Getypt ambtelijk schrijven (doorslag of archiefkopie).
Origineel
Getypt ambtelijk schrijven (doorslag of archiefkopie). 10 maart 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Den Heer H.J. Termeulen, Daniël Stalpertstraat 96 II, Amsterdam-Zuid. [Handschrift]: Verzonden 10/3
[Handschrift rechtsboven]: M. de [onleesbaar]
den Heer H.J.Termeulen,
Daniël Stalpertstraat 96 II,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 14.
25/26/2 M. 10 Maart 1941.
Naar aanleiding van Uw briefkaart van 14 Februari jl. bericht ik U, dat bij een dezerzijds ingesteld onderzoek is gebleken, dat U gedurende het jaar 1940 geen plaats voor den verkoop van eet- of drinkwaren op de markten te Amsterdam heeft bezet.
De Directeur, Dit document is een formele mededeling van een Amsterdamse gemeentelijke instantie aan een burger, de heer H.J. Termeulen. De kern van de brief is de vaststelling dat de heer Termeulen in het kalenderjaar 1940 geen marktplaats heeft ingenomen voor de verkoop van levensmiddelen ("eet- of drinkwaren") op de Amsterdamse markten.
De brief is een reactie op een schrijven (briefkaart) van de ontvanger van bijna een maand eerder. De ambtelijke toon is kort en zakelijk. Het feit dat er een onderzoek is ingesteld ("dezerzijds ingesteld onderzoek"), wijst erop dat de administratie van het marktwezen is geraadpleegd om de bewering of het verzoek van de heer Termeulen te toetsen. De brief is gedateerd op 10 maart 1941, ruim negen maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de regulering van de handel en de voedselvoorziening door de bezetter en de Nederlandse overheden (onder toezicht) sterk toe.
Voor marktkooplieden was het essentieel om over de juiste papieren en bewijzen van standplaatsen te beschikken, zowel voor de distributie van goederen als voor belastingen en eventuele vrijstellingen. De Daniël Stalpertstraat ligt in de Pijp, nabij de Albert Cuypmarkt, wat de link met het marktwezen logisch maakt.
Mogelijk probeerde de heer Termeulen aan te tonen dat hij recht had op een standplaats of een uitkering, of moest hij juist bewijzen dat hij géén inkomsten had uit markthandel in het voorgaande jaar. Het document dient als officieel bewijs van afwezigheid in de marktregisters over het jaar 1940. H.J. Termeulen M. de Boer M. de Graaf Marktwezen