Archief 745
Inventaris 745-338
Pagina 168
Dossier 75
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypt verslag (proces-verbaal of notulen), pagina 6.

Origineel

Getypt verslag (proces-verbaal of notulen), pagina 6. -6-

Markt te aanvaarden. Voor de maand Mei: 6 uur v.m.; voor de
maanden Juni en Juli 5.30 uur v.m.; voor de maand Augustus 6
uur v.m.; voor de maand September 6.30 uur v.m.
De overige in het schema van den heer Broerse genoemde
openingsuren zullen in September a.s. nog nader worden be-
sproken.
Hiermede kan de vergadering zich eenstemmig vereenigen.
De Voorzitter vraagt of, naar het oordeel der vergadering, ook op Zaterdag de


aanvaarde regeling behoort te gelden, zoodat geen vroeger
openingsuur voor dezen dag meer zal bestaan, zooals onder de
bestaande regeling het geval is.
De heer Bakker verklaart hierop, dat de winkeliers gaarne zouden zien, dat


voor den Zaterdag een uitzondering werd gemaakt. Het ware al-
thans te probeeren. In ieder geval bestaat er voor dien dag
slechts een gevarenkans van 1 op 6.
De heer Seegers meent, dat men voor den Zaterdag geen uitzondering moet maken.


De bezwaren der winkeliers, gelden ook voor de marktkooplieden
en venters. Spreker is het niet eens met de door den heer Bak-
ker verkondigde theorie over de gevarenkans op Zaterdag. Gebeurt
er op zulk een Zaterdag iets, dan bestaat het gevaar evenzeer
ten volle als op elken anderen dag der week. Naar aanleiding
van de opmerkingen van den heer Van der Mey over de houding der
tuindersorganisaties, meent spreker te moeten opmerken, dat
dergelijke veronderstelde nevenmotieven gedurende deze discus-
sies niet naar voren gebracht behooren te worden, daar zij deze
slechts vertroebelen. De onderhavige aangelegenheid is door
het Gemeentebestuur aanhangig gemaakt, en niet door de tuinders.
De heer Dinkgreve onderschrijft dit en verklaart, dat het door hem ingenomen


standpunt thans slechts beheerscht wordt door de vraag, hoe de
bescherming der Centrale Markt het beste gediend wordt.
De heer Broerse herinnert aan het aanvaarde principe, dat de markt slechts


bij daglicht gehouden zal worden, zoodat men nu niet moet voor-
stellen een uitzondering te maken voor den Zaterdag. Overigens
wijst spreker op de groote sociale beteekenis, die het later
openstellen der Centrale Markt, ongetwijfeld voor vele groepen
handelaren op de Centrale Markt - en vooral ook voor de winke-
liers - heeft. Aanvaardt men de thans, in verband met de bij-
zondere omstandigheden, later gestelde openingsuren der Centrale
Markt, dan bestaat kans, dat in de toekomst geen behoefte meer
bestaat die uren te wijzigen, daar het publiek zich inmiddels
volkomen heeft aangepast. In sociaal opzicht zou dit voor de
winkeliers een groote verbetering zijn. In dit document wordt verslag gedaan van een beraadslaging over de werktijden op de Centrale Markt (waarschijnlijk die van Amsterdam). Er is een akkoord bereikt over seizoensgebonden openingstijden die variëren tussen 05:30 en 06:30 uur.

De discussie spitst zich vervolgens toe op de zaterdag. De heer Bakker pleit voor een uitzondering (vroegere opening) voor winkeliers, waarbij hij spreekt over een "gevarenkans van 1 op 6" (waarschijnlijk refererend aan één specifieke dag per week). De overige sprekers, waaronder de heren Seegers en Broerse, wijzen dit af. Hun argumenten zijn:
1. Gelijkheid: De risico's en bezwaren gelden voor alle marktpartijen (kooplieden, venters, winkeliers).
2. Veiligheid/Principe: Er is een afspraak om de markt alleen bij daglicht te houden.
3. Sociale aspecten: Latere openingstijden worden gezien als een sociale vooruitgang voor de werkomstandigheden van de betrokkenen. Men hoopt dat de gewenning van het publiek aan deze tijden blijvend zal zijn. Hoewel een jaartal ontbreekt, wijzen termen als "bijzondere omstandigheden", "bescherming der Centrale Markt" en de dwingende noodzaak om alleen "bij daglicht" te werken op de periode van de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de bezetting waren vroege ochtenduren riskant vanwege luchtalarmen en verduisteringsmaatregelen.

De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) was een vitaal punt voor de voedselvoorziening. De discussie weerspiegelt de spanning tussen de economische noodzaak van winkeliers om vroeg hun waren te betrekken en de strenge veiligheidsvoorschriften die door de tijdsomstandigheden (de oorlog) werden opgelegd. Broerse's opmerking over de "sociale verbetering" suggereert dat men de oorlogsomstandigheden ook gebruikte om meer humane werktijden voor de marktsector af te dwingen.

Samenvatting

In dit document wordt verslag gedaan van een beraadslaging over de werktijden op de Centrale Markt (waarschijnlijk die van Amsterdam). Er is een akkoord bereikt over seizoensgebonden openingstijden die variëren tussen 05:30 en 06:30 uur.

De discussie spitst zich vervolgens toe op de zaterdag. De heer Bakker pleit voor een uitzondering (vroegere opening) voor winkeliers, waarbij hij spreekt over een "gevarenkans van 1 op 6" (waarschijnlijk refererend aan één specifieke dag per week). De overige sprekers, waaronder de heren Seegers en Broerse, wijzen dit af. Hun argumenten zijn:
1. Gelijkheid: De risico's en bezwaren gelden voor alle marktpartijen (kooplieden, venters, winkeliers).
2. Veiligheid/Principe: Er is een afspraak om de markt alleen bij daglicht te houden.
3. Sociale aspecten: Latere openingstijden worden gezien als een sociale vooruitgang voor de werkomstandigheden van de betrokkenen. Men hoopt dat de gewenning van het publiek aan deze tijden blijvend zal zijn.

Historische Context

Hoewel een jaartal ontbreekt, wijzen termen als "bijzondere omstandigheden", "bescherming der Centrale Markt" en de dwingende noodzaak om alleen "bij daglicht" te werken op de periode van de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de bezetting waren vroege ochtenduren riskant vanwege luchtalarmen en verduisteringsmaatregelen.

De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) was een vitaal punt voor de voedselvoorziening. De discussie weerspiegelt de spanning tussen de economische noodzaak van winkeliers om vroeg hun waren te betrekken en de strenge veiligheidsvoorschriften die door de tijdsomstandigheden (de oorlog) werden opgelegd. Broerse's opmerking over de "sociale verbetering" suggereert dat men de oorlogsomstandigheden ook gebruikte om meer humane werktijden voor de marktsector af te dwingen.

Gerelateerde Documenten 5