Getypte ambtelijke nota/brief (pagina 7 van een groter rapport).
Origineel
Getypte ambtelijke nota/brief (pagina 7 van een groter rapport). 18 november 1937. Een inspecteur van de Dienst van het Marktwezen (ondertekend door M. de Maar). -7-
de plaats op de markt in te nemen. Teneinde te voorkomen, dat de
plaats op de markt verloopt, wordt den plaatshouder op diens verzoek
toegestaan, zich door een zoon of dochter, althans door een zyner
naaste betrekkingen te laten vervangen. De vervanger(ster), indien
niet werkloos zynde, moet in zoo'n geval een anderen werkkring prys-
geven. In geval de plaatshouder ten gevolge van het hem getroffen
ongeval na eenigen tyd komt te overlyden, komt de marktplaats ter
beschikking van den Dienst van het Marktwezen en is de vervanger(ster)
broodeloos.
Uit beide voorbeelden blykt myns inziens wel, dat uit bil-
lykheidsoverwegingen bepalingen in het leven dienen te worden geroe-
pen, waarby in bepaalde gevallen overdracht van plaats mogelyk wordt
gemaakt.
Indien daartoe wordt besloten meen ik dat hiervoor de vol-
gende regels moeten gelden:
1) Indien een zoon of dochter of schoonzoon den plaats-
houder geregeld op zyn plaats assisteert, zal deze plaats by over-
lyden van den plaatshouder de(n) assistent(e), indien deze daartoe
den wensch te kennen geeft, mits hy of zy minstens 2 jaar als assis-
tent is opgetreden en den 21-jarigen leeftyd heeft bereikt, kunnen
worden toegewezen.
2) Indien een zoon of dochter of schoonzoon met toestemming
van den Directeur van het Marktwezen een plaatshouder vervangt, zal
in geval van overlyden, blyvende invaliditeit of hoogen ouderdom van
den plaatshouder, indien daartoe een verzoek wordt ingediend, de
plaats op naam van den zoon of dochter of schoonzoon kunnen worden
overgeschreven, mits deze den 21-jarigen leeftyd heeft bereikt.
Amsterdam, 18 November 1937.
[Handgeschreven handtekening: M. de Maar]
Inspecteur. In dit document pleit een inspecteur van de Amsterdamse Dienst van het Marktwezen voor meer sociale zekerheid voor marktkooplieden en hun familieleden. De kern van het probleem is dat indertijd een marktplaats bij het overlijden van de vergunninghouder direct terugviel aan de gemeente. Dit betekende dat familieleden (vaak kinderen) die al jarenlang meewerkten of de kraam tijdelijk waarnamen bij ziekte, plotseling hun inkomen ("broodeloos") en hun plek op de markt verloren.
De inspecteur stelt twee concrete nieuwe regels voor op basis van "billijkheid" (rechtvaardigheid):
1. Assistentie: Een kind of schoonzoon die de houder minstens twee jaar officieel heeft geassisteerd, krijgt bij overlijden van de houder het recht om de plaats over te nemen.
2. Vervanging: Wanneer een gezinslid de houder officieel vervangt (bijv. wegens ziekte), kan de plaats bij overlijden, blijvende invaliditeit of hoge ouderdom van de oorspronkelijke houder officieel op naam van de opvolger worden gezet.
In beide gevallen geldt een minimumleeftijd van 21 jaar voor de opvolger. Dit document stamt uit 1937, een periode waarin de gevolgen van de economische wereldcrisis nog sterk voelbaar waren. Werkloosheid was een groot risico, en de zekerheid van een familiebedrijf op de markt was essentieel voor het overleven van veel Amsterdamse gezinnen.
De tekst toont de overgang van een strikt en rigide vergunningenstelsel naar een meer sociaal bewuste ambtenarij. Men erkende dat de marktplaats niet alleen een publieke ruimte was die de gemeente beheerde, maar ook een essentieel erfstuk en bron van bestaan voor de koopmansfamilies. De voorgestelde regelingen vormden de basis voor de continuïteit van veel Amsterdamse marktfamilies, waarvan sommigen vandaag de dag nog steeds op de markt staan. De spelling (met "y" in plaats van "ij") is kenmerkend voor de ambtelijke schrijfwijze van voor de spellinghervorming van 1947.