Archief 745
Inventaris 745-338
Pagina 139
Dossier 83
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijk rapport.

26 juni 1940.

Origineel

Handgeschreven ambtelijk rapport. 26 juni 1940. Rapport
betreffende
Assistentie F. Spruit

Den Heer Inspecteur.

De standplaatshouder F. Spruit
2e Marnixplantsoen heeft wegens
gezondheidsredenen vergunning
voor bijstand en vervanging door
G. de Groot die in loondienst dus
als knecht bij hem werkzaam is.

Op spitsuren
met knecht. Amsterdam, 26 Juni 1940
Knecht haalt en
brengt de wagen [ondertekening: J.H. de Vries]
en doet bovendien nog allerlei
andere werkzaamheden.
Vervangt in geval van ziekte
Vergunning dus niet in-
trekken! Dit document is een rapportage van een ambtenaar (J.H. de Vries) aan zijn superieur ("Den Heer Inspecteur"). De kern van de rapportage is de situatie rondom F. Spruit, een standplaatshouder aan het 2e Marnixplantsoen in Amsterdam.

Vanwege gezondheidsproblemen heeft Spruit toestemming gekregen om zich te laten bijstaan of vervangen door een zekere G. de Groot. De Groot is officieel in loondienst als knecht. De ambtenaar specificeert de werkzaamheden van de knecht: hij helpt tijdens drukke uren, zorgt voor het transport van de verkoopwagen en voert diverse andere taken uit. Ook dient hij als vervanger bij ziekte van de eigenaar.

De toon van het document is zakelijk maar eindigt met een dwingend advies: "Vergunning dus niet intrekken!". Dit suggereert dat er mogelijk sprake was van een herziening van de vergunning of een klacht, waarbij de controleur na inspectie concludeert dat de hulp van de knecht legitiem en noodzakelijk is voor de continuïteit van de nering. Het document is gedateerd op 26 juni 1940, slechts enkele weken na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. Ondanks de turbulente politieke situatie ging de dagelijkse ambtelijke bureaucratie en het toezicht op de Amsterdamse straathandel gewoon door.

Standplaatsen waren streng gereguleerd door de gemeente. Een standplaatshouder was in principe verplicht zelf op de standplaats aanwezig te zijn; het inhuren van personeel of vervanging was aan strikte regels gebonden en vereiste expliciete toestemming. Dit rapport biedt een inkijkje in hoe dergelijke sociale en medische uitzonderingen in de praktijk werden getoetst door de gemeentelijke instanties. Het Marnixplantsoen was (en is) een locatie in de Jordaan, een buurt waar straathandel een essentieel onderdeel van de lokale economie vormde.

Samenvatting

Dit document is een rapportage van een ambtenaar (J.H. de Vries) aan zijn superieur ("Den Heer Inspecteur"). De kern van de rapportage is de situatie rondom F. Spruit, een standplaatshouder aan het 2e Marnixplantsoen in Amsterdam.

Vanwege gezondheidsproblemen heeft Spruit toestemming gekregen om zich te laten bijstaan of vervangen door een zekere G. de Groot. De Groot is officieel in loondienst als knecht. De ambtenaar specificeert de werkzaamheden van de knecht: hij helpt tijdens drukke uren, zorgt voor het transport van de verkoopwagen en voert diverse andere taken uit. Ook dient hij als vervanger bij ziekte van de eigenaar.

De toon van het document is zakelijk maar eindigt met een dwingend advies: "Vergunning dus niet intrekken!". Dit suggereert dat er mogelijk sprake was van een herziening van de vergunning of een klacht, waarbij de controleur na inspectie concludeert dat de hulp van de knecht legitiem en noodzakelijk is voor de continuïteit van de nering.

Historische Context

Het document is gedateerd op 26 juni 1940, slechts enkele weken na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting. Ondanks de turbulente politieke situatie ging de dagelijkse ambtelijke bureaucratie en het toezicht op de Amsterdamse straathandel gewoon door.

Standplaatsen waren streng gereguleerd door de gemeente. Een standplaatshouder was in principe verplicht zelf op de standplaats aanwezig te zijn; het inhuren van personeel of vervanging was aan strikte regels gebonden en vereiste expliciete toestemming. Dit rapport biedt een inkijkje in hoe dergelijke sociale en medische uitzonderingen in de praktijk werden getoetst door de gemeentelijke instanties. Het Marnixplantsoen was (en is) een locatie in de Jordaan, een buurt waar straathandel een essentieel onderdeel van de lokale economie vormde.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 5