Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en correcties.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en correcties. 21 januari 1941. De Directeur (van het Marktwezen, Amsterdam). [Rechtsboven:]
Amsterdam, 21 Januari 1941.
Den Heer Districtsvertegenwoordiger voor
Bedrijfsorganisatie en Economische aangelegenheden
van de Nationaal-Socialistische Beweging in
Nederland,
Waldeck-Pyrmontlaan 7,
Amsterdam.
[Linksboven:]
No. 24/2/3 M.
[Handgeschreven in de linkermarge, schuin naar boven:]
25/1/41 [onleesbaar monogram/handtekening]
[Handgeschreven in de linkermarge bij paragraaf A:]
Antwoorden
hierop dat
hiermee een
bepaald gedeelte
van de markt
is aangevangen
en het behoud
van de orde
Naar aanleiding van Uw brief van 10 Januari jl. bericht ik U het volgende.
A. de plaatsen op de markten te Amsterdam zijn ingevolge artikel 6 van het Reglement op de Markten: vaste plaatsen of losse plaatsen.
De toewijzing van deze plaatsen geschiedt overeenkomstig het bepaalde in artikel 7 van voornoemd Reglement. Daaruit volgt, dat vaste plaatshouders vóór voorkeurskaarthouders en deze vóór ingeschrevenen op de sollicitantenlijst enz. voor een losse plaats in aanmerking komen. Ten slotte wordt [ingevoegd handgeschreven: zoonodig] onder de niet ingeschreven kooplieden geloot. Uitzonderingen hierop worden in verband met de orde op de markten, slechts voor bepaalde groepen, bijvoorbeeld de standwerkers, toegestaan. Overigens is de onderhavige regeling voor allen gelijk.
B. Krachtens artikel 27, 3e lid van het Reglement op de Markten is het, zonder schriftelijke toestemming van den directeur van het Marktwezen verboden, op de markten andere kramen op te zetten of te hebben, dan die, welke gehuurd zijn van personen, aan wie door Burgemeester en Wethouders vergunning is verleend om kramen, bestemd om op de markt te worden gebruikt, aldaar op een anderen dan voor de markt bestemden tijd op te zetten of te hebben. De bedoelde personen (de kramenverhuurders) betalen ter zake een belasting, het kramengeld, aan de Gemeente. [Handgeschreven aan het einde van de zin:] willen gebruiken
Kooplieden, die [doorgehaald: steeds] hun eigen materiaal [doorgehaald: hebben gebruikt], kunnen op schriftelijke aanvrage, van mij vergunning krijgen, dit materiaal te blijven gebruiken.
[Handgeschreven voor de laatste alinea:] C.
Over den betrokken contrôleur, die reeds vele jaren in dienst van het Marktwezen is, zijn nimmer klachten ontvangen.
Uiteraard moet het personeel de reglementen toepassen, hetgeen nu en dan aanleiding kan geven tot ontevredenheid bij de marktkooplieden. Het personeel heeft echter opdracht, om met de noodige tact op te treden.
De Directeur,
[Ongetekend]
--- * Inhoud: De brief is een formele reactie van de directeur van het Amsterdamse Marktwezen op een schrijven van de NSB. De NSB-vertegenwoordiger heeft blijkbaar vragen gesteld of klachten geuit over de toewijzing van marktplaatsen, het gebruik van eigen materiaal (kramen) en het optreden van een specifieke controleur.
* Toon: De toon is ambtelijk en defensief. De directeur schermt met officiële reglementen (Artikel 6, 7 en 27 van het Reglement op de Markten) om aan te tonen dat de procedures voor iedereen gelijk zijn.
* Correcties: Er zijn opvallende redactionele wijzigingen in punt B. De zin over eigen materiaal wordt aangepast van een vaststelling van verleden gebruik naar een toekomstige wens ("willen gebruiken"), wat de regeling minder strikt maakt of juist specifieker voor nieuwe aanvragen.
* Marginale notitie: De handgeschreven notitie in de marge lijkt een instructie voor een volgend concept of een samenvatting van de kern van de verdediging: dat de regels er zijn voor het handhaven van de orde.
--- Dit document stamt uit januari 1941, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De Nationaal-Socialistische Beweging (NSB) probeerde in deze periode haar invloed op het dagelijks leven en de economische organisatie te vergroten door te interveniëren in lokale aangelegenheden, zoals de Amsterdamse markten.
De markten waren in oorlogstijd van vitaal belang voor de voedselvoorziening en de distributie van schaarse goederen. Tegelijkertijd was dit de periode waarin de anti-Joodse maatregelen van de bezetter steeds heviger werden; Joodse marktkooplieden werden in de loop van 1941 steeds meer geweerd en uiteindelijk naar specifieke "Jodenmarkten" verbannen. Hoewel deze brief specifiek lijkt te gaan over algemene reglementen en een individuele controleur, moet de bemoeienis van de NSB gezien worden in het licht van hun pogingen om de controle over de openbare ruimte en de economie over te nemen van het reguliere ambtelijke apparaat. B. De B. Krachtens C. Marktwezen NSB