Archiefdocument
Origineel
17 februari 1933. Nº 239 M. 1933 22/2
No. 31/6 L.M. 1932. Aanwijzing van het Amstelveld tot tijdelijke automarkt.
DE DIRECTEUR VAN
HET MARKTWEZEN. (stempel)
[Handgeschreven: Wh mud.]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Vrijdag, 17 Februari 1933.
Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen wordt het volgende besluit genomen:
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
Gezien de rapporten van den Directeur van het Marktwezen, dd. 2 November 1932, No. 1129 M en 9 Januari 1933, No. 1129 M, en gelet op het rapport van den Hoofdcommissaris van Politie van 6 December 1932, No. 1584^e;
B e s l u i t e n:
I. den Directeur van het Marktwezen te machtigen, voorloopig bij wijze van proef met ingang van 3 Maart 1933, het Amstelveld des Vrijdags te doen gebruiken als automarkt;
II. met ingang van 3 Maart 1933 de voorschriften in het belang van de openbare orde op de markten, vastgesteld bij hun besluiten van 19 November en 27 December 1926 (Gemeenteblad 1926, afd. 3, volgn. 106) en laatstelijk gewijzigd bij hun besluit van 3 December 1932, (Gemeenteblad 1932, afd. 3, volgn. 118) in dien zin te veranderen, dat de eerste alinea van art. 4 als volgt gelezen wordt:
"De afmetingen van de plaatsen op de algemeene dag- en weekmarkten bedragen 3 bij 2 M, met uitzondering van de plaatsen:
a. op de Nieuwmarkt en het Waterlooplein, welke 3 bij 3 M. bedragen,
b. op het Amstelveld des Vrijdags, welke 10 bij 2 M. bedragen".
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen Dit document is een officieel besluit van het Amsterdamse gemeentebestuur uit 1933 om een proef te starten met een wekelijkse automarkt op het Amstelveld. De belangrijkste punten zijn:
- De Proef: De automarkt vindt plaats op vrijdagen en start op 3 maart 1933.
- Ruimtegebruik: Vanwege de aard van de handelswaar (auto's) worden de standplaatsen aanzienlijk groter gemaakt dan gebruikelijk: 10 bij 2 meter, in tegenstelling tot de standaard 3 bij 2 meter op andere markten.
- Regelgeving: Om dit mogelijk te maken, wordt de bestaande marktverordening (art. 4) aangepast.
- Besluitvorming: Het besluit steunt op adviezen van zowel de Directeur van het Marktwezen als de Hoofdcommissaris van Politie, wat duidt op aandacht voor zowel economische organisatie als openbare orde. In de vroege jaren '30 nam het aantal automobielen in Nederland gestaag toe, ondanks de economische crisis. Dit leidde tot de behoefte aan gereguleerde locaties voor de handel in (waarschijnlijk voornamelijk tweedehands) voertuigen. Het Amstelveld, van oudsher een marktplein, werd hier als geschikte locatie gezien voor een experiment.
Interessant is de vermelding van de "Wethouder voor de Levensmiddelen" als indiener van het voorstel; in die tijd vielen de markten onder deze portefeuille. Ook de distributie van het besluit aan afdelingen zoals "Wasch- en schoonmaak-" en "bad- en zweminrichtingen" weerspiegelt de toenmalige ambtelijke organisatie van de gemeente Amsterdam. De grote afmeting van de plekken (10 meter lang) laat zien dat men rekening hield met de manoeuvreerruimte en lengte van de voertuigen uit die periode. I. den Directeur Gemeente Amsterdam Marktwezen Politie