Archief 745
Inventaris 745-347
Pagina 107
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypt verslag (mogelijk notulen van een gemeenteraadsvergadering of commissievergadering).

Ongedateerd op dit blad (stijl en taalgebruik duiden op de jaren '30 van de 20e eeuw).

Origineel

Getypt verslag (mogelijk notulen van een gemeenteraadsvergadering of commissievergadering). Ongedateerd op dit blad (stijl en taalgebruik duiden op de jaren '30 van de 20e eeuw). Tydens de discussies dreigde dit voorstel verworpen te worden.
De Burgemeester redde het toen echter door voor te stellen het aan te houden, totdat de wyziging van de Politie-verordening in behandeling zou komen. De Ventverordening met de beperkingen, is toen in zyn geheel aangenomen. De Burgemeester heeft echter het raadslid Ter Haar geadviseerd zyn voorstel in te trekken. Wel is waar is het voorstel van den heer Cohen van beperkten aard, doch de Voorzitter heeft ook al een voorstel tot beperking (het verbieden van luidkeels venten op Zondagmorgen), en waar is dan het einde?
Hy is dan ook van meening, dat een nieuw voorstel in den Raad zal moeten worden behandeld, zoowel voor den Zondagavond als voor de andere avonden.
Besloten wordt het voorstel van den heer Cohen af te wachten.

De Voorzitter toont den leden een model doosje met ventboekje.
De heer Van Dellen oppert de mogelykheid om doosjes en bpekjes gratis te verkrygen, door er een reclame op af te laten drukken.
Besloten wordt dit met den heer Brands van het Reclamebureau te bespreken.

RONDVRAAG
De heer Presser informeert naar de resultaten van de plaatsing van den tweeden oproep in de dagbladen, waarop de Voorzitter mededeelt, dat men verwacht thans tot plm. 7.000 venters te zullen komen.
De heer Presser is van meening, dat dit aantal ver beneden het werkelyke aantal ligt en verzoekt nog een laatste waarschuwing te doen plaatsen en de termyn voor inschryving nog eenige dagen te verlengen.
Aldus besloten.
De heer Cohen vraagt of de aanvragers voor een vergunning voor den verkoop van kerstboomen een ventvergunning zullen moeten hebben.
De Voorzitter zegt, dat vaste standplaatshouders geen venters zyn. Doch het blykt, dat dit in de Verordening niet mooi is geformuleerd, waar n.l. duidelyk staat:
"Met het in het eerste lid bedoelde venten worden in deze Verordening gelykgesteld:
1e. het verkoopen van voorwerpen of stoffen op een vaste standplaats op of aan den openbaren weg".
Dit slaat natuuryk op die vaste standplaatshouders, die er nog by venten, doch dan is dit niet goed geformuleerd.
De heer Cohen deelt mede, dat men op het Stadhuis van plan is om op dezelfde wyze voort te gaan met het verleenen van vergunningen voor vaste standplaatshouders.
De Voorzitter zegt, dat zulks juist is, daar een vaste standplaatshouder, voor zoover hy er niet by vent, geen ventvergunning behoeft te hebben. Dit was de bedoeling van het Ventrapport, het is ook de meening van de Commissie, het is alleen niet juist geformuleerd in de Verordening.
De heer Cohen vraagt nog of een mosselonventer onder het artikel "visch" of onder "diversen" zal worden gerekend.
De Voorzitter antwoordt, dat het gerekend kan worden zoowel onder "diversen" als onder "visch".

Niets meer aan de orde zynde, sluit de Voorzitter te 5.10 uur onder dankzegging de vergadering. * Kernproblematiek: Het document beschrijft de juridische en praktische worsteling met de "Ventverordening". Er is onduidelijkheid over de definitie van 'venten' versus 'vaste standplaatsen'.
* Bureaucratische frictie: De tekst legt bloot dat de wettelijke teksten (de Verordening) niet altijd overeenstemmen met de bedoeling van de commissie of het "Ventrapport". Dit leidt tot verwarring over wie wel of geen vergunning nodig heeft (bijv. kerstboomverkopers).
* Volume van straathandel: De schatting van 7.000 venters duidt op een zeer omvangrijke informele of semi-formele economie in de betreffende stad.
* Commercieel vernuft: De suggestie van de heer Van Dellen om de kosten van 'ventboekjes' te dekken via advertenties toont een vroege vorm van publiek-private samenwerking. Dit document stamt uit een periode waarin de Nederlandse steden (zeer waarschijnlijk Amsterdam, gezien de namen Cohen en Presser die daar politiek actief waren) de straathandel strikter probeerden te reguleren. In de jaren '20 en '30 nam de druk op de openbare weg toe en probeerde de overheid via vergunningsstelsels en "ventboekjes" (legitimatiebewijzen voor handelaren) meer grip te krijgen op de hygiëne, overlast (zoals het genoemde "luidkeels venten") en belastingheffing. De vermelding van "7.000 venters" is typerend voor de grote groep armere stadsbewoners die afhankelijk waren van ambulante handel voor hun inkomen tijdens de economische crisisjaren.

Samenvatting

  • Kernproblematiek: Het document beschrijft de juridische en praktische worsteling met de "Ventverordening". Er is onduidelijkheid over de definitie van 'venten' versus 'vaste standplaatsen'.
  • Bureaucratische frictie: De tekst legt bloot dat de wettelijke teksten (de Verordening) niet altijd overeenstemmen met de bedoeling van de commissie of het "Ventrapport". Dit leidt tot verwarring over wie wel of geen vergunning nodig heeft (bijv. kerstboomverkopers).
  • Volume van straathandel: De schatting van 7.000 venters duidt op een zeer omvangrijke informele of semi-formele economie in de betreffende stad.
  • Commercieel vernuft: De suggestie van de heer Van Dellen om de kosten van 'ventboekjes' te dekken via advertenties toont een vroege vorm van publiek-private samenwerking.

Historische Context

Dit document stamt uit een periode waarin de Nederlandse steden (zeer waarschijnlijk Amsterdam, gezien de namen Cohen en Presser die daar politiek actief waren) de straathandel strikter probeerden te reguleren. In de jaren '20 en '30 nam de druk op de openbare weg toe en probeerde de overheid via vergunningsstelsels en "ventboekjes" (legitimatiebewijzen voor handelaren) meer grip te krijgen op de hygiëne, overlast (zoals het genoemde "luidkeels venten") en belastingheffing. De vermelding van "7.000 venters" is typerend voor de grote groep armere stadsbewoners die afhankelijk waren van ambulante handel voor hun inkomen tijdens de economische crisisjaren.

Kooplieden in dit dossier 3

J. Evertsenstraat Waterlooplein
V.V.O. Waterlooplein
T. Katestraat Waterlooplein

Gerelateerde Documenten 3