Archief 745
Inventaris 745-347
Pagina 8
Dossier 24
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte statistische tabel/overzicht.

Juni 1941 (betreft periode 7-14 juni 1941)

Origineel

Getypte statistische tabel/overzicht. Juni 1941 (betreft periode 7-14 juni 1941) Overzicht standplaatsen op de openbare markten, welke gedurende het tijdvak 7 - 14 Juni 1941 door niet-ariërs werden ingenomen.

Markten. vaste plaatsen losse plaatsen
Totaal aan- tal stpl. houders niet-ariërs Totaal aan- tal stpl. houders niet-ariërs
J Gᴵ Gᴵᴵ J Gᴵ Gᴵᴵ
Westerstraat 281 196 80 37 1
Lindengracht 226 51 81 24 1
Ten Katestraat 217 82 1 53 19
Waterlooplein 166 156 35 29
Bloemenmarkt 19 7 - -
Alb-Cuypstraat 324 171 134 65 1
Zwanenburgwal 24 20 4 2
Sumatrastraat 38 18 11 3
Nieuwmarkt 57 48 1 12 9
Jan Evertsenstraat 31 3 16 4
Mosplein 94 52 28 5
Amstelveeld - - 131 49
Dapperstraat 128 64 1 54 37 2
Noordermarkt - - 114 24
Totaal 1605 868 3 753 307 5

J = ten minste 3 voljoodsche grootouders Gᴵ = twee Joodsche grootouders
Gᴵᴵ = één Joodsche grootouder.

--- Dit document is een administratieve neerslag van de toenemende segregatie en vervolging van Joden in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het toont hoe nauwkeurig de bezettingsautoriteiten (en de meewerkende Nederlandse bureaucratie) de aanwezigheid van Joodse burgers in de economische sfeer vastlegden.

Opvallende punten:
* Categorisering: Er wordt strikt onderscheid gemaakt tussen "J" (Volljude), "Gᴵ" (Mischling 1e graad) en "Gᴵᴵ" (Mischling 2e graad), gebaseerd op de rassenwetten van Neurenberg.
* Concentratie: De cijfers tonen aan dat Joodse handelaren een zeer groot aandeel hadden op bepaalde markten. Op het Waterlooplein was bijvoorbeeld ruim 90% van de vaste standplaatshouders Joods (156 van de 166). Ook op de Westerstraat en de Albert Cuypstraat was de Joodse presentie substantieel.
* Onderscheid vaste/losse plaatsen: De tabel splitst de data op in vaste en losse plaatsen, wat inzicht geeft in de juridische status van de marktkooplieden.

--- In juni 1941 was de uitsluiting van Joden uit het openbare leven in volle gang. Na de razzia's van februari 1941 en de daaropvolgende Februaristaking werden anti-Joodse maatregelen in versneld tempo ingevoerd.

Dergelijke statistieken werden opgesteld ter voorbereiding op verdere repressieve maatregelen. Kort na de periode die dit document beschrijft, werden Joden systematisch verbannen van openbare markten. Vanaf september 1941 mochten Joden alleen nog handel drijven op speciaal aangewezen "Jodenmarkten" (zoals op het Waterlooplein en in de Gaaspstraat). Dit document diende dus als basis voor de uiteindelijke economische eliminatie en fysieke afzondering van de Joodse bevolking, een proces dat uiteindelijk zou leiden tot de deportaties.

Samenvatting

Dit document is een administratieve neerslag van de toenemende segregatie en vervolging van Joden in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het toont hoe nauwkeurig de bezettingsautoriteiten (en de meewerkende Nederlandse bureaucratie) de aanwezigheid van Joodse burgers in de economische sfeer vastlegden.

Opvallende punten:
* Categorisering: Er wordt strikt onderscheid gemaakt tussen "J" (Volljude), "Gᴵ" (Mischling 1e graad) en "Gᴵᴵ" (Mischling 2e graad), gebaseerd op de rassenwetten van Neurenberg.
* Concentratie: De cijfers tonen aan dat Joodse handelaren een zeer groot aandeel hadden op bepaalde markten. Op het Waterlooplein was bijvoorbeeld ruim 90% van de vaste standplaatshouders Joods (156 van de 166). Ook op de Westerstraat en de Albert Cuypstraat was de Joodse presentie substantieel.
* Onderscheid vaste/losse plaatsen: De tabel splitst de data op in vaste en losse plaatsen, wat inzicht geeft in de juridische status van de marktkooplieden.


Historische Context

In juni 1941 was de uitsluiting van Joden uit het openbare leven in volle gang. Na de razzia's van februari 1941 en de daaropvolgende Februaristaking werden anti-Joodse maatregelen in versneld tempo ingevoerd.

Dergelijke statistieken werden opgesteld ter voorbereiding op verdere repressieve maatregelen. Kort na de periode die dit document beschrijft, werden Joden systematisch verbannen van openbare markten. Vanaf september 1941 mochten Joden alleen nog handel drijven op speciaal aangewezen "Jodenmarkten" (zoals op het Waterlooplein en in de Gaaspstraat). Dit document diende dus als basis voor de uiteindelijke economische eliminatie en fysieke afzondering van de Joodse bevolking, een proces dat uiteindelijk zou leiden tot de deportaties.

Kooplieden in dit dossier 3

J. Evertsenstraat Waterlooplein
V.V.O. Waterlooplein
T. Katestraat Waterlooplein

Gerelateerde Documenten 3