Getypte notulen van een vergadering (waarschijnlijk van een gemeentelijke commissie).
Origineel
Getypte notulen van een vergadering (waarschijnlijk van een gemeentelijke commissie). 12
/de beschouwd; dit blykt wel het duidelykst uit het feit, dat de maatschappyen als eisch stellen, dat de/venter 100 Liter petroleum extra medeneemt boven het voor de vaste klanten benoodigde kwantum. Het zyn dus zuiver provisieventers, die zich met den verkoop niet to hun vaste klanten beperken. Bovendien voeren ze een bord met prys en naam van het artikel op hun kar.
De Voorzitter stelt voor dit ook door middel van de notulen ter kennis van de Secretarie te brengen.
De heer Presser deelt ten slotte nog mede, dat hem gevallen bekend zyn, dat de venter te vroeg van zyn dagtaak binnenkwam, waarna de bedryfsleider vroeg waarom hy niet langer op straat was gebleven om te trachten de extra 100 Liter olie te verkoopen. Hieruit blykt dan ook duidelyk, dat deze categorie onder de Verordening moet vallen.
De Voorzitter stelt vast, dat er geen bezwaar bestaat de Secretarie te verzoeken na te gaan wat gedaan kan worden om licht in deze zaak te brengen.
Hy stelt vervolgens punt 3 der agenda aan de orde:
Brief No. 781 L.M. d.d. 30 Sept. 1933 van den Wethouder voor de Levensmiddelen, inzake buitenlandsche venters. (in afschrift den leden toegezonden)
Hy ziet geen bezwaar om aan buitenlanders, die thans hier venten, een vergunning te verleenen. Bovendien zal dit thans reeds niet zeer groote aantal zeer snel tot een minimum terugloopen, indien de economische toestand zich enigszins zal verbeteren, waarna velen weer naar hun geboorteland zullen vertrekken. Het betreft hier hoofdzakelyk de pinda-Chineezen en de Italiaansche ysverkoopers. Hy stelt voor deze menschen den gewonen weg te laten volgen en een vergunning te laten aanvragen.
De heer Seegers heeft in het algemeen geen bezwaar tegen het verleenen van vergunningen aan buitenlanders. Een onbillykheid is ech-tér, dat deze menschen slechts eenige maanden (speciaal Italiaansche ysventers) in het land zyn en de overige maanden in hun eigen land verblyven. Er kan dan echter geen zegel geplakt worden.
De Voorzitter zegt, dat ze dézen achterstand in de betaling ten allen tyde kunnen inhalen, tenzy de voorwaarde zou worden gesteld, dat de vergunning van hen, die byv. gedurende 3 maanden geen zegel geplakt hebben, moet worden ingetrokken.
De heer Seegers vindt dit niet gewenscht, daar de meeste venters gedurende zeker 5 maanden geen gebruik van hun vergunning zullen maken (gedurende den winter).
De heer Neeter acht het ook onbillyk, dat de Italiaansche venters 3 maanden hier venten en 9 maanden in eigen land vertoeven.
De heer Seegers deelt mede, dat er 2 ondernemingen zyn, die hoofdzakelyk buitenlandsche venters in dienst hebben.
De Voorzitter wil deze twee zaken uit elkaar houden.
De eerste betreft het verleenen van vergunningen aan buitenlanders. De Commissie is in principe vóór het verleenen van vergunningen aan buitenlanders.
De tweede betreft de wenschelykheid B. & W. te adviseeren om, met het oog op de buitenlandsche venters, doch geldend voor iederen venter, in de voorwaarden te doen opnemen, dat degene, die binnen een zeker aantal maanden geen gebruik van zyn * Taal en spelling: Het document is opgesteld in de toenmalige spelling (vóór de hervorming van Marchant), met woorden als "blykt", "economische", "Chineezen" en "ysverkoopers".
* Petroleumverkoop: De discussie in het eerste deel draait om het onderscheid tussen vaste leveranciers en "provisieventers". Het feit dat maatschappijen eisen dat men extra liters meeneemt voor losse verkoop, kwalificeert hen als venters die onder de geldende marktverordening moeten vallen.
* Buitenlandse venters: Er is een specifiek debat over migranten die in het straatbeeld werkten: de bekende "pinda-Chinezen" en Italiaanse ijscomannen.
* Administratieve struikelblokken: Het grootste punt van discussie is de seizoensgebonden aard van hun werk. Omdat ijsverkopers in de winter vaak terugkeerden naar het land van herkomst, betaalden zij geen leges (het "plakken van zegels"). De commissie zoekt naar een manier om dit eerlijk te belasten zonder de vergunning direct te laten vervallen bij afwezigheid.
* Arbeidsmarkt: Er wordt gerefereerd aan de "economische toestand" (de crisis van de jaren 30), met de verwachting dat deze buitenlanders bij economisch herstel vanzelf weer zouden vertrekken. Dit document stamt uit 1933, een jaar midden in de Grote Depressie. In deze periode nam de regulering van straathandel in Nederland toe, deels om de gevestigde middenstand te beschermen en deels om controle te houden op de grote groep werklozen en migranten die hun heil zochten in het venten.
De "pinda-Chinezen" vormden in die tijd een markante groep in Nederlandse steden; zij waren vaak voormalige zeelieden die door de scheepvaartcrisis werkloos waren geraakt en met de verkoop van gebrande pinda's probeerden te overleven. De Italiaanse ijsverkopers waren vaak seizoensarbeiders die in de zomermaanden een traditie van ambachtelijk ijs naar Nederland brachten. De discussie over vergunningen en "zegels" (belastingvignetten) toont de bureaucratische omgang met deze vroege vormen van arbeidsmigratie.