Getypte brief met handgeschreven kanttekening.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekening. 5 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt Amsterdam). [Handgeschreven rechtsboven:] extra
VP/HG.
77/51/4 H.
1
5 November 1940.
Straf kooper Centrale
Markt.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 1 November jl. door den contrôleur van mijn dienst J.P.N. Boon opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat W.J. Janbroers, Zaanhof 29 I Amsterdam, wien als personeel van een kooper toegang tot de Centrale Markt is verleend, zich aldaar op 30 October jl. heeft schuldig gemaakt aan diefstal van vier ledige veilingkisten. Terzake van dit feit is dezerzijds proces-verbaal opgemaakt, terwijl Janbroers voornoemd, ingevolge het bepaalde in artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, door mij is gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van 14 dagen, namelijk van 4 tot en met 17 November a.s.
Ik heb de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorderen, dat W.J. Janbroers voornoemd, ingevolge het tweede lid van bovenaangehaald artikel, door Burgemeester en Wethouders wordt gestraft met ontneming van het bedoelde recht voor den tijd van zes maanden, zulks met ingang van 18 November a.s.
De Directeur, In deze brief rapporteert de directeur van de Centrale Markt aan de Amsterdamse wethouder voor Levensmiddelen over een incident waarbij een medewerker van een marktkoopman, W.J. Janbroers, is betrapt op de diefstal van vier lege veilingkisten op 30 oktober 1940.
De directeur heeft Janbroers direct een toegangsverbod opgelegd van 14 dagen op basis van het marktreglement (artikel 35, lid 1). Echter, de directeur acht dit onvoldoende en verzoekt het College van Burgemeester en Wethouders om gebruik te maken van hun bevoegdheid (lid 2 van hetzelfde artikel) om de straf te verzwaren naar een toegangsverbod van zes maanden. De administratieve precisie waarmee deze relatief kleine diefstal wordt afgehandeld, is kenmerkend voor de strenge controle op de voedseldistributie en bedrijfsmiddelen in die tijd. Het document dateert van november 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werd de organisatie van de voedselvoorziening en de controle op markten steeds stringenter. De Centrale Markthallen in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) waren cruciaal voor de voedselvoorziening van de stad.
Diefstal van veilingkisten was in deze context niet alleen een vermogensdelict, maar ook een verstoring van de logistieke keten die onder toezicht stond van de overheid. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" speelde een sleutelrol in het beheersen van de schaarste en het handhaven van de orde binnen de distributiekanalen. De strenge voorgestelde straf (zes maanden uitsluiting) wijst op een zerotolerancebeleid ten aanzien van onregelmatigheden op de marktpleinen tijdens de oorlogsjaren.