdag 22 October 1940, des ~~voor~~ na middags te ongeveer 12 uur 15 minuten bevond ik mij, in uniform gekleed ~~in burger gekleed~~ op het terrein van de Centrale Markt, aan de Jan van Galenstraat te Amsterdam (W) en constateerde, dat een persoon aldaar liep, terwijl ik het vermoeden had, dat hij uit geenerlei hoofde daartoe bevoegd was.
Bedoeld terrein is door kanalen en hekwerken geheel van de openbare wegen afgesloten en op verschillende plaatsen bij toegangen in de hekwerken en aan den waterkant zijn borden aangebracht met het duidelijk leesbare opschrift : ,,Verboden Toegang", ,,art. 461 Wetb. van Strafrecht".
Ik hield bedoelde persoon staande en verklaarde hij desgevraagd niet uit eenigerlei hoofde bevoegd te zijn, om op den grond van de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat te Amsterdam te loopen. Hij was wel in het bezit van een legitimatiekaart, hem als rechthebbende door den Directeur van het Marktwezen verstrekt, doch deze kaart was niet voorzien van een daarbij behoorend betalings-bewijs.

Desgevraagd gaf hij op genaamd te zijn :
JAN DE JONG,
geboren te Buiksloot, den 8en October 1917
wonende Morelstraat 1 I te Amsterdam-Noord
van beroep bloemist

Ik zegde hem dit Proces-verbaal aan.
Hiervan op mijn ambts- ~~eed~~ belofte opgemaakt dit Proces-verbaal te Amsterdam, 14 November 1940.

De Ambtenaar voornoemd,
[Handtekening:] P.C. Postema.

GEZIEN :
De Commissaris van Politie
in de 2e Sectie :

Model C.M. 38-250-3-'39-138
Z. O. Z. Dit document is een standaard proces-verbaal voor een overtreding van Artikel 461 van het Wetboek van Strafrecht (het zich bevinden op verboden terrein). De kern van de zaak is bureaucratisch van aard: de verdachte, de 23-jarige bloemist Jan de Jong, had wel een geldige legitimatiekaart van het Marktwezen, maar hij kon niet aantonen dat hij de bijbehorende leges of marktgelden had betaald. Zonder dit betalingsbewijs werd zijn aanwezigheid op het streng bewaakte terrein van de Centrale Markthallen als onrechtmatig beschouwd.

Opvallend is de functiebeschrijving van de verbalisant Postema: hij is ambtenaar bij het Marktwezen, maar treedt hier op in zijn hoedanigheid van "onbezoldigd veldwachter", wat hem de bevoegdheid geeft om strafrechtelijk op te treden op het marktterrein. Het incident vindt plaats in oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel het formulier zelf nog een vooroorlogs model is (3-'39), weerspiegelt de situatie de aangescherpte controle op de voedseldistributie en handelsstromen in de stad. De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat waren het kloppende hart van de Amsterdamse voedselvoorziening. Voor een bloemist uit Amsterdam-Noord was toegang tot de markt essentieel voor zijn bedrijfsvoering, maar de autoriteiten hanteerden strikte regels voor wie zich op het terrein mocht bevinden, mede om illegale handel en onregelmatigheden te voorkomen. Het proces-verbaal toont aan dat zelfs kleine administratieve verzuimen, zoals het ontbreken van een betalingsbewijs, in deze periode strikt werden gehandhaafd. P.C. Postema Marktwezen Politie

Samenvatting

Dit document is een standaard proces-verbaal voor een overtreding van Artikel 461 van het Wetboek van Strafrecht (het zich bevinden op verboden terrein). De kern van de zaak is bureaucratisch van aard: de verdachte, de 23-jarige bloemist Jan de Jong, had wel een geldige legitimatiekaart van het Marktwezen, maar hij kon niet aantonen dat hij de bijbehorende leges of marktgelden had betaald. Zonder dit betalingsbewijs werd zijn aanwezigheid op het streng bewaakte terrein van de Centrale Markthallen als onrechtmatig beschouwd.

Opvallend is de functiebeschrijving van de verbalisant Postema: hij is ambtenaar bij het Marktwezen, maar treedt hier op in zijn hoedanigheid van "onbezoldigd veldwachter", wat hem de bevoegdheid geeft om strafrechtelijk op te treden op het marktterrein.

Historische Context

Het incident vindt plaats in oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel het formulier zelf nog een vooroorlogs model is (3-'39), weerspiegelt de situatie de aangescherpte controle op de voedseldistributie en handelsstromen in de stad. De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat waren het kloppende hart van de Amsterdamse voedselvoorziening. Voor een bloemist uit Amsterdam-Noord was toegang tot de markt essentieel voor zijn bedrijfsvoering, maar de autoriteiten hanteerden strikte regels voor wie zich op het terrein mocht bevinden, mede om illegale handel en onregelmatigheden te voorkomen. Het proces-verbaal toont aan dat zelfs kleine administratieve verzuimen, zoals het ontbreken van een betalingsbewijs, in deze periode strikt werden gehandhaafd.

Genoemde Personen 1

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Kruidenier (Droog): Bloem Textiel & Kleding: Hoed Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Pet Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen Politie

Gerelateerde Documenten 5