Archief 745
Inventaris 745-338
Pagina 137
Dossier 92
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke notitie/memorandum.

Origineel

Handgeschreven ambtelijke notitie/memorandum. Insp
I. Hoeveel stpl. houders
hebben vergunning zich te
laten vervangen den geheelen
dag (één of meer dagen per
week); en door wien?

II. Hoeveel stpl. houders
mogen zich onbeperkt of
geheele dagen doen bijstaan;
en door wien?

Compleet overzicht s.v.p.
Insp: 30/5 40 amp.

Wat wordt i.v.m.
bijgaande gegevens nu
Uw advies?
6-6-40 Whue
WE De notitie is gericht aan een inspectie ("Insp") en betreft een onderzoek naar de regels en praktijk rondom standplaatshouders (afgekort als "stpl. houders"). Dit zijn doorgaans marktkooplieden of straathandelaren met een vaste gemeentelijke vergunning.

De vragensteller wil helderheid over twee zaken:
1. Vervanging: In welke mate laten vergunninghouders zich volledig vervangen door derden?
2. Bijstand: In welke mate maken zij gebruik van personeel of hulpkrachten voor volledige dagen?

Er wordt nadrukkelijk gevraagd naar "door wien?", wat wijst op een behoefte aan controle op de identiteit van de personen die feitelijk op de standplaatsen staan. De afsluitende vraag van 6 juni vraagt om een beleidsadvies op basis van de verzamelde gegevens. De datering van het document (mei en juni 1940) plaatst deze notitie in de periode direct na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. Hoewel het ambtelijk apparaat grotendeels bleef doorwerken zoals voor de oorlog, was er een verhoogde aandacht voor registratie, controle en vergunningen.

Dergelijke inventarisaties van de straathandel waren vaak afkomstig van gemeentelijke diensten zoals het Marktwezen. In de context van de vroege bezettingstijd kon de vraag naar "wie" de vervangers waren in de daaropvolgende maanden een sinistere betekenis krijgen, naarmate de bezetter begon met het registreren en uitsluiten van specifieke groepen (zoals Joodse handelaren) van het economisch leven. In dit vroege stadium lijkt het echter primair om een administratieve controle op het naleven van vergunningsvoorwaarden te gaan.

Samenvatting

De notitie is gericht aan een inspectie ("Insp") en betreft een onderzoek naar de regels en praktijk rondom standplaatshouders (afgekort als "stpl. houders"). Dit zijn doorgaans marktkooplieden of straathandelaren met een vaste gemeentelijke vergunning.

De vragensteller wil helderheid over twee zaken:
1. Vervanging: In welke mate laten vergunninghouders zich volledig vervangen door derden?
2. Bijstand: In welke mate maken zij gebruik van personeel of hulpkrachten voor volledige dagen?

Er wordt nadrukkelijk gevraagd naar "door wien?", wat wijst op een behoefte aan controle op de identiteit van de personen die feitelijk op de standplaatsen staan. De afsluitende vraag van 6 juni vraagt om een beleidsadvies op basis van de verzamelde gegevens.

Historische Context

De datering van het document (mei en juni 1940) plaatst deze notitie in de periode direct na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. Hoewel het ambtelijk apparaat grotendeels bleef doorwerken zoals voor de oorlog, was er een verhoogde aandacht voor registratie, controle en vergunningen.

Dergelijke inventarisaties van de straathandel waren vaak afkomstig van gemeentelijke diensten zoals het Marktwezen. In de context van de vroege bezettingstijd kon de vraag naar "wie" de vervangers waren in de daaropvolgende maanden een sinistere betekenis krijgen, naarmate de bezetter begon met het registreren en uitsluiten van specifieke groepen (zoals Joodse handelaren) van het economisch leven. In dit vroege stadium lijkt het echter primair om een administratieve controle op het naleven van vergunningsvoorwaarden te gaan.

Gerelateerde Documenten 5