Ambtsbrief / Dienstmemo.
Origineel
Ambtsbrief / Dienstmemo. 30 oktober 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt Amsterdam). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). Extra [handgeschreven]
VP/HG.
77/49/3 M.
1
30 October 1940.
Uitsluiting kooper Centrale
Markt.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te
doen toekomen van een op 28 October jl. door den contrôleur
Boon van mijn dienst opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat
H.P.Starreveld, Brouwersgracht 37, wien als kooper toegang
tot de Centrale Markt is verleend, zich aldaar op 28 October
jl. heeft schuldig gemaakt aan diefstal van zes veilingkisten.
Mijnerzijds is Starreveld, overeenkomstig het bepaalde in
artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, ge-
straft met ontneming van het recht van toegang tot die markt
voor den tijd van twee weken, namelijk van 30 October tot en
met 12 November a.s.; tevens werd terzake proces-verbaal opge-
maakt. Ik heb de eer U beleefd in overweging te geven wel te
willen bevorderen, dat Starreveld voornoemd, overeenkomstig
het bepaalde in het tweede lid van bovenaangehaald artikel,
door Burgemeester en Wethouders wordt gestraft met ontneming
van het bedoelde recht voor den tijd van zes maanden, zulks
met ingang van 13 November a.s.
De Directeur, In deze brief rapporteert de directeur van de Centrale Markt aan de Wethouder voor de Levensmiddelen over een incident. Een geregistreerde koper, H.P. Starreveld, wonende aan de Brouwersgracht 37, is op 28 oktober 1940 betrapt op de diefstal van zes veilingkisten.
De directeur heeft direct gebruikgemaakt van zijn bevoegdheid onder Artikel 35 lid 1 van het Marktreglement om de man voor twee weken de toegang te ontzeggen (tot 12 november). Hij verzoekt de wethouder echter om de zaak voor te leggen aan het College van Burgemeester en Wethouders om een zwaardere straf op te leggen, gebaseerd op het tweede lid van datzelfde artikel: een ontzegging van de toegang voor de duur van zes maanden. Er is tevens proces-verbaal opgemaakt van het voorval. Dit document stamt uit de beginperiode van de Duitse bezetting van Nederland (oktober 1940). De Centrale Markt in Amsterdam was een cruciaal knooppunt voor de voedselvoorziening van de stad. In tijden van schaarste en naderende rantsoenering werd er streng gecontroleerd op de naleving van regels.
Diefstal van bedrijfsmiddelen zoals veilingkisten werd hoog opgenomen, omdat het de logistiek van de voedselketen verstoorde. De formele toon en de strikte hiërarchische weg (directeur -> wethouder -> B&W) typeren de ambtelijke afhandeling van dergelijke vergrijpen in die tijd. De wethouder voor Levensmiddelen had in deze periode een zeer verantwoordelijke en politiek gevoelige taak om de stad van voedsel te blijven voorzien onder toezicht van de bezetter.