Getypt verslag van een vergadering (waarschijnlijk notulen van een gemeentelijke commissie).
Origineel
Getypt verslag van een vergadering (waarschijnlijk notulen van een gemeentelijke commissie). 5
zyn. Indien zou blyken, dat dit niet mogelyk is, dan zou een 2e kantoor in die wyk geplaatst kunnen worden, zoodat er dan 250 per dag verwerkt kunnen worden. Hy brengt dit in discussie.
De heer Presser zegt, dat er in 1919 300 registers geviseerđ moesten worden. Aan elke viseering was minder werk verbonden dan thans het verkoopen en plakken van een zegel zal meebrengen. Doordat de lompenventers allen in het uur kwamen, dat hen het beste schikte, konden ze onmogelyk afgewerkt worden en moest de regeling noodgedwongen worden stopgezet..
De heer Cohen bestrydŧ den heer Presser zyne opmerking, als zou het viseeren minder werk gekost hebben dan het administreeren van den zegelverkoop.
De Voorzitter wenscht geen vergelyking met 1919 te maken. Het gaat er hier thans om of het mogelyk is om op een dag door 2 ambtenaren 250 venters van een zegel te voorzien en of dit geadministreerd kan worden. Hy acht het mogelyk om 60 menschen per uur te verwerken, doch stel, dat het er 40 zouden zyn, dan nog zouden er op een dag 8 x 40 is 320 venters behandeld kunnen worden.
De heer Neeter merkt op, dat men ten lange leste weer op zyn denkbeeld in de vorige Commissie voorgesteld en in den avonđ van deze vergadering uiteengezet, terugkomt, hetgeen neerkwam op een systeem met 10 ambtenaren; in elke wyk een kantoor met 2 ambtenaren, waarvan er een 's morgens zegels verkoopt en de ander straatcontrôle verricht. Volgens dit stelsel zullen iederen morgeñ 100 venters verwerkt moeten worden, want stel 10.000 venters per maand, is per week 2500, maakt per dag 500; over 5 kantoren maakt dit 100 venters uit. Men bevordert dan tevens een zeer nauw contact tusschen ambtenaar en venter̃.
De Voorzitter constateert, dat er thans dus 2 voorstellen in discussie zyn. Het "voorstel Gemeente" en het "voorstel Neeter".
De heer Seegers vinđt het "voorstel Neeter" te prefereeren. Het voorstel̃ van den heer Presser om de venters per week aan de organisaties̃ 20 cent te laten betalen juicht hy zeer toe, daar het de venters in de gelegenheid stelt, het hooge ventgeld op te brengen. Dit is dus de vorm van een spaarfonds. Hy zou het dan echter wenschelyk vinden, dat de organisaties in de gelegenheid werden gesteld de administratie verder te verzorgen en daarom de Gemeente iets in rekening te brengen.
De Voorzitter zegt, dat dit punt thans nog niet in discussie is. Aan de orde zyn 2 systemen:
1. "voorstel Gemeente": 1 week lang zitting in iedere wyk den geheelen dag
2. "voorstel Neeter" : iederen morgen in iedere wyk zitting gedurende de geheele maand, waarby iedere venter een vasten betaaldag toegewezen krygt.
De heer Neeter zegt, dat men het beste in de ventvergunning den dag van betaling kan aangeven.
De heer Seegers prefereert het systeem "Neeter".
De Voorzitter zegt, dat iedere wyk zyn eigen administratie zal krygen, dus de ambtenaren krygen een lyst van venters, die in die wyk venten.
De heer Presser zou het voorstel "Neeter" op die voorwaarde kunnen aanvaarden, dat de organisaties er ook in opgenomen worden. In theorie is het betalen van een ventgeld van 80 cent gemakkelyker gezegd dan gedaan, maar hy is er van overtuigd, dat meenige * Taalkundige kenmerken: Het document hanteert de spelling-De Vries en Te Winkel (o.a. 'zyn', 'mogelyk', 'thans', 'boschikt'). Opvallend is het gebruik van diakritische tekens (tilde-achtig) boven medeklinkers zoals de 'n' aan het einde van woorden (morgeñ, venter̃, voorstel̃), wat vaak duidt op een afgekort achtervoegsel of een specifieke typemachine-stijl uit die periode.
* Kern van het debat: Er wordt gedebatteerd over de meest efficiënte wijze om 'ventgeld' te innen en zegels te verstrekken aan straathandelaren. De discussie balanceert tussen centrale gemeentelijke controle en een gedecentraliseerde wijkgerichte aanpak.
* De twee systemen:
1. Systeem Gemeente: Een intensieve, korte periode van inning per wijk (één week per maand).
2. Systeem Neeter: Een continue aanwezigheid gedurende de hele maand met vaste betaaldagen voor venters, wat spreiding van de werkdruk beoogt.
* Sociale aspecten: Er wordt gesproken over de financiële last voor venters ('het hooge ventgeld') en het voorstel om beroepsorganisaties een rol te geven als een soort 'spaarfonds', waarbij venters wekelijks kleine bedragen inleggen. Dit document stamt uit een periode (vermoedelijk de jaren '20 of '30 van de 20e eeuw) waarin de regulering van straathandel in grote Nederlandse steden sterk werd geprofessionaliseerd. Venters (zoals lompenventers) waren een essentieel maar vaak arm onderdeel van de stedelijke economie. De overheid probeerde door middel van vergunningen, leges ('ventgeld') en controle ('straatcontrôle') meer grip te krijgen op deze beroepsgroep. Het feit dat er gesproken wordt over "300 registers" en "10.000 venters" duidt op een grootschalige stedelijke operatie, waarschijnlijk in een stad als Amsterdam of Rotterdam. De rol van de 'organisaties' (vakbonden of belangenverenigingen voor venters) was cruciaal om de bureaucratische last voor de individuele, vaak laaggeletterde handelaren te verlichten.