Archief 745
Inventaris 745-347
Pagina 109
Jaar 1941
Stadsarchief

Archiefdocument

Origineel

2

De heer Seegers kan zich hiermede vereenigen en ook met den inhoud van het communique gaat hy accoord; hy is het eens met de opmerking van den Voorzitter, dat in dit communique het begrip "venter" niet moet worden vastgelegd; hy heeft juist in dit verband ook op het gevaar gewezen, dat ten Raadhuize by de registratie wel wordt uitgemaakt wat een venter is.

De heer Presser staat op het standpunt, dat het begrip "venter" wel omschreven kan worden. Hy wyst in dit verband op het Rapport van de Studiecommissie, waarin duidelyk gedefinieerd staat, dat ieder, die zoekende is naar koopers, als venter moet worden beschouwd. Hy acht het wenschelyk, dit in den aanhef van het communique nog eens duidelyk te laten uitkomen.

De heer Van Zwyndregt wyst op de lompenventers, die juist naar verkoopers zoekende zyn.

De Voorzitter is het met de opmerking van den heer Presser, om deze definitie in het communique op te nemen, niet eens. Dit zou onduidelykheid in de hand werken.

De heer Cohen heeft eenige opmerkingen betreffende de redactie van het communique. Hy zou sub. b aldus gesteld willen zien: de venter in loondienst, die hun waren niet alléén aan vaste klanten, doch ook aan anderen trachten te slyten, etc. Hy acht dit voor de venters beter te begrypen.

De Voorzitter kan zich hiermede vereenigen evenals de overige leden. Vervolgende zou de heer Cohen in sub. d achter: "het voornemen hebben" willen plaatsen "in de toekomst".

De heer Seegers acht dit wel zeer rekbaar en de Voorzitter is het hiermee eens, zoodat besloten wordt dit niet op te nemen.
Tenslotte gaat de heer Cohen accoord met de alinea, waarin staat: "aan hen, die na het in werking treden der bedoelde verordening op straat ventende zonder vergunning worden aangetroffen, zal de daarvoor gestelde boete worden opgelegd". Hy zegt, dat "boete" hier vervangen moet worden door "proces-verbaal", waarmede de vergadering accoord gaat.

De heer Neeter heeft geen aanmerkingen op het communique in dezen vorm. Hy stelt echter voor om, in verband met sub. d (venters in volledigen steun), by het verleenen van een vergunning aan deze menschen te doen nagaan of ze werkelyk vroeger venter waren.

De Voorzitter merkt op, dat dit later aan de orde komt; hy constateert, dat het communique in dezen vorm dus door de Commissie is goedgekeurd en deelt dit, ter bespoediging van de plaatsing in de dagbladen, telefonisch aan de Afd. Levensmiddelen mede (na opgave van de daarin voorgestelde wyzigingen).

De Voorzitter ontwikkelt dan de door hem, in overleg met de Afd. Secretarie ten Stadhuize, gedachte werkmethode der Commissie ten aanzien van het verleenen der ventvergunningen.
Hy memoreert, dat op het oogenblik ten Stadhuize de registratie plaats vindt, waaraan een onderzoek op straat door de Politie is voorafgegaan. Hy schat het totaal aantal venters van deze registratie en de thans te publiceeren oproep op plm. 6.000. Deze staan op formulieren genoteerd en het is de bedoeling hieruit nieuwe lysten, ingedeeld naar wyk en artikel te trekken. Wanneer deze lysten met 6.000 namen

--- Dit document legt een ambtelijke en juridische discussie vast over de regulering van straathandel. Enkele opvallende punten zijn:

  • Definitiekwestie: Er is onenigheid over hoe strak het begrip "venter" gedefinieerd moet worden. De heer Presser pleit voor een definitie gebaseerd op het "zoeken naar kopers", terwijl de heer Van Zwyndregt opmerkt dat lompenventers juist naar verkopers zoeken, wat de definitie problematisch maakt.
  • Redactionele nauwkeurigheid: De vergadering buigt zich over nuances in de tekst van een persbericht (communiqué). Belangrijk is de wijziging van het woord "boete" naar "proces-verbaal", wat duidt op een verschuiving van een directe administratieve straf naar een formele strafrechtelijke vervolging.
  • Bureaucratische controle: De tekst spreekt over een grootschalige registratie van ongeveer 6.000 venters, inclusief politieonderzoek op straat. Dit wijst op een systeem van strikt toezicht en vergunningverlening, waarbij venters worden gecategoriseerd op basis van hun wijk en de goederen die zij verkopen.
  • Controle op achtergrond: De suggestie van de heer Neeter om te controleren of aanvragers "werkelijk vroeger venter waren" suggereert dat men wil voorkomen dat mensen de straathandel ingaan louter als overlevingsstrategie (bijvoorbeeld bij werkloosheid of uitsluiting van andere beroepen).

--- De namen van de aanwezigen (Presser, Cohen, Seegers, Neeter) en de aard van de administratie (Afd. Levensmiddelen, ventvergunningen, politiecontrole) wijzen sterk op een vergadering van de Joodsche Raad voor Amsterdam tijdens de Duitse bezetting (ca. 1941).

In deze periode werden Joodse burgers stelselmatig uit het economische leven verdrongen. Velen probeerden te overleven door als straatverkoper (venter) aan de slag te gaan. De bezetter stelde echter steeds strengere regels op om ook deze vorm van inkomen te beperken of te controleren. De Joodsche Raad trad hierbij vaak op als tussenpersoon die de administratieve uitvoering van de Duitse verordeningen op zich moest nemen.

De heer Cohen die in de notulen wordt genoemd, is zeer waarschijnlijk David Cohen, een van de twee voorzitters van de Joodsche Raad. De genoemde heer Presser zou de historicus Jacques Presser kunnen zijn, die destijds werkzaam was voor de Raad, of een ander lid van de commissie. Het document illustreert de wrange bureaucratische werkelijkheid waarin de kleinste details van het dagelijks overleven van duizenden mensen werden bediscussieerd onder de knoet van de bezetter.

Samenvatting

Dit document legt een ambtelijke en juridische discussie vast over de regulering van straathandel. Enkele opvallende punten zijn:

  • Definitiekwestie: Er is onenigheid over hoe strak het begrip "venter" gedefinieerd moet worden. De heer Presser pleit voor een definitie gebaseerd op het "zoeken naar kopers", terwijl de heer Van Zwyndregt opmerkt dat lompenventers juist naar verkopers zoeken, wat de definitie problematisch maakt.
  • Redactionele nauwkeurigheid: De vergadering buigt zich over nuances in de tekst van een persbericht (communiqué). Belangrijk is de wijziging van het woord "boete" naar "proces-verbaal", wat duidt op een verschuiving van een directe administratieve straf naar een formele strafrechtelijke vervolging.
  • Bureaucratische controle: De tekst spreekt over een grootschalige registratie van ongeveer 6.000 venters, inclusief politieonderzoek op straat. Dit wijst op een systeem van strikt toezicht en vergunningverlening, waarbij venters worden gecategoriseerd op basis van hun wijk en de goederen die zij verkopen.
  • Controle op achtergrond: De suggestie van de heer Neeter om te controleren of aanvragers "werkelijk vroeger venter waren" suggereert dat men wil voorkomen dat mensen de straathandel ingaan louter als overlevingsstrategie (bijvoorbeeld bij werkloosheid of uitsluiting van andere beroepen).

Historische Context

De namen van de aanwezigen (Presser, Cohen, Seegers, Neeter) en de aard van de administratie (Afd. Levensmiddelen, ventvergunningen, politiecontrole) wijzen sterk op een vergadering van de Joodsche Raad voor Amsterdam tijdens de Duitse bezetting (ca. 1941).

In deze periode werden Joodse burgers stelselmatig uit het economische leven verdrongen. Velen probeerden te overleven door als straatverkoper (venter) aan de slag te gaan. De bezetter stelde echter steeds strengere regels op om ook deze vorm van inkomen te beperken of te controleren. De Joodsche Raad trad hierbij vaak op als tussenpersoon die de administratieve uitvoering van de Duitse verordeningen op zich moest nemen.

De heer Cohen die in de notulen wordt genoemd, is zeer waarschijnlijk David Cohen, een van de twee voorzitters van de Joodsche Raad. De genoemde heer Presser zou de historicus Jacques Presser kunnen zijn, die destijds werkzaam was voor de Raad, of een ander lid van de commissie. Het document illustreert de wrange bureaucratische werkelijkheid waarin de kleinste details van het dagelijks overleven van duizenden mensen werden bediscussieerd onder de knoet van de bezetter.

Kooplieden in dit dossier 3

J. Evertsenstraat Waterlooplein
V.V.O. Waterlooplein
T. Katestraat Waterlooplein

Gerelateerde Documenten 3